slideshow 1 slideshow 2 slideshow 3 slideshow 3 slideshow 3 slideshow 3 slideshow 3 slideshow 3 slideshow 3 slideshow 3 slideshow 3

Dagboek van een reiziger : Over overpeinzingen, ontmoetingen en de nachttrein

 

 ¨Alles wat ik doe is om te weten wie ik ben."

~ Simon Vinkenoog

 

Uit mijn notities :

Stof tot nadenken, met dank aan gespreksgenoot Patrick. We zaten tot diep in de nacht Changbiertjes te drinken en te praten over de zin van dit alles, toen ik op liet vallen dat ik in sommige opzichten nog erg worstel met mijn verleden, met wie ik was en sommige van de dingen die ik gedaan heb. Mijn relatie met R. speelt daar nog altijd een belangrijke rol in. Patrick keek mij alleen maar aan en zei "Misschien is het in veel opzichten wel noodzakelijk om eerst het negatieve te ervaren en te doorstaan eer je toe komt aan het positieve. Ik ken je nog maar net, maar je komt op mij in ieder geval integer over. Als iemand die graag het juiste wil doen." Ik weet niet waarom, maar ik schoot vol.Blijkbaar had ik het even nodig om te horen dat ik een Goed Mens ben, of op zijn minst probeer te zijn. De dood van Pepper -meer specifiek : mijn beslissing om hem te laten inslapen- drukt blijkbaar behoorlijk zwaar op mijn gemoed. Zo zwaar dat ik begin te twijfelen aan mijn eigen intenties in ..zeg maar alles. Ook met betrekking tot R.

File under : nader onderzoek vereist

(...)

Honderden, duizenden Boeddha's . Allemaal onthoofd, verminkt of compleet verwoest. Ik voel mij als een personage uit een post-apocalyptische film, of misschien wel een Indiana Jones on Acid. Het contrast tussen de vergane luister en de levende stad is schrijnend. In het midden van de stad liggen twee complexen naast elkaar gescheiden door een drukke verkeersweg. Overal tentjes met Thai die je van alles proberen aan te smeren (op een , hoe kan het ook anders, vriendelijke manier) met op de achtergrond de ruïnes van wat twee waanzinnig mooie tempelcomplexen geweest moeten zijn, ooit. Ik ben totaal verbluft, dit is iets dat mijn verstand eenvoudigweg niet kan bevatten.

(...)

 

Volgende stop : Chiang Mai. Na Bangkok de grootste stad van Thailand. Ik hoop dat de sfeer er meer van Ayutthaya dan van Bangkok heeft, anders ben ik er de volgende dag al weer weg. Oh ja, ik heb een reisgenote : ein hüpsches Deutsches mädel die luistert naar de naam 'Anna' . Mental note to self : handjes thuis!

Over de verpletterende indruk die het historische hart van Ayutthaya bij mij heeft weten achter te laten kan je elders al lezen, het is dus zinloos om daar nog verdere woorden aan te wijden. Daarnaast markeerde deze tussenstop op mijn weg door Thailand namelijk wat ik achteraf alleen maar kan beschrijven als de eerste stap naar wat je met een beetje goede wil het herstelproces van een uitputtende, emotionele periode zou kunnen noemen. De dood van Pepper vormde een belangrijk onderdeel (letterlijk : het eindpunt) van de emotionele achtbaan waarin ik mij in de afgelopen jaren terugvond. De schrikmomenten die ik ervaren heb met betrekking tot de gezondheid en het welzijn van mijn ouders vormen een tweede duidelijk markeerpunt, daarnaast was er het plotselinge overlijden van iemand die ik niet alleen in zakelijk opzicht maar ook als persoon erg hoog had zitten. Iemand die in mij geloofde en mij een ongelooflijke kans heeft geboden om te bewijzen wat ik waard ben, wat ik kan zonder enige relevante achtergrond of werkervaring. Om te zien hoe zo iemand in de bloei van zijn leven van de ene op de andere dag kan verdwijnen was confronterend. En als laatste bleef er altijd dat spookbeeld van mijn laatste serieuze relatie als een gloeiende bijna-verschijning op mijn netvlies zichtbaar. Ik wist dat ik mijzelf losgemaakt had ; dat ik alle pijn, verdriet en woede kwijt was... En toch bleef het spoken. Het is niet makkelijk om onder ogen te zien dat je gruwelijk gefaald hebt, dat je over grenzen heen gestapt bent waarvan je jezelf hebt gezworen dat je ze nooit zou overschrijden. En toch, dat is precies wat ik gedaan heb. En net als bij de dood van mijn hondje : het was mijn eigen, wel overwogen keuze.

 

Dit bovenstaande stukje is om aan te geven in wat voor een emotionele gemoedstoestand ik mijzelf terugvond in de tropische hitte van Ayutthaya. De jetlag was inmiddels wel gezakt, maar ik voelde mij nog altijd wegglippen in die emotionele staat van verdoving die ik zo goed heb leren kennen in de afgelopen jaren. Ik verwelkomde die verdoving als een oude vriend, het niet hoeven te voelen was erg fijn. Tegelijkertijd was er dat fluisterende stemmetje in mijn achterhoofd : doe iets. Sta jezelf toe om te voelen. Geef niet toe aan je verlangen de veilige rust van afgestompte emoties. Leef. Doorleef. Geef jezelf iedere dag volledig, zonder enig voorbehoud. Deel. Reflecteer. MENS, LEEF!! (die laatste is vrij vertaald van Nietzsche als ik mij niet vergis)

Tijdens mijn eerste nacht in Ayutthaya had ik - mede door bovenstaande gedachtes die als een (wel) rijdende Fyra door mijn hoofd raasden- nogal wat problemen om in slaap te vallen. Voor mijn vertrek had ik mijn mp3speler volgezet met muziek, en als vanzelf begon ik te luisteren naar 'Ja!' van het Vinkenoog/Spinvis combo (wat overigens een briljante plaat is , maar dat terzijde). Aangekomen bij het titelnummer kwam Simon zelf binnen als een mokerslag, met woorden die over de rand van zijn graf heen mij wisten te bereiken :

Ja! Tegen het jungleavontuur
Ja! Tegen de herinnering
Ja! Tegen de kracht der verbeelding
Ja! Tegen het avontuur van de kunst
Ja! Tegen de malaise en misère
Ja! Tegen het leven
Ja! Tegen het hoogste woord

~Simon Vinkenoog & Spinvis - Ja!

Waarom was ik opgehouden met 'Ja' zeggen tegen het leven? De rouw en het verdriet zouden juist eerder een inspiratiebron moeten zijn om het leven te omarmen, had ik dan daadwerkelijk helemaal niets geleerd in de 37 jaar die ik op deze kneuterige kleihoop in een vergeten uithoek van het universum rondgewandelde? Dit besef frustreerde mij alleen nog maar meer omdat dit nu net het punt was waar ik keer op keer tegen een muur aanliep. En die muur bleek harder, hoger en steviger dan alle muren die ik tot nu toe was tegengekomen in mijn leven. Ik zag waar het misging, ik wist wat dit betekende en wat ik er aan zou moeten doen..maar ik zag geen enkele uitweg meer. Om mij heen  zag ik mensen -en uiteraard Pepper- wegglippen uit mijn leven, soms overgeleverd aan de dood ; vaak uit desinteresse of praktische overwegingen. En ik keek toe, analyseerde, haalde mijn schouders op en ploegde verder tegen de emotionele orkaan in. Doodrationaliseren, dat is inmiddels wel een karaktereigenschap die ik aan mijn palet van vaardigheden en kernkwaliteiten kan toevoegen met het stempel 'expert' er opgeplakt.

En toen kwam op mijn tweede ochtend in Ayutthaya Anne mijn leven binnengehuppeld. Zo ongeveer letterlijk ;-) . Anne reisde alleen, was net zoals ik naar Thailand vertrokken om eens goed over een aantal dingen na te denken en binnen een half uur hadden we al afgesproken om een weekje samen op te trekken en te kijken of dat beviel omdat het zo goed klikte tussen ons. Meteen na die afspraak volgde de blik. De 'uhhh moeten we hier nu iets mee?' blik. Na een gezamenlijke lachbui besloten we dat in Chiang Mai een gezamenlijke kamer in een guesthouse geen probleem zou zijn maar dat het netjes handjes boven de dekens en geen gerommel in de marge zou worden, en vreemd genoeg voelde ik daar een soort van opluchting bij. Dergelijke verwikkelingen zouden mij afleiden van de reden waarom ik hier was, en dat zou niet ok zijn. Toen we er later in een openhartig gesprek samen op terugkeken onder het genot van een paar (lees : teveel) Mojito's kwamen we tot de conclusie dat het zowel doodzonde zou zijn geweest als het wel tot gerommel in de marge gekomen was als dat het een doodzonde was dat het uiteindelijk niet tot dat eerder genoemde gerommel in de marge gekomen was. Waarna er nog één keer de blik opdook en tussen ons in zinderde, maar verder dan een zoen en eindeloze knuffel is het nooit gekomen. Eén doodzonde is immers al meer dan genoeg, waarom nog een tweede begaan en daarmee die eerste ook nog zinloos maken?

Dus het was samen met haar dat ik een paar dagen later in de trein richting Chiang Mai stapte, een reis van meer dan elf uur. En terwijl Thailand in al haar glorie aan ons voorbij glipte en iedere meter mij dichterbij het volgende avontuur bracht merkte ik plots dat er iets veranderd was. Ik voelde mij minder bedrukt, ik genoot van de groeiende band tussen mij en Anne en de energie leek langzaam maar zeker in mij terug te keren. Hier begon ik ook aan de papieren versie van 'dagboek van een reiziger' in een poging om mijn bespiegelingen , ervaringen en emoties te vangen en ze in woorden terug te geven aan de wereld. Dat ben jij, als je dit leest. Ik merkte dat ik door mijn schrijven ook meer in een beschouwende geestestoestand terechtkwam die voor de verandering eens niet als een verdoving maar als een verrijking voelde. Mijn emoties gierden bij tijd en wijle door mijn lichaam, maar het was ok. Ze waren er,en ze zouden ook weer vanzelf gaan. Ik vond een afleiding-maar-ook-weer-niet in het boek 'het lucifer effect' van Philip Zimbardo , een boek over het Stanford Prison Experiment. Voor de mensen die te lui zijn om op een linkje te klikken :

In een nagebootste gevangenis kregen ‘normale' studenten willekeurig de rol van bewaker of van gevangene toebedeeld. Hoewel het de bedoeling was het experiment twee weken lang te laten duren, moest het na zes dagen worden afgebroken omdat de studenten geen onderscheid meer konden maken tussen spel en werkelijkheid. Twee gevangen waren na een zenuwinzinking afgevoerd, een gevangene was in hongerstaking, een lag non-stop te schreeuwen in de isoleercel, de overigen gaven afgestompt en apathisch gehoor aan de bevelen van de bewakers te marcheren, zich op te drukken en seksuele spelletjes te doen.

Zimbardo voelde zich schuldig dat hij niet eerder had ingegrepen en kon decennia lang geen boek over dit onderwerp schrijven. Pas toen hij in 2006 getuigendeskundige was bij het Abu Ghraib-proces voor een Amerikaanse soldaat die beschuldigd werd van martelpraktijken realiseerde hij het belang van zijn onderzoek. Zimbardo wist maar al te goed dat dit geen individuele uitwassen waren maar gewone mensen die zich door de groepsdynamiek lieten verleiden.

Op een vreemde manier sloot het boek aan bij mijn eigen persoonlijke worsteling. Om enigszins een idee te geven van waar ik het over heb , hier is zijn TedTalk . Als je 23 minuten van je tijd kan missen : niet twijfelen maar klikken :)

De nachttrein naar Chiang Mai is een beleving op zich. Je reist hemelsbreed 500 kilometer per spoor, maar het klimaat en de omgeving verschillen volstrekt van elkaar. Terwijl de avond langzaam maar zeker overging in een pikdonkere nacht werden onze gemakkelijke banken door een bereidwillige conducteur omgebouwd tot wat ik niet anders kan omschrijven dan een behoorlijk aangenaam bed. Ik lag wederom wakker die nacht, peinzend over de keuzes en toevalligheden die in dat moment en op die specifieke plek hadden doen belanden. Thailand was het perfecte land voor mijn queeste naar innerlijke rust, zoveel was mij inmiddels wel duidelijk geworden. De Thai zijn een ontspannen, positief gestemd maar trots volk. Een open boek maar zonder inhoudsopgave of register, zodat hun gewoontes en eigenaardigheden in eerste instantie verborgen blijven achter je eigen vooroordelen. In Bangkok ben ik een aantal keren echt woest geworden nadat ik voor de zoveelste keer door een ontzettend vriendelijke (en gehaaide..) local afgezet was, maar uiteindelijk ben ik het gaan begrijpen. Het vermogen om een rol te spelen en daar voordeel uit te behalen zit diep verankerd in de Thaise volksaard, net als de eeuwige glimlach met tientallen genuanceerde betekenissen. Beide zijn volstrekt vreemd voor iemand die uit een 'fake plastic smile' cultuur zoals wij hier in Europa kennen afkomstig is. En daar lag dus de eigenlijke bron van mijn frustratie : de Thai glimlachen zó volledig en naturel dat ik volstrekt voor de bijl ging, iedere keer opnieuw. En dat voor iemand die trots is op zijn vermogen om mensen 'te lezen' , Thailand was in dat opzicht een les in nederigheid..

De stations werden zo halverwege de reis steeds kleiner, ik heb er tijdens die nachtelijke reis voorbij zien komen die uit niets anders dan een bordje naast het spoor bestonden. Tegelijkertijd zag ik hoe het landschap veranderde, van relatief vlakke en gecultureelde gebieden tot aan rotsachtige heuvels met oerwoudbegroeiing. Het laatste stuk naar Chiang Mai gaat door wat eigenlijk de uitlopers van de Himalaya zijn, maar dat verhoudt zich ongeveer tot elkaar als de sint Pietersberg bij Maastricht tot aan de Pyrineeen op de Frans/Spaanse grens. Anne bleek ook niet te kunnen slapen, dus ik kroop bij haar op het bed waarna we in een fluisterend gesprek over relaties en 'het leven' spraken. Het was een bevlogen gesprek waarbij we volledig open en eerlijk met elkaar van gedachten wisselden en ervaringen vergeleken, met af en toe een verlegen glimlachje of schaterlach tussendoor. Het ging over Vroeger, over NU en over Ooit. De uren vlogen voorbij in wat minuten leken, en uiteindelijk lagen we samen tegen elkaar aan naar de opvlammende kleuren van een prachtige zonsopgang te staren terwijl we over het spoor richting het noorden raasden.

Toen de trein eindelijk stopte en we samen op het station van Chiang Mai met vermoeide ogen tegen het felle zonlicht stonden te knipperen voelde ik ergens diep verborgen onder mijn gebruikelijke laag van wantrouwen het eerste echte glimpje van vertrouwen op een goede afloop van mijn reis. Dat voelde ietwat onwennig..

 

 

Dagboek van een reiziger : Dharma Bums onderweg naar Ayutthaya

 

I see a vision of a great rucksack revolution thousands or even millions of young Americans wandering around with rucksacks, going up to mountains to pray, making children laugh and old men glad, making young girls happy and old girls happier, all of 'em Zen Lunatics who go about writing poems that happen to appear in their heads for no reason and also by being kind and also by strange unexpected acts keep giving visions of eternal freedom to everybody and to all living creatures ...
~Jack Kerouac, The Dharma Bums

 

Uit mijn notities :

 

Weer een item voor de bucketlist : in de 3e klasse met de trein van Bangkok naar Ayutthaya reizen. In tegenstelling tot de tuktuk ride in Bangkok kan je deze beter als eerste doen want het kon wel eens langer duren dan gedacht. Op een reis van 1u meer dan 3u vertraging oplopen is een prestatie op zich.

(..)

Wat een verademing, hier zijn de mensen echt veel relaxter dan in Bangkok. Ben nu al 48u hier en er is nog niemand die mij afgezet heeft! (of eh..het is zo subtiel dat ik het niet eens door heb). Het historische deel van Ayutthaya is echt indrukwekkend, ik heb nu pas écht het gevoel in Thailand te zijn. De schaal van verwoesting die ik vandaag met eigen ogen gezien heb is echt ongekend. Niet te bevatten. Duizenden beelden, allemaal onthoofd. Paleizen en tempels die nagenoeg met de grond gelijk zijn gemaakt. En dan de Thai die er ogenschijnlijk onaangedaan en vrolijk glimlachend naast doorlopen. Bizar.

Daar zit je dan op het centrale station van Bangkok in de smorende hitte van bijna 40 graden celcius te kijken naar een niet aflatende stroom van Thai, afgewisseld met een incidentele buitenlander. Altijd is er even die korte blik en die wetende glimlach. De glimlach van de globetrotter, de rugzak reiziger die zich volledig overgeeft aan een vreemd land waar hij de taal niet spreekt en hij (zij) zich overgeleverd weet aan zijn eigen vindingrijkheid en de behulpzaamheid van anderen. De wetende blik van een ander die zelf aan de lijve heeft ervaren hoe het is, die ervaring waar je honderden, misschien wel duizenden woorden aan kan wijden zonder dat je de essentie ooit gaat weten over te brengen. Eén van mijn grote voorbeelden als schrijver (Terry Pratchett) schreef daar ooit eens over  : "Let me put forward another suggestion : That you are nothing more than a lucky species of Ape that is trying to understand the complexities of creation via a language that evolved in order to tell one another where the ripe fruit was?"

Maar daar zit je dan. Voor je staat een trein al meer dan een uur te wachten, en voor de derde keer loop je naar een vriendelijk glimlachende en ogenschijnlijk meer dan bereidwillige Thai af om te vragen of dit de trein is die je moet hebben ; gelouterd en wijzer door je eerdere ervaringen in Bangkok knoop je eerst een gesprek aan in stonecoal english ;-) om vervolgens de prangende vraag te stellen : 'Is this the train to Ayutthaya?' Een snelle blik opzij, gevolgd door een onzekere glimlach. Kut nee, niet wéér! Ik houd van de Thai, echt waar. Maar de nuchtere Westerling in mij kan het echt niet hebben dat bijna niemand het simpele woordje 'no' of 'don't know' uit lijkt te willen spreken. Voor de verandering besluit ik eens vasthoudend te zijn : "Who can I ask?" De man lijkt bijna opgelucht en zwaait vrolijk naar een oude bejaarde die aan het uiteinde van het perron in de verte zit te staren. 'You ask him! He know!' En zuchtend pak ik mijn backpack weer op en loop naar de oude man toe, laat mijn (handgeschreven én gestempelde!) treinkaartje zien, wijs naar de trein en stel opnieuw mijn brandende vraag. 'This train to Ayutthaya?' De man neemt mij eens geduldig op, pakt mijn kaartje vast om dit een paar minuten uitgebreid te bestuderen, kijkt nog eens naar de trein en naar mij om dan met een brede glimlach : 'yes' te antwoorden ; ogenschijnlijk dolblij dat hij mij van dienst heeft kunnen zijn. Ik besluit om mijn geluk op de proef te stellen en wijs op de stationsklok , dan naar mijn kaartje en als laatste naar de trein : 'What time?' De glimlach wordt nóg breder en een gelukzalig gevoel maakt zich van mij meester. Jawel, deze man heeft het antwoord op ál mijn vragen! Een hoestbui volgt, waarna de krasse oude knar een peuk opdiept uit zijn verfomfaaide overhemd, die aansteekt en er nog eens goed voor gaat zitten. 'Soon' is dan zijn alomvattende antwoord. Ik hijs mijn backpack op mijn rug, bedank de oude man met de traditionele Thaise groet en slof weer terug naar het perron.

Weer een uur later zit ik met op een ietwat ongemakkelijk harde houten bank ingeklemd tussen een aantal Thai door het geopende (want : glasloze) raam naar buiten te staren terwijl de trein zich al steunend en krakend voorzichtig in beweging zet. Mijn dromen van een Orient Express achtig reis zijn op dat punt al ruw aan diggelen gegaan door de levende have (kippen) en smakkende mensen om mij heen. Terwijl ik mij die van binnen zit af te vragen of ik misschien toch niet beter 2e of zelfs 1e klas had kunnen reizen passeert er plots een vrolijk beschilderd treinstel, de vrouw naast mij tikt mij vrolijk lachend (dat zal op dit punt geen verwondering bij mijn lezers meer oproepen) op mijn schouder en begint (naar ik aanneem) enthousiast verhaal over de herkomst en het doel van de 'library train' zoals dez wagons heten in het Thais tegen mij af te steken. Ik reageer door breeduit te glimlachen en vrolijk 'yes! yes!!' te roepen terwijl ik nog even snel een foto schiet met de camera van mijn telefoon, dit tot groot plezier van de vrouw die om de één of andere reden ontzettend blij en trots is met het feit dat ik deze foto neem. Al snel raakt ze in gesprek met de andere Thai om mij heen terwijl ik de dopjes van mijn Mp3speler in mijn oren plug en mijn Lonely Planet nog maar eens uit mijn tas trek. Een uurtje reistijd, en dan mijn Guesthouse in Ayutthaya maar eens zien te vinden..

 (Later begreep ik pas waarom de vrouw zo trots was, lees hier meer over de achtergrond en het doel van de Library train in Bangkok)

Een aantal uren (vier om precies te zijn) later vind ik mijzelf terug bij het station van Ayutthaya, waar ik -uiteraard- meteen aangeschoten wordt door een overdreven vriendelijke TukTuk driver die wil weten waar ik naar toe ga. Gelouterd door mijn ervaringen in Bangkok -ten onrechte zou later blijken- wijs ik hem vriendelijk af, hijs mijn backpack op mijn schouders en sla rechts af. Om vervolgens (jazeker, ik en mijn legendarische gevoel voor richting) na een kwartier tot de ontdekking te komen dat ik toch écht wel de verkeerde kant op aan het sjokken was en dus weer net zo vrolijk terug te lopen ; dit maal wél in de juiste richting. Wederom langs de verzameling Tuktuk's waar de Thai mij tot hun grote vrolijkheid al zwetend weer langs zagen komen, en al hoofdschuddend en hardop lachend keken ze mij na terwijl ik met een licht rood hoofd doorstapte op weg naar mijn Guesthouse.

Eerlijk is eerlijk, tijdens mijn wandeling die zich over een kilometer of vijf uitstrekte begon ik mij langzamerhand wel te realiseren waarom de Thai een hekel hebben aan lopen. Dat is in de eerste plaats een cultureel iets (alleen de allerarmsten kunnen zich geen Tuktuk of scootertaxi veroorloven) , maar het is er ook gewoon TE FUCKING HEET. Ik heb al aardig wat afgewandeld in de laatste jaren, maar Thailand is wel het land waar mijn lijf daarvoor de zwaarste tol te betalen had. Niemand loopt in Thailand, tenzij er echt geen enkele andere optie is, en mijn gewoonte om zoveel mogelijk te voet te doen heeft mij heel wat verbaasde blikken en goedmoedige spot van de lokale bevolking opgeleverd. In hun ogen moet het ook wel heel erg vreemd zijn, zo'n ogenschijnlijk rijke westerling (immers : genoeg geld om vanuit Nederland naar Thailand te vliegen en er een maand te blijven) die vervolgens als ware hij een arme sloeber vrolijk lopend de omgeving doorkruist. Uiteindelijk heb ik mijn pogingen om uit te leggen dat ik gewoonweg graag loop om de omgeving te verkennen maar opgegeven (deze waren immer toch gericht aan dovemansoren) en wees ik op mijn licht uitpuilende buik om aan te geven dat ik graag af wilde vallen. Dat leken ze tenminste nog enigszins te begrijpen :-)

En na die vijf kilometer wandeling wachte mij dan toch eindelijk mijn eigen oase in de hete bakoven van Ayutthaya : Baan Eve. Ik werd er opgewacht door een vrouw van middelbare leeftijd die na één blik op mijn bezwete en inmiddels vuurrode gezicht mij een literfles koud water toeschoof en mij dringend adviseerde om even te gaan zitten en tot rust te komen. Dankbaar voor dit rustmoment nam ik plaats achter één van de houten tafels in het centrale deel van de Guesthouse en nam mijn omgeving eens goed in mij op, ondertussen genietend van de verfrissing die het ijskoude drinkwater te bieden had. Baan Eve ligt ongeveer aan de rand van het eiland, in een rustige (doodlopende) dwarsstraar van wat je met een beetje goede wil de ringweg op de rand van het eiland zou kunnen noemen. Het centrale deel waar ik mij bevond bleek een ecologisch gebouwde boomhut van twee verdiepingen met op de onderste verdieping een aantal grote, eenvoudige houten eettafels en banken en op de bovenverdieping een aantal hangmatten en zitplekken. Toen de vloedgolf aan zweet en mijn hartslag eenmaal tot acceptabele proporties gedaald waren liep ik op mijn gemak eens richting receptie, waar dezelfde vriendelijke vrouw die mij opgevangen had mij resoluut weer terug verwees naar mijn zitplaats. 'You stay, I will come' . Met een brede glimlach schuifelde ik weer terug, Dit was een typische Thaise  'mama' , ogenschijnlijk zeer onderdanig en vriendelijk maar daaronder ontzettend resoluut en bijna dwingend in haar vriendelijkheid en gastvrijheid.

Na de formaliteiten van het inchecken en inspecteren van mijn kamer (en een overheerlijke douche!) besloot ik dat het tijd was om de vermoeidheid van mijn treinreis en de daaropvolgende wandeling even van mij af te laten glijden en vond mijzelf na een half uurtje heerlijk doezelen terug in de volgende positie :

 

En het was precies op dit moment dat ik voor het eerst alle stress van thuis en mijn reis naar het verre Oosten achter mij voelde liggen en kon genieten van het feit dat ik dan toch, eindelijk, in het échte Thailand was. En het was heerlijk. Alle twijfel die ik tot op dat punt gevoeld had verdween als de spreekwoordelijke sneeuw voor de zon, zeker toen ik later diezelfde dag de weerberichten uit Nederland zag. Mijn god, -3  ; sneeuw en hagel. En daar lig je dan, 38 graden en een strakblauwe lucht - en een vieze grijns op je gezicht.

 

Dagboek van een reiziger : Bangkok & beyond

 

In another moment Alice was through the glass, and had jumped lightly down into the Looking-glass room. The very first thing she did was to look whether there was a fire in the fireplace, and she was quite pleased to find that there was a real one, blazing away as brightly as the one she had left behind. "So I shall be as warm here as I was in the old room," thought Alice: "warmer, in fact, because there'll be no one here to scold me away from the fire. Oh, what fun it'll be, when they see me through the glass in here, and can't get at me!"

~ Lewis Carroll : Through the Looking-Glass, and What Alice Found There

 

Uit mijn reisdagboek :

 

Holy Shit. Bangkok. Wat een stad. Architectonische chaos. Tempels op iedere straathoek. En dan het verkeer..Gekmakend. Toeterend. Tuktuks, taxi's en bussen krioelen door elkaar heen als mieren in een mierenhoop. En.het.gaat.maar.door... 24u per dag, zonder enige adempauze. Mental note : betekent mijn tattoo in het Thais 'happy end' of 'need tuktuk ride' ?

(...)

In het kader van mijn bucketlist / ten things to do before you die : Een tuktuk rit maken in hartje Bangkok is de moeite waard. Zorg wel dat dit het laatste puntje van je lijst is, voor de overige kon het anders wel eens te laat blijken te zijn.

(...)

Godverdomme, de eerstvolgende keer dat ik zo'n veel te oude lelijke europese vetklep van een jonge Thaise vrouw zie eisen dat zij hem op zijn mond zoent bij het afscheid en zij met een blik van walging op haar gezicht gehoorzaamd sla ik hem op zijn bek, Thaise bajes of niet. Walgelijk. Nog zoiets, waarom kleden al die Thaise vrouwen zich 's avonds laat als hoertjes? Of ben ik nu verschrikkelijk naïef? (latere toevoeging : de vraag stellen is hem beantwoorden..)

Zoals misschien al uit een eerdere post van mij op te maken viel was het bepaald niet liefde op het eerste gezicht tussen mij en Bangkok. In tegendeel, ik refereerde het grootste deel van mijn reis aan 'de hel van Bangkok' zodra het over de metropool ging. Nu ben ik van oudsher ook niet écht een stadsmens, maar Bangkok hield voor mij een dusdanige cultuurshock in dat de weerstand die ik voelde in eerste instantie niet te overwinnen was. Ten eerste is er het lawaai. Waar je ook bent, hoe laat (of vroeg) het ook is, er valt niet te ontkomen aan de continue geluidsstroom van het verkeer. Ik heb al wat meer grote steden gezien in die bijna 38 jaar dat ik rondwandel op deze aardkloot, maar een stad met 12 miljoen + inwoners (afhankelijk van wat je tot Bangkok wil rekenen, de oude stad zelf zo'n 8 miljoen, compleet met voorsteden etc zo'n 15 miljoen) was wel even slikken. De smog, het klimaat, de drukte, de chaos..Het waren nogal wat indrukken die ik te verwerken kreeg terwijl ik stijf stond van de jetlag. Ik had voor mijn vertrek nog de tegenwoordigheid van geest gehad om een hotel te boeken voor de eerste twee nachten, en dat bleek een ontzettend goede zet. Na bijna 20u onderweg te zijn geweest en geen minuut slaap gehad te hebben (hoe de fuck kunnen mensen slapen in een vliegtuig? serieus..) was het een geschenk uit de hemel om mijn taxichauffer (de eerste in een lange rij van vriendelijk glimlachende Thai die mij behoorlijk wist af te zetten) eenvoudigweg een adres onder zijn neus te kunnen drukken om vervolgens achterin de taxi weg te zakken en te genieten van het uitzicht tijdens mijn rit naar het hotel.

Omdat het midden op de dag was kreeg mijn lichaam meteen de volle laag van het tropische klimaat (37+ graden) te verwerken, wat naast de lichamelijke uitputting van de reis eigenlijk wel de genadeklap was. De rest van de dag heb ik in een half slapende, half wakende toestand op mijn hotelbed naar de tv liggen te staren terwijl buiten de stad zijn razende gang ging. In die eerste uren vloog regelmatig een 'waar de FUCK ben ik aan begonnen' -achtige gedachtenstroom door mijn hoofd, het hele 'ik regel helemaal niets en zoek ter plekke wel uit wat ik ga doen'  principe waar ik zo van kan genieten tijdens mijn reizen leek plots wel een tikkeltje naïef en voorbarig ; het voelde alsof ik op het punt stond om te verzuipen in alle indrukken en prikkels die deze vreemde stad tienduizenden kilometers verwijderd van de plek die ik 'thuis' noem te bieden had.

 

Zoals dat gaat met die dingen : de volgende dag voelde ik mij al iets beter hoewel de nacht mij slechts een aantal uren van ongestoorde slaap had weten te bieden. Na een eerste voorzichtige verkenning van mijn omgeving en een lichte maaltijd (en, shame on me : de tweede keer dat ik door een vriendelijk glimlachende Thai afgezet werd voor een Tuktuk ritje van nog geen 10 minuten) zocht ik al snel weer de betrekkelijke rust en veiligheid van mijn hotelkamer op alwaar ik wederom een fors aantal uren doorbracht met op bed liggen in een roes van halfslaap. Vaag herinner ik mij nog een live rapportage op Tv over de viering van het Thais/Chinese nieuwjaar, tevens mijn eerste kennismaking met het feit dat de Thai graag uitgebreid de tijd nemen voor alles (de viering duurt gewoon 10! dagen..). De tweede keer dat ik mijzelf van mijn hotelkamer wist af te slepen voelde ik mij wederom iets beter, hoewel ik - eerlijk is eerlijk- de combinatie van jetlag + de plotselinge klimaatwissel behoorlijk had onderschat van te voren. NA een halve liter bier + stevige maaltijd bij het Duitse restaurant aan de overzijde van de straat voelde ik mij in ieder geval goed genoeg om de stad nog even wat verder te verkennen. Op dit punt hoef ik alleen maar (nogmaals..) te refereren aan mijn eerdere post over Bangkok om uit te leggen hoe de rest van die dag verliep, en ergens in de late avond (het is in Bangkok 6u later dan hier) begon langzamerhand de realisatie van de manier waarop de Thai de touristen weten te bespelen tot mij door te dringen, mede door een ontzettend interessant gesprek dat ik met een Nederlandse expat had terwijl we op de stoep van het hotel zaten te roken.

Het heeft even geduurd eer ik mijzelf over mijn weerzin tegen bepaalde culturele verschillen (de eeuwige glimlach die zo ontzettend veel verschillende betekenissen kan hebben, het eeuwige 'schudden aan de geldboom' zoals ik het voor mijzelf ben gaan noemen, de honderden - vaak bloedmooie-  jonge Thaise vrouwen die ik tegengekomen ben die zich voor geld letterlijk verhuurden -of moet ik zeggen 'verhoerden'?- aan de meest afgrijselijke  types ) heen kon zetten, dat lukte om eerlijk te zijn pas tijdens een later tijdstip van mijn reis toen ik vertrouwder was geraakt met de authentieke Thaise cultuur. En toch, zoals in de quote van Lewis Carroll hierboven ook al zo prachtig omschreven staat ; de realisatie dat mijn reis wel eens precies kon gaan brengen waar ik voor mijn vertrek op gehoopt had begon langzaam tot mij door te dringen. Links en rechts kan je ook in Bangkok de dingen vinden die Thailand zo mooi en zo totaal anders maken dan waar je als nuchtere nederlander zo vertrouwd mee bent, en tussen alle bedriegers vind je alsnog genoeg Mooie, authentieke mensen (niet eens zo heel anders dan in Nederland nu ik er zo over nadenk) die open staan voor een gesprek met een farang.

Toch was ik blij om na twee nachten afscheid te kunnen nemen van de kolkende smeltpot die Bangkok heet en per trein af te reizen naar wat mijn eerste cultureel / historische stop zou gaan worden : Ayutthaya. Of zoals ik in mijn notities schreef :

Ik hoop dat er in ieder geval minder fucking tourist traps zijn!

 

 

Dagboek van een reiziger : Hemel en Hel

 

We live together, we act on, and react to, one another; but always and in all circumstances we are by ourselves. The martyrs go hand in hand into the arena; they are crucified alone. Embraced, the lovers desperately try to fuse their insulated ecstasies into a single self-transcendence; in vain. By its very nature every embodied spirit is doomed to suffer and enjoy in solitude. Sensations, feelings, insights, fancies—all these are private and, except through symbols and at second hand, incommunicable. We can pool information about experiences, but never the experiences themselves. From family to nation, every human group is a society of island universes.
Aldous Huxley, The Doors of Perception

 

Toen ik op een kille vrijdagochtend met mijn backpack op mijn rug richting Sloterdijk liep om te vertrekken naar Schiphol kon ik mijn tranen om het verlies van mijn  trouwe metgezel plots niet meer bedwingen. Moet nogal een fraai gezicht zijn geweest, zo'n halflangharige hippie in veel te zomerse kleding die al jankend richting perron wandelde. Mijn hoofd tolde van alle tegenstrijdige emoties en gedachten die eindeloos om elkaar heen bleven dwarrelen als sneeuwvlokjes in een Februaristorm. Hoe had ik het in mijn hoofd kunnen halen om deze uitdaging met mijzelf aan te gaan terwijl mijn hondje onlangs zijn laatste levensadem in mijn armen uitgeblazen had? Wie was ik om alles achter te laten en een maand 'vakantie' te gaan vieren onder de tropische zon, terwijl mijn hele huis nog de geur van mijn lieve Pepper droeg, zijn haren nog ronddwarelden en zijn halsband op een prominente plek in mijn woonkamer de stille getuige van mijn moordenaarshand lag te zijn? Onder al het verdriet - vermengd met een ongezonde dosis zelfhaat - zat echter een vonk van vreugde, de lichte trilling van verwachting. Een sprong in het diepe. Ogen dicht, schouders recht en mijzelf na een inmens zwaar en verdrietig jaar onderdompelen in de Zon -zowel letterlijk als figuurlijk. Terwijl de trein langzaam op vaart kwam en het daadwerkelijke beginpunt van mijn reis met iedere staal-op-staal kadans dichterbij kwam hervond ik mijn innerlijke rust en kalmte enigzins. Het was de juiste beslissing geweest. Het moest gebeuren. Juist het feit dat ik Pepper een nog langere martelgang en aftakeling bespaard had maakte mij tot een goede baas. Ik was al veel verder gegaan in de verzorging en begeleiding van mijn hondje dan de meeste mensen die ik ken gedaan zouden hebben. Zijn laatste maanden waren zwaar geweest, het verliezen van zijn zindelijkheid maakte mijn huis bij vlagen tot een verschrikkelijke plek om te zijn, en toen ik in zijn ogen de vermoeide, wezenloze blik gezien had was het moment van die laatste, hartverscheurende beslissing gekomen. Het was beter zo.

Maar vergeven kon ik het mijzelf niet.

Achteraf bezien (en Captain Hindsight heeft altijd gelijk) was het de juiste beslissing om -letterlijk- afstand te nemen van alle pijn, onzekerheid en rouw die in Nederland om mij heen hingen als motten die om een gloeilamp en te vertrekken naar het land waar ik niet alleen mijn hart verloren heb, maar het godzijdank ook weer terugvond. De stukjes die als titel 'dagboek van een reiziger' meekrijgen dragen die naam omdat zij allemaal gebaseerd zijn op de notities en observaties zoals ik die geschreven heb terwijl ik onderweg was, veel puurder en subjectiever dan dit gaat het denk ik niet worden. Vanaf de eerste stap richting trein op die kille vrijdagochtend tot aan de laatste stap over de drempel van de plek die ik 'thuis' noem was mijn reis een achtbaanrit van emoties, indrukken en bespiegelingen. De -broodnodige- verandering waar ik zo naar verlangde is in gang gezet, dat voel ik in iedere vezel van mijn lijf. Terugval of niet (en god weet dat ik ze heb op de meest ongemakkelijke momenten), iedere dag is er nu weer één van stapjes in de richting die ik voor ogen heb. Voor iedereen om mij heen die met mij mee wil wandelen : je bent van harte welkom.

 

Voor de anderen : So long, and thanks for all the fish.

 

Ko Payam - Landing in het paradijs

 

"By having good memories on every place you just visit, you are building paradise in your own heart and your life."

―  Toba Beta

 

Dit is het punt waar mijn eigenlijke reisverslag en mijn persoonlijke bespiegelingen uiteindelijk samenvallen en in elkaar samenvloeien in mijn notebook. Ik heb er voor gekozen om deze te scheiden in de posts die ik tot nu toe gemaakt heb, omdat mijn reis door Thailand eigenlijk ook daadwerkelijk bestond uit twee reizen in één, de reis van mijn fysieke ik en mijn ratio, versus mijn zielereis en emoties. Voor nu ga ik deze even gescheiden houden, aangezien mensen die op zoek zijn naar informatie en foto's die met Thailand te maken hebben niet persé opgezadeld hoeven te worden met mijn zieleroerselen, en de mensen die daadwerkelijk interesse hebben in mijn persoonlijke belevenissen hoeven niet persé door honderden woorden aan indrukken en geschiedenislessen heen te scrollen.

 

Dit was mijn eerste blik op Ko Payam (ook wel Ko Phayam, niemand lijkt het er over eens te zijn hoe je het nu daadwerkelijk schrijft), in Google Earth - en ik wist meteen dat dit de plaats zou zijn waar ik mijn laatste week in Thailand wilde slijten. Ver weg van alle fullmoon parties, de exclusieve duikresorts en de toeristen die op zoek zijn naar minder legaal vertier. Het is een paradijselijk eiland dat zo uit een Bountyreclame lijkt te komen, zo mooi dat het bij vlagen onwerkelijk overkomt. Een eiland zonder wegen, zonder auto's, waar elektriciteit nog een luxe is in plaats van een gegeven feit. Een 20tal plekken met bungalows verspreid over de Noord- en Westkust waar je als toerist kan neerstrijken en genieten van de waanzinnige stranden en omgeving. Helaas was het op dit punt dat mijn camera dan toch de geest gaf en weinig bruikbare foto's heeft opgeleverd, maar dat is verder eigenlijk irrelevant. Zoals de openingsquote van deze post al zo prachtig weergeeft, het paradijs zit in je geest en in je hart, het wordt gevormd door al je herinneringen en belevenissen en die draag je mee zolang als je maar wil ; zolang als je ze belangrijk laat zijn.

Een overzicht in foto's :

 

Ko Payam is dus absoluut niet de plek waar je wil zijn als je op zoek bent naar vertier en cultuur, maar als je op zoek bent naar een paradijselijk stukje Thailand waar je nog echt kan genieten van zon, zand , zee en natuur zonder geconfronteerd te worden met busladingen van toeristen dan is er geen betere keuze mogelijk. Niet dat ik de indruk wil wekken dat het een saaie bedoening is, verre van dat. Er zijn wel feestjes, maar die hebben misschien 40 - 100 bezoekers max (in tegenstelling tot de duizenden die op de andere eilanden gezamenlijk los gaan op het strand) ; het volume van de muziek blijft beschaafd en het illegale drugsgebruik blijft beperkt tot de eeuwig blowende dreadlock dudes op het strand.

 d

 

 

Sukhothai - Vergaan maar niet vergeten

 

The stones here speak to me, and I know their mute language. Also, they seem deeply to feel what I think. So a broken column of the old Roman times, an old tower of Lombardy, a weather- beaten Gothic piece of a pillar understands me well. But I am a ruin myself, wandering among ruins.

Heinrich Heine

 

Sukhothai was de bakermat van wat wij nu kennen als de Thaise beschaving ( gegrondvest in of rond 1238), een luisterrijke stad  die -net als Ayutthaya- uiteindelijk met de grond gelijk gemaakt is door binnenvallende vijandige volkeren. Dit rijk was tevens het beginpunt van het Boeddhisme als staatsgodsdienst (correcter zou zijn : levensovertuiging) zoals  in het tegenwoordige Thailand nog steeds het geval is.Eendachtig de veerkracht die de Thai nu eenmaal lijkt te kenmerken bouwde men na de vernietiging van de originele stad een kilometer of 12 verderop eenvoudigweg een nieuwe stad onder dezelfde naam, tegenwoordig een populaire bestemming voor toeristen. Die laatstgenoemden komen bijna allemaal voor het Historical Park, de resten van de originele stad die -wederom net als Ayutthaya- tegenwoordig op de werelderfgoed lijst van Unesco staat. De schaal van vernietiging is iets (maar dan ook echt iets) kleiner dan die in zusterstad Ayutthaya, het laat zich aanzien dat de Khmer strijders iets minder grondig te werk zijn gegaan dan de Birmezen. Uiteindelijk is Sukhothay een 140 jaar lang het centrale punt van het opkomende Thaise rijk gebleven, voordat in 1378 de macht definitief werd opgegeven en het rijk een onderdeel werd van het koningrijk van Ayutthaya.

Wat rest is, zoals altijd, de herinneringen. Als je door het prachtige Historical Park loopt (dit omvat het gebied binnen de oorspronkelijke stadsmuren, ruwweg 2 bij 1,5 km) is het in tegenstelling tot in Ayutthaya niet zo heel erg moeilijk om je voor te stellen hoe het er honderden jaren geleden moet hebben uitgezien. Oorspronkelijk waren hier ruwweg 26 tempels en het koningklijke paleis te vinden, en onderstaand beeldverslag vormt een stille getuige van de vergane pracht van de bakermat van het moderne Thailand.

 

 

 

Chiang Mai - Oase in de jungle

 

Not all those who wander are lost.”
― J.R.R. Tolkien, The Fellowship of the Ring

 

Na de historische luister van Ayutthaya vormt het contrast van de bruisende levendigheid van de 2e stad in Thailand een mooie afwisseling. Een korte beschrijving :

 

Chiang Mai of Chiengmai (เชียงใหม่), is de hoofdstad van de provincie Chiang Mai. De plaats ligt zo'n 700 km ten noorden van Bangkok tussen de hoogste bergen van het land. De rivier de Ping stroomt door de stad en is een zijrivier van de Menam.

De laatste jaren is de stad in hoog tempo gemoderniseerd, maar is niet zo'n wereldstad zoals Bangkok dat is. Er zijn veel redenen waarom er jaarlijks duizenden toeristen naar de stad komen. Onder andere vanwege de belangrijke strategische ligging in het verleden in verband met de zijderoute. Later is de stad vooral een belangrijk centrum geworden voor handwerken, paraplu's, juwelen (voornamelijk zilver) en houtsnijwerk.

(Bron : Wikipedia)

Zo'n beetje iedere backpacker die in Thailand geweest is roemt de nachttrein naar Chiang Mai. Er is -om eerlijk te zijn- ook geen enkel ander (realistisch) alternatief, tenzij je het vliegtuig wil nemen (wat eigenlijk een doodzonde is, vanuit ecologisch opzicht maar ook omdat je natuurlijk helemaal niets meekrijgt van het landschap als je er met een paar honderd km per uur overheen zoeft). Per trein is de reis vanuit Ayutthaya naar Chiang Mai ongeveer een uurtje of elf, met de nachttrein bespaar je jezelf in ieder geval de moeite van een hotel/guesthouse boeken én je bent niet een hele dag kwijt aan het reizen. Tot zover mijn promopraatje voor nu :-)

 De resten van de stadsmuren en -poorten die de oorspronkelijke stad scheiden van de moderne expansies zijn gedeeltelijk gerestaureerd en geven een idee van hoe het er honderden jaren geleden uit moet hebben gezien. (Hint : prachtig!) Laat ik hier even stoppen om DUIDELIJK te vermelden dat ik verliefd werd op deze stad zodra ik uit de trein stapte en dat de rest van dit verhaal waarschijnlijk bol zal staan van hyperbolen en ietwat dichterlijke omschrijvingen. Dagen heb ik rondgezworven over haar straten, en ik heb geleerd om te houden van de afwisseling tussen historische en moderne gebouwen, de geuren van de eetkarretjes, de tempels die een oase van rust vormen in het bij vlagen hectische straatbeeld, de ontspannen atmosfeer, de bochtige zijstraatjes die je eerder in een Belgische stad dan in Thailand zou verwachten, de tientallen restaurantjes die je proberen te verleiden tot de exotische smaken van nagenoeg ieder land ter wereld, de verschillende markten, de boekenwinkels, de souvenirwinkeltjes.. Ik denk dat Chiang Mai zelfs Edinburgh heeft weten te verdringen als mijn favoriete stad op aarde. Een rondreis in beelden / foto's :

 

 

 

Wat ik nagelaten heb - en waarom ik volgend jaar absoluut nog eens terugga - is een trekking door de bergen en het regenwoud te maken die Chiang Mai omringen. Eerlijkheid gebied mij om te zeggen dat ik ook het slachtoffer geworden ben van een stevige voedselvergiftiging, en dat ik mij niet heb laten inenten voordat ik afreisde naar Thailand (please DO NOT try this at home kids!) en dat dit doorslaggevend was in mijn beslissing om niet als een losgeslagen Rambo de jungle in te duiken om mijn eigen Into the Wild verhaal uit Zweden te herhalen in een tropissch regenwoud waar meer giftige dieren en planten te vinden zijn dan straatnaambordjes in Amsterdam (zelfs in de winterstop als Ajax niet speelt). Het is echter mogelijk om via een aantal van de tourist offices een georganiseerde trekking te boeken onder begeleiding van een lokale gids, hoewel mijn persoonlijke voorkeur uitging naar een één op één trekking zonder de ballast van een groep van halfbezopen Australiers en Duitsers als reisgezelschap. Als een dergelijke trekking je voorkeur heeft wil ik je bij deze wel dringend aanraden om je research goed te doen, omdat een fors aantal van deze aangeboden trekkings even avontuurlijk is als een middagje Keukenhof - tenzij dat toevalligerwijze je ding is uiteraard.

 

 

 

In een later stadium meer over Chiang Mai en mijn persoonlijke belevenissen aldaar, voor nu zal je het even moeten doen met de foto's :-)

 

 

Ayutthaya - De schoonheid van vergankelijkheid

 

 

This is the beginning and the end of the world right here. Look at those patient Buddhas lookin at us saying nothing.
― Jack Kerouac, The Dharma Bums

(Klik voor grooooot)

Als je de geijkte backpackersroute volgt van Bangkok naar Chiang Mai is Ayutthaya de perfecte eerste tussenstop. Ooit (rond 1350) gegrondvest als de nieuwe hoofdstad van het Siameese rijk na de val van Sokhuthai (waarover later vast nog een keer meer) , bevatte deze stad tijdens haar hoogtijdagen meer dan 400 tempels en duizenden boeddhabeelden. In 1767 is deze stad volledig met de grond gelijk gemaakt door de invallende Birmezen in een voor die tijd ongekende slachting, de stad had op dat punt rond een miljoen inwoners en was daarmee één van de grootste steden ter wereld.

De reis vanuit Bangkok naar Ayutthaya duurt met de trein ruwweg een uur, in theorie tenminste. In mijn specifieke geval kwam ik vier en een half uur later op mijn bestemming aan dan mijn kaartje vermelde (eat that NS!). Een treinreis per 3e klasse is echt een belevenis ; ik was volgens mij de enige westerling in een wagon vol Thai die met kippen, complete maaltijden en volop kakelend vol goede moed aan de reis begonnen. Dat van die maaltijden begreep ik pas op het moment dat we voor de eerste keer een dik half uur stil stonden in nergensland, en dit patroon herhaalde zich gedurende de verdere reis nog een aantal keren. Verwacht echter geen luxe, de enige ventilatie was bijvoorbeeld een openstaand raam en de banken zijn van hout.

Tegenwoordig is de stad Ayutthaya opgedeeld in twee gedeeltes ; het oude en nieuwe deel. Mijn guesthouse was Baan Eve , aan de rand van de oude stad. Graag wil ik bij deze even een lans breken voor dit Guesthouse, het is misschien niet de meest luxueuze plek om te slapen maar mijn kamer was schoon, voorzien van airo + eigen badkamer en de centrale ruimte van de Guesthouse is een volledig ecologisch gebouwde boomhut met op de bovenste verdieping een aantal hangmatten. Verder is dit een familiebedrijf puur sang, met ontzettend aardige en behulpzame mensen die er alles aan doen om je verblijf zo aangenaam mogelijk te maken. Tip : boek van te voren voor één of twee nachten, en probeer ter plekke te verlengen. Mijn tarief ging 300 Bath omlaag 'just for you!' . Toen ik mijn kamer voor het eerst inspecteerde viel mijn oog op het volgende plakkaat :

(klik om het te kunnen lezen in al zijn ontroerende Thais-Engelse eenvoud)

en als de softie die ik nu eenmaal ben was ik meteen verkocht :-) .

Mijn persoonlijke advies is om minstens een aantal dagen uit te trekkenet voor een bezoek aan Ayutthaya, er is namelijk bizar veel te zien. Voor mij was dit mijn eerste échte ervaring met Thailand (Bangkok telt niet mee, wereldsteden zijn overal ter wereld hetzelfde) en het was heerlijk om mijzelf te kunnen onderdompelen in de Thaise cultuur en geschiedenis. Het Historical Park (het deel dat op het eiland zelf ligt) is alleen al één of twee dagen waard, en er is echt veel meer te zien dan alleen dat. De foto bovenaan dit artikel is daar ook gemaakt, en voor een overzicht van wat er ondermeer nog meer te zien is verwijs ik graag even naar onderstaande foto's :

(Zoals gebruikelijk : klik voor de grote versie)

..en zo kan ik er nog gemakkelijk 50 meer plaatsen. De sfeer die er hangt is helaas niet in woorden te vatten, hoe graag ik ook zou willen. Tijdens mijn wandeling door het Historical Park kwam ik in gesprek met één van de locals, en al snel hadden wij het over de niet te bevatten schaal van verwoesting die hier had plaats gevonden. Toen ik hem vroeg of het voor hem als Thai niet pijnlijk was om te zien wat de Birmezen met zijn stad hadden aangericht (van de duizenden boeddhabeelden zijn er misschien tien nog min of meer heel, en geen enkele tempel staat meer recht) haalde hij zijn schouders op, glimlachte en zei : "Boeddha leert ons dat alles vergankelijk is, het enige dat blijvend is is de Weg." Hier werd ik wel even stil van. Ik denk dat deze Thai met deze eenvoudige woorden precies wist samen te vatten waarom de Thai zo ontzettend relaxed in het leven lijken te staan, en waarom het voor hen ogenschijnlijk zo makkelijk is om met tegenslagen om te gaan. Het Historical Park van Ayutthaya is een stille getuige van deze levenshouding, tussen alle ruïnes en onthoofde Boeddhabeelden door kan je bijna voelen hoe de Thai in staat zijn om een dergelijke verwoesting te accepteren en te integreren in hun dagelijkse leven. Hij wist mij ook te vertellen dat, ondanks het feit dat het oude centrum van Ayutthaya de status van werelderfgoed bij Unesco gekregen heeft, het nooit hersteld zal worden. Het symbool van de vergankelijkheid is zo sterk en belangrijk dat de huidige staat een groter beland dient voor de Thaise cultuur dan een volledige gerestaureerde versie ooit zou kunnen, en ik kan achteraf niets anders dan het volmondig met hem eens zijn.

Zodra je van het eiland waar de oude stad op ligt afkomt zie je verschillende tempels en monumenten die wel in hun oude staat teruggebracht zijn, en hoewel deze prachtig zijn hebben ze bij mij toch niet dezelfde indruk weten achter te laten als het oude centrum. Dit tot grote verbazing van mijn tuktuk driver overigens :-) (ja, buiten Bangkok om is de tuktuk een volstrekt legitiem vervoersmiddel!) Omdat ik verreweg het grootste deel van de vijf dagen die ik in Ayutthaya heb doorgebracht rondgezworven heb door het oude centrum kan ik over de new town niet al te veel zeggen (helaas) , dit staat echter nog zeker op de planning voor mijn volgende trip. Daarom volsta ik even met de volgende sfeerimpressie van een aantal van de bezienswaardigheden die buiten het eiland liggen :

 

In mijn ogen is een bezoek aan Thailand niet echt compleet zonder een (tussen)stop in Ayutthaya. De sfeer is relaxed (een verademing na de kokende smeltpot van Bangkok) , en er is ontzettend veel te zien en te doen. Verder hoef je het echt niet zonder de gemakken die je als rijke Europeaan gewend bent :-p te doen, je kan er winkelen tot je een ons weegt als dat toevalligerwijze je ding mocht zijn. Persoonlijk zou ik de Nightmarket willen aanraden, gevolgd door een bezoek aan één van de talloze restaurantjes en een wandeling over de prachtig verlichte hoofdstraten. Vergeet niet om tijdens het wandelen af en toe even omlaag te kijken en te genieten van de lotuspatronen in de stoeptegels!

Bangkok - Een overlevingsgids

 

De stad van engelen, de grote stad, de woonplaats van de Smaragdgroene Boeddha, de ondoordringbare stad van de god Indra, de grote hoofdstad van de wereld die met negen kostbare edelstenen is begiftigd, de gelukkige stad, rijk aan een enorm Koninklijk Paleis dat de hemelse woonplaats gelijkt waar de gereïncarneerde god regeert, een stad die door Indra is gegeven en die door Vishnukarn is gebouwd.

(Nederlandse vertaling van de officiële naam van Bangkok : Krung Thep Mahanakhon Amon Rattanakosin Mahinthara Ayuthaya Mahadilok Phop Noppharat Ratchathani Burirom Udomratchaniwet Mahasathan Amon Piman Awatan Sathit Sakkathattiya Witsanukam Prasit , vaak afgekort tot 'Krung Thep')

Bron : Wikipedia

Toen ik begin Februari voet aan de grond zette op Suvarnabhumi Airport ( internationale code : BKK) had ik geen idee van wat mij te wachten stond. Zoals iedere brave backpacker had ik uiteraard mijn Lonely Planet braaf in mijn  backpack zitten (en er daadwerkelijk zo links en rechts wat in gelezen (je moet toch wat als je in totaal zo'n 20 uur onderweg bent) maar als je nog nooit eerder in Azië en Thailand specifiek geweest bent is er helemaal niets dat je kan voorbereiden op de schok die je te wachten staat in deze stad. Daar sta je dan, helemaal kapot van de jetlag en het slaapgebrek (hoe de FUCK kunnen mensen slapen in een vliegtuig?!?) en geen idee wat te doen. De paspoortcontrole en het verkrijgen van je visum gaat allemaal nog wel op de automatische piloot, je vult al in het vliegtuig je arrival/departure kaart in en levert die bij de douane in. Vervolgens wordt er een foto van je genomen en niet de beambte je vertrekkaart netjes in je paspoort, waarna je kan doorlopen naar de bagageband. Vergis je niet, dit is een groot vliegveld ; het doet niet onder voor bijvoorbeeld Schiphol (en dat houdt dus in dat je je helemaal te pleuris loopt!). Na het oppikken van je bagage loop je richting uitgang en negeer je alle vriendelijke Thaise mannen en vrouwen die je aanspreken en vragen waar je naar toe gaat. Je loopt naar buiten en zoekt de rij met wachtende passagiers op die voor een 3tal door Thai bemande desks staan, sluit aan en wacht netjes op je beurt. Vervolgens laat geef je aan de medewerk(st)er achter de desk het adres van je hotel/guesthouse op en loop je naar de taxi-meter die je toegewezen krijgt, waarna je instapt en geniet van de rit. BAM! Eerste 600 Baht (gemiddeld) die je hebt weten te besparen.

Bangkok is een Urban Jungle, en hoewel ik het na mijn eerste kennismaking meteen met deze stad gehad had ben ik blij dat ik bij mijn hernieuwde kennismaking op mijn eerdere 'veroordeling' ben teruggekomen, want ondanks de smog, de tuktuks, de algemene verkeerschaos en drukte is het alsnog een prachtige wereldstad om op je gemak te verkennen. Het is echter géén stad voor beginners, de stad is (gezien de staat van de gemiddelde stoep in Bangkok) letterlijk en figuurlijk bezaait met valkuilen. De stad (en je vakantie in het algemeen) zal echter een stuk aangenamer zijn als je in staat bent om je aan de volgende overlevingstips te houden :

 

1/. Neem geen TukTuk. Nooit.

Dit komt misschien een beetje vreemd over, aangezien deze voertuigen voor veel toeristen net zozeer bij Bangkok (of zelfs Azië in het algemeen) horen als de Noodlesoup, de eetkarretjes naast de weg en Wat Phra Kaew. Eerlijkheid gebied mij om te zeggen dat een TukTuk in de veiligheids versus snelheid verhouding wel erg goed scored. De kans dat je echter een eerlijke TukTukdriver ontmoet acht ik echter vrij klein, en dan doel ik niet eens op de vriendelijk glimlachende oudere Thai die zonder blikken of blozen een ritprijs noemt die 10x hoger ligt dan wat redelijk is. Als je daar intrapt ben je namelijk of naïef en slecht geïnformeerd of gewoon dom. Voor de duidelijkheid, een gemiddelde TukTuk rit in Bangkok zou je ongeveer 30-50 Baht kosten. De Thai zelf betalen minder dan dat. De gemiddelde eerste ritprijs de die driver zal noemen begint tussen de 400-500 baht. Veel toeristen zijn apetrots dat ze met 'hard afdingen' dit teruggebracht krijgen tot 150-20 Baht, maar die worden dus alsnog gruwelijk afgezet. Aan de andere kant, 400 baht is ongeveer tien euro. Al eens gebruik gemaakt van een taxi of het OV in Amsterdam? Juist ja. Het afzetten zit dus vooral in het enorme prijsverschil tussen wat wij, 'rijke' europeanen normaal gesproken hanteren en de veel lagere prijzen die in Thailand gelden. Om een referentiekader te geven : het gemiddelde salaris in Thailand ligt onder de 10.000 baht (ruwweg 250 euro) ; de prijzen zijn er navenant.

De echte reden om geen TukTuk te nemen heeft te maken met de eindeloze voorraad aan scams die de driver over je uitstort onderweg naar je eerste bestemming. De gemiddelde lezer die dit leest zal nu bij zichzelf denken : "Daar zou ik nooit intrappen". Dan heb ik slecht nieuws voor je, ook jij gaat voor de bijl. Je hebt geen idee hoe vasthoudend, geslepen en overtuigend de gemiddelde TukTuk driver gemiddeld genomen is. Echt niet. Ik acht de kans ontzettend groot dat je tijdens je stadstoer de volgende 'bezienswaardigheden' door je strot geduwd krijgt:

  • één of meerdere kleermakers die je het eerste pak al aangemeten hebben voordat je goed en wel de deur binnengelopen bent, nadat de TukTuk driver je daar gedropt heeft met de mededeling dat hij alleen op deze manier voor zijn benzine kan betalen. Dit alles al buigend en glimlachend, met de verzekering dat je alleen maar even een minuutje naar binnen hoeft en écht niets hoeft te kopen
  • een vage steiger met wat longtail boats en de mogelijkheid om een canaltour (klinkt bekend voor de gemiddelde Amsterdammer gok ik zo) te maken. Een uur lang! Voor maar 2000 baht! Wederom een gesprek waarin de vriendelijke dame achter de desk al bezig is om je kaartje uit te schrijven voordat je in staat bent om te bedenken dat 2000 baht gewoon 50 euro is, een totaal geschift bedrag voor Thaise begrippen. Tijdens deze rondvaart kom je zonder enige twijfel ook nog 'toevallig' langs een aantal passerende drijvende winkels (die allemaal in de scammersring zitten die begon bij je vriendelijke TukTuk driver) die behalve souvenirs ook nog eten en drinken aan boord hebben. Uiteraard bied je op suggestie van de verkoper je schipper ook nog een biertje aan van maar 250 baht (een halve liter Chang in fles kost 90 maximaal), je wil immers niet de gierige (rijke) toerist uithangen, toch? Als je dan terugkomt bij de steiger en naar de TukTuk wil lopen die je hier gebracht heeft kom je erachter dat die verdwenen is, ondanks de belofte van de driver dat hij op je zou wachten, en ondanks het feit dat je hem nog niet betaald hebt. Hint : hij heeft al meer comissie uit je weten te schudden dan de genoemde ritprijs waard is... Geheel toevallig staat er dan een lege TukTuk met een andere , wederom erg vriendelijke en glimlachende Thaise driver die je aanspreekt en een 'schappelijke' ritprijs noemt.
  • een tempel die geheel toevallig 'gesloten' is, maar "deze andere tempel is eigenlijk toch veel mooier" (vaak de niet bestaande 'lucky buddha temple')..de handige TukTukdriver zet je netjes neer voor het kraampje met de toegangskaartjes, 100 baht. Hint : Tempels vragen geen toegangsgeld. Nooit. Er zijn geen tickets...
  • een boekingskantoor waar je guesthouses kan boeken over het hele land. 800 baht per nacht (20 euro) klinkt helemaal niet slecht voor een eigen bungalow met airco? Hint : totdat je ter plekke bent en dan erachter komt dat de guesthouse maar 500 baht (12,50) vraagt..
  • GoGo bars met pingpong shows. Hint : die knappe vrouw is waarschijnlijk een man!

2/. Taxi-meter voor alles waarbij je niet langs de knelpunten in de binnenstad hoeft

Wij Europeanen denken aan de taxi als een relatief duur (luxe) vervoersmiddel. In Thailand is dat relatief, het starttarief is 35 Baht (0,90 euro). De Taxi-meter voertuigen zijn makkelijk te herkennen, relatief luxe, goedkoop en (het allerbelangrijkste!) je zal niet lastig gevallen worden door scammers. een gemiddelde rit hoeft niet meer te kosten dan 150 baht (nog geen drie euro). Dit is niet echt een optie in het centrum aangezien je dan echt belachelijk lang vast kan staan in het verkeer. Om dat te doen is er echter sinds 1999 een geschenk van de goden :

3/. BTS / Metro voor alles waarbij je wél langs de knelpunten moet

Ik geef toe, het blijft een uitdaging in een land waar je de taal niet spreekt (laat staan kan lezen), maar de BTS Skytrain en de metro maken reizen in Bangkok een stuk eenvoudiger dan iedere andere methode. Je koopt een kaartje in de automaat (maximum voor de BTS is 45 baht), kijkt waar je in moet stappen en zorgt dat je na het instappen dicht bij de deur terechtkomt zodat je kan checken over hoeveel stations je er weer uit moet. Vanaf dan is het genieten van de ietwat overdreven airco die ervoor zorgt dat het in de wagons 23 graden is tov de 35 buiten) en het uitzicht over Bangkok stad totdat je op de plaats van bestemming bent. Tel de stations gewoon ondanks de sexy vrouwenstem die je in Thais-Engels vertelt op welk station je bent, de kans dat je het verstaat is nihil.

4/. Regel een goede slaapplaats voordat je in Thailand aangekomen bent

Ja, vaak kan je ter plekke een betere prijs krijgen, en in de Lonely Planet staan tientallen hostels, gueshouses en hotels. Toch is het laatste wat je wil doen als je helemaal kapot van de vliegreis en de jetlag op je benen staat te tollen een plek zoeken waar je kan crashen. Als je samen met je ticket een hotel neemt voor 2 nachten valt de prijs heel erg mee, ik was voor heen/terugvlucht + 2 nachten 4 sterrenhotel 832,- kwijt. Ik heb zelf geslapenin het windsor suites hotel (niet onaardig maar redelijk duur, 1700 baht/nacht), het Bangkok Centre hotel (belachelijk duur, en ze durven voor een fles water 157 baht te vragen waar je in de winkel 20 baht kwijt bent - 1800 baht /nacht) en mijn persoonlijke favoriet was Te Cottage hotel ( ongeveer 1025 baht / nacht en behoorlijk luxe). Deze laatste ligt wel buiten het centrum van Bangkok, in de buurt van het vliegveld. Maar punt 3 lost dat probleem voor 45 baht + 80 baht aan taxi kosten op. Reistijd : half uur in totaal.

 

5/. Negeer die goed geklede, uitstekend engels sprekende man

die toevallig een oom/broer/neefje heeft die jarenlang aan de universiteit van (insert hoofdstad van het land waar je zegt vanaf te komen here) gestudeerd heeft. Vaak weet hij toevallig dat de tempel/bezienswaardigheid waar je naar op weg bent vandaag gesloten is wegens een feestdag/bezoek van de koning. Vanaf daar : lees het stuk over de TukTuk drivers.

 

6/. Een glimlach heeft in Thailand oneindig veel meer subtiele (bij)betekenissen dan in West Europa

De Thai hebben (terecht) de naam een erg vriendelijk, open en warm volk te zijn. Uit eigen ervaring kan ik vertellen dat dit klopt. De cultuurshock zit voornamelijk verborgen in het feit dat een Thai fundementeel anders tegen sociale interacties aankijkt dan de gemiddelde westerling. Uiteraard zijn er uitzonderingen op deze regel, en lijkt de jongere generatie zich ietwat meer te conformeren aan de westerse manieren van sociale interactie. Dat gezegd hebbende, de gemiddelde Thai die je zal ontmoeten is maar in twee dingen geïnteresseert : je afkomst en je geld. Dit gaat net zozeer op voor de wel als voor de niet scammers. Voor een gemiddelde Thai zegt je salaris namelijk ook iets over je positie in de sociale hiearchie, en zijn/haar cultuur is een groepscultuur waarin het bepalen van de sociale status en groep waartoe je behoort erg belangrijk is. Verder is het voorkomen van gezichtsverlies voor zowel de Thai zelf als voor jou als farang van groot belang. Het glimlachen is daar een sterk wapen in, maar deze kan (zo heb ik mij laten vertellen) tot aan 13 verschillende betekenissen hebben. Vooral dat voorkomen van gezichtsverlies is belangrijk om in je achterhoofd te houden, blijf altijd rustig en verhef nooit je stem (dit is een ernstige belediging en je zet je zelf ook nog eens redelijk voor paal als zijnde iemand zonder de noodzakelijke zelfbeheersing). Dit wordt niet makkelijker gemaakt door de  (voor ons westerlingen) irritante neiging om niet rechtstreeks 'nee' te willen zeggen (of toegeven dat ze niet kunnen helpen) van de Thai. Ook ik ben tijdens mijn eerste dagen een aantal keren volstrekt de verkeerde kant op gestuurd door een welwillende Thai die mij gewoonweg niet begreep en daarom maar 'yes yes' riep terwijl hij de kant opwees die ik had aangewezen terwijl ik hem vroeg of dat de goede richting was. Je bent echter in een land waar de culturele normen anders zijn dan in je thuisland, en je hebt twee opties :

  • je aanpassen en genieten van je tijd in Thailand
  • jezelf aanstellen als een lompe hork, je ergeren en mensen tegen je in het harnas jagen

De mensen die wél redelijk engels spreken en het in ieder geval begrijpen als ze een straatnaam in het 'reguliere' alfabet zien zijn er over het algemeen makkelijk uit te halen. Vaak zijn het studenten of werken ze in de dienstverlening (ticket boots van de BTS, serveersters, baliemedewerkers van hotels etc). Op hun aanwijzingen kan je meestal wel vertrouwen, en voor de rest heb je je kaart en je Lonely Planet. Toch?

 

7/. Zorg voor een kaart en een goede gids op papier

Ja, ook ik heb er een grafhekel aan om als een standaard backpacker rond te lopen met mijn lonely planet. Feit is, dat in een stad als Bangkok een Lonely Planet guide (of één van de alternatieven zoals de Rough Guide of de Eyewitness Travel Guide ) onmisbaar is, zolang je in de grotere steden ( Bangkok / Chiang Mai) maar niet verwacht dat één van de genoemde hostels of guesthouses nog plaats heeft. Iedere backpacker gaat er namelijk langs.. Voor bezienswaardigheden, restaurants en een idee van waar je bent en waar je eventueel naar toe wil + een overzicht van hoe en waar je uit Bangkok weg kan komen zijn deze guides echter onontbeerlijk. En ook jij gaat op een punt komen waarop de accu van je hippe iphone of tablet leeg is en je dus toch echt een guide nodig hebt, geloof mij maar op mijn woord. Je leert er ook snel van wat ongeveer de gemiddelde prijs van slaapplek zou moeten zijn aangezien die van buurt tot buurt (en stad tot stad uiteraard) sterk kan verschillen.

Ook als je de Skytrain, Metro of Airportlink neemt is een kaart of guide echt onmisbaar en maakt je leven een stuk aangenamer.

 

8/. Weet wat je eet

Ik ga niet prediken tegen het kopen bij de stalletjes naast de weg, aangezien er soms ook echt subliem voedsel verkocht wordt voor een belachelijk lage prijs. Toch zou ik je willen adviseren om na aankomst in Thailand de eerste paar dagen rustig aan te doen met eten en met zorg je restaurants uit te zoeken. Je lichaam heeft het al zwaar te verduren door de plotselinge klimaatwissel en de jetlag, en ziek worden is echt iets wat je niet kan gebruiken in deze fase. Zoek goed lopende restaurants uit met een hoge aan- en afloop, en kies voor de wat traditionelere maaltijden ondanks dat dit je echt als een toerist laat voelen. Je hebt nog tijd genoeg om je ingewanden te terroriseren met de Tom Yum en alle andere hot en spicy maaltijden, en de kans op één of meerdere dagen diaree tijdens je reis door Thailand is behoorlijk groot . Stel het onvermijdelijke dus nog even uit en doe rustig aan met eten, genoeg restaurants die ook buitenlandse maaltijden serveren. Als je veel frisdranken drinkt : vraag of ze het ijs weglaten en drink wat sneller je drankje leeg. Ik wil niet beweren dat het ijs met kraanwater gemaakt is, maar veel ijs en (letterlijk) ijskoude dranken zijn sowieso al een aanslag op je maag.

 

9/. Een fles water, altijd en overal

Voor de Thai is water zowel in spiritueel als in fysiek opzicht ontzettend belangrijk. Dit zou voor jou ook moeten gelden (het fysieke deel tenminste). Zorg dat je altijd, en overal waar je naar toe gaat een flesje drinkwater bij je hebt. Gemiddeld zou je zo'n 3 liter per dag moeten drinken, en het is het beste om de hele dag door kleine beetjes te blijven drinken. Koop alleen flesjes met een duidelijk zichtbaar plastic seal over de dop als je water op straat koopt, wat niet echt nodig is omdat je om de 150 meter toch wel een 7 - 11 of een Tesco tegenkomt. Drink het water bij voorkeur niet ijskoud in één keer op (zie punt 9) , ook handiger in verband met het geleidelijk oplopen van de spanning in je blaas in tegenstelling tot het gevreesde 'ik moet NU' moment.

 

10. Het is allemaal een kwestie van perceptie, weetjewel

Blijf relaxed, laat je niet op de kast jagen en leer van de Thai. Ondanks alle scams en het feit dat sommigen je echt alleen lijken te zien als een wandelende geldboom vormen de Thai als groep een warme, vriendelijke bevolking die het beste met je voor hebben en het geweldig vinden dat je interesse toont in de cultuur en geschiedenis van hun land. Wen er echter snel aan dat afspraak = afspraak een nogal rekbaar begrip is,  vertek- en aankomsttijden voor al het bus- en treinvervoer naar andere steden bij benadering zijn en dat Thai het graag rustig aan doen. Ga mee met de stroom, besef je dat je tijd genoeg hebt en dat bijvoorbeeld een forse vertraging je tijd geeft om nog even wat rond te kijken en/of een restaurantje aan te doen of een boek te lezen, wat foto's te maken of whatever. Met temperaturen tussen de 35-40 graden Celcius kan je het sowieso maar beter rustig aan doen, en de westerse neiging tot doen-doen-doen werkt je alleen maar tegen. Geniet! Je bent in Thailand! (en je staat waarschijnlijk op het punt om Bangkok te verlaten!)

 

Thailand - Een eerste indruk

Zonsondergang in het aardse paradijs (Ko Payam) , klik voor de grotere versie

Thailand, dat is

Geript worden door een TukTukdriver in Bangkok,

Onverwachte reisgenoten treffen in Ayutthaya,

Met verwondering toekijken hoe de zon daalt achter een eeuwoude ruïne,

Niet kunnen slapen in de nachttrein naar Chiang Mai terwijl de kilometers netjes in afgemeten hoeveelheden staal onder je doorflitsen

Tijdens een dienst gaan zitten in een tempel en voelen hoe het Nirwana zich over je heen vleidt als een laken van zijde,

Vol ontzag wandelen door de resten van wat eens het religieuze centrum van Sukhothai was,

Dat éne geniale restaurantje aan de overkant van de straat,

Om half zes 's ochtends met je slaperige hoofd uit de nachtbus naar Ranong gesmeten worden waarna je wordt opgevangen door een hyperactieve en veel te wakkere TukTuk driver

Met 20 man in een voertuig dat op z'n hoogst geschikt is voor 10 in het schemerduister van een voorzichtig opkomende zon door de straten van een slaperig stadje scheuren

In een speedboot over de golven scheren op weg naar je volgende bestemming,

Achterop een brommer een tropisch eiland doorkruisen,

Teveel Chang biertjes drinken en praten over de zin van het leven,

's Ochtends vroeg zó uit je bungalow de Indische oceaan inrollen aan de kust van het paradijselijke Ko Payam,

Mojito's drinken op het strand,

's nachts in je eentje met op de achtergrond de rollende oceaangolven op het strand zitten te huilen omdat je je hondje zo verdomde erg mist waarna er plotseling een teefje met twee pups opduikt en tegen je aan komt liggen als een warme deken van troost en liefde,

Met een pas verworven vriend ietwat aangeschoten al gitaarspelend en zingend over het strand zwalken opzoek naar 'lekkere mädchens' [sic] terwijl een spontaan een dronkemanslied ontstaat,

Je rug gruwelijk verbranden tijdens je eerste snorkelduik waarna je dagen lang je tshirt moet aanhouden,

Het zachte geluid van Goa Trance van het feestje bij de buren dat je in slaap wiegt,

Dit opschrijven zittend op een bamboeterras in de schaduw van een Palmboom,

Dát is Thailand.

Pages

Powered by Drupal

Theme by Danetsoft and Danang Probo Sayekti inspired by Maksimer