Golzuam's picture

Door de spiegel - II ( Rather hard to understand )

 

'It seems very pretty,' she said when she had finished it, 'but it's rather hard to understand!'
(You see she didn't like to confess, ever to herself, that she couldn't make it out at all.)
"Somehow it seems to fill my head with ideas — only I don't exactly know what they are!"

 Through the looking glass and what Alice found there - Lewis Carroll

Woensdagavond, half negen. Ik schenk mijzelf nog een thee in en hef de mok omhoog richting raam. "Proost, waar je ook moge zijn. Wat je ook aan het doen bent..Ik hou van je".. Mijn stem breekt, melodrama kent zo zijn prijs. De warme drank verdwijnt met een kleine slojes in mijn keel en brand zich via mijn slokdarm langzaam een verhitte weg omlaag richting mijn maag - en plots is daar dat bekende 'ploink' geluid. Dat geluid waar ik zo van ben gaan houden omdat ik het met jou associeer. Ik weet meteen dat jij het moet zijn, en grijp mijn telefoon.

"Wil je met je praten.."

Meteen schiet mijn hart in mijn keel. De korte zin laat veel ruimte aan de verbeelding, maar om eerlijk te zijn ben je nooit een vrouw van veel woorden geweest.."Ik ben er" stuur ik terug, leun achterover en wacht. Er verstrijken niet meer dan een paar secondes voordat ik alsnog van schrik stijf overeind schiet als mijn scherm oplicht en de telefoon begint te loeien. Het blijft raar hoe erg je alsnog kan schrikken van iets waarvan je weet dat het er aan zit te komen, waar je voorbereid op bent en met je volle concentratie op zit te wachten..
Ik neem op. "hey.." fluister ik. "hey" hoor ik terug. Je klinkt zacht, angstig bijna. Een warme gloed verspreid zich vanuit mijn hartstreek door mijn lijf. Zoals zo vaak eerder heb je jezelf waarschijnlijk weer helemaal gek gemaakt in de afgelopen dagen van een wederzijdse radiostilte, de stilte die zo kil kan aanvoelen als de meedogenloze diepte van de oceaan op het moment dat je door de warme door het zonlicht verwarmde bovenlaag doorbreekt riching de onpeilbare dieptes. Jezus, wat een verschrikkelijk allorgie weer - maar alsnog redelijk accuraat bedenk ik mijzelf. "hoe is het met je? gaat het een beetje?" - stilte aan de andere kant, gevolgd door een diepe zucht. "Ik ben het maar, weet je nog? Niet de rest van de wereld..Ik ben IK, de andere helft van ons!" OEF Ik bijt even op mijn lip na deze blunder. "Nou ja van wat eerst.." Hoorde ik daar een onderdrukte gniffel? Het voelt fijn om weer contact te hebben, zelfs nu. Zelfs zo. Ik heb je gemist. Onze blikken. Tegen elkaar aanhangen. De voorzichtige eigen grapjes die begonnen te ontstaan, de dagelijkse berichtjes. Alles eigenlijk. Het blijft stil na die gniffel, en ik laat de stilte even zijn. De stilte die aan de ene kant zo goed en zo fijn kon voelen tussen ons, maar die ook regelmatig zorgde voor een giftige golf van mijn meest donkere en giftige gedachtes. De gedachtes die horen bij mijn wondes en littekens waar jij in principe niets mee te maken hebt. Voor de zoveelste keer sta ik er even bij stil, na al onze overeenkomsten: is dit er ook één? Ben jij net zo gewond als mij maar kan ik het niet zien? Wil ik het niet zien? Zie jij het zelf wel?

"You won't make yourself a bit realler by crying," Tweedledee remarked: "there's nothing to cry about."
"If I wasn't real," Alice said — half-laughing through her tears, it all seemed so ridiculous — "I shouldn't be able to cry."
"I hope you don't suppose those are real tears?" Tweedledum interrupted in a tone of great contempt.
"I know they're talking nonsense," Alice thought to herself: "and it's foolish to cry about it."
So she brushed away her tears, and went on as cheerfully as she could.

Through the looking glass and what Alice found there - Lewis Carroll

"Het ligt niet aan jou, dat wilde ik even kwijt. Het ligt aan mij. Jij kan er niets aan doen. We hebben het geprobeerd, en we hebben het niet gehaald. Dat spijt mij, je hebt geen idee hoe erg - maar het werkt gewoon niet. Ik blijf twijfelen. Ik bedoel - als het goed is.." Weer even die stilte. Ik voel mijn gebruikelijke neiging om die stilte te vullen met mijn tegenwerpingen en bedenkingen maar weet mijzelf te weerhouden. Je praat. JE PRAAT! Dit is misschien wel de eerste keer dat je écht het achterste van je tong laat zien en ik ben niet van plan om dat moment ondergeschikt te maken aan mijn gebruikelijke spraakwaterval aan woorden.
"Als het goed is voel ik mij veilig bij je. Geliefd. Geborgen. De seks.." Even een kort lachje. "Godsamme, daar hoef ik verder geen woorden aan vuil te maken. Ik heb mij nog nooit zo op mijn gemak gevoeld bij iemand als bij jou, en dat weet je. Maar die twijfel..dit hoort niet zo te zijn. Die twijfel blijft terugkomen en dat kan ik mijzelf maar ook jou niet aandoen. Jij verdient zoveel beter.."

Ik schraap mijn keel. "Is het ok als ik daar even op inga?" Een kort geluidje in mijn rechteroor dient als bevestigend antwoord op die vraag. "Ok, ten eerste: Het is niet aan jou om te beoordelen of iets 'goed genoeg' is voor mij of niet. Dat kan ik zelf prima, dankjewel. Ik weet dat je dit niet verkeerd bedoelde maar het schiet mij wel enigszins in mijn verkeerde keelgat om eerlijk te zijn. Voor iemand die er slecht tegenkan als iemand anders een beslissing voor haar neemt denk je wel verdomde graag voor mij lie.. eh denk je wel graag voor mij. Ik heb liever dat je dat niet doet." Hoorde zij die verspreking? Ik hoopte van niet. Nog een diepe ademteug..

"Weet je, als dit het was: dan was het dit. Maar ik geloof je niet. Ik GELOOF je gewoon niet, en ik besef mij terdege dat er een aanzienlijke kans is dat ik mijzelf voor de gek aan het houden ben. Er is namelijk een patroon, een patroon dat ik bij je terugzie en waarvan ik mij afvraag of je het zelf wel ziet. Iedere keer als Wij -en het spijt mij dat ik dat beladen woord gebruik- een stap vooruit zetten komt er binnen één of twee dagen een terugslag bij jou, neemt de twijfel toe en maak je jezelf emotioneel onbeschikbaar. Zet dat patroon je niet aan het denken? Ik heb al zovaak gezegd : ik ben ook niet verliefd op jou. Wat er tussen ons is - al is het dan met vlagen - heeft zoveel meer potentie dan dat. Wij dringen tot elkaar door op een fundamenteel nivo, een nivo waar we andere mensen niet toelaten. Ja, dat is doodeng. Maar.." Ik zucht even diep en glimlach als ik je in mijn rechteroor synchroon hoor meezuchten. "Ok, dit is niet aan mij en ik ben verre van een psycholoog maar ik wil het toch gezegd hebben - en voel je vrij om op te hangen en mij nooit meer te willen spreken hierna -  : heb je al eens overwogen dat je last zou kunnen hebben van bindingsangst? Gezien je verleden - de laatste twee relaties voor mij - zou dat niet echt HEEL erg vreemd zijn snap je? Bij je eerste ex heb je jezelf tot twee keer toe volledig bloot gegeven om vervolgens opzij geschoven te worden alsof het allemaal niets betekende , en bij je laatste ex..Om je allerdiepste droom op zij te willen zetten en er dan achter te moeten komen dat de ander al verder gegaan is met zijn leven en daarmee je hele innerlijke strijd zinloos te maken..Er zijn mensen door minder van binnen geknapt .."

"Make a remark," said the Red Queen: "It's ridiculous to leave all conversation to the pudding!"
Through the looking glass and what Alice found there - Lewis Carroll


Verbluft door mijn eigen woorden val ik even stil. Dit was..onverwacht en niet geheel gepast. De stitle aan de andere kant is oorverdovend. Even voel ik..een flintertje hoop? Verlangen? Ik kan niet weten of mijn woorden enige waarheid met zich meedroegen, ik wist zelf niet wat ik wilde zeggen toen ik begon te praten. Maar het kan. Het zou een optie zijn. Alles hangt af van één heel simpel feit : Of je hebt gelogen tegen mij of niet. Als je niet hebt gelogen, als je geen toneel hebt gespeeld..dan zouden mijn woorden wel eens enige waarheid kunnen bevatten. Zeker, 'bindingsangst' is een beladen term en als ik heel eerlijk ben niet echt een vreemde voor mij. En plots zijn ze daar, alle mislukte relatiepogingen achter elkaar. Stuk voor stuk intelligente, aantrekkelijke vrouwen. En geen enkele..geen enkele raakte mij echt. Het is belangrijk om nu onder ogen te zien dat ik inderdaad voor jou kan zijn wat al die vrouwen voor mij waren : een poging. Niet meer, niet minder. Als vanzelf flitsen er verschillende scenes voor mijn geestesoog voorbij. Scenes die zo puur en echt voelden dat ze niet nep geweest kúnnen zijn. Ik heb zelf genoeg 'gedaan alsof' om te weten hoe dat voelt of overkomt en hoewel ik je nooit écht heb zien acteren : ik geloof niet dat je zo goed bent. In mijn arrogantie denk ik precies te weten wanneer jij de twijfel voelde, dat waren namelijk heel vaak de momenten dat ik mijzelf als reactie daarop ook terugtrok.

Doelbewust verbreek ik de verbinding, blokkeer je nummer en verwijder al je contactgegegevens van mijn toestel. Het is aan jou. Als dit echt is - dan is het aan jou. Ik ga niet weg.

Omdat ik ook twijfel. Niet aan jou. Niet aan dat onuitspreekbare ding tussen ons. Niet aan het potentieel. Aan mijzelf. En aan mijn vermogen om alles te verneuken en iedereen om wie ik geef te kwetsen of kwijt te raken.

 

But I believe in love
And I know that you do too
And I believe in some kind of path
That we can walk down, me and you
So keep your candles burning
And make her journey bright and pure
That she will keep returning
Always and evermore

Golzuam's picture

Door de spiegel - I ( The horror of that moment )

"The horror of that moment," the King went on, "I shall never never forget!"
"You will, though," the Queen said, "if you don't make a memorandum of it."

Through the looking glass and what Alice found there - Lewis Carroll

Woensdagavond, half negen. Ik schenk mijzelf nog een glas whiskey in en hef het omhoog richting raam. "Proost, waar je ook moge zijn. Wat je ook aan het doen bent..Ik hou van je".. Mijn stem breekt, melodrama kent zo zijn prijs. De alcohol verdwijnt met een ferme slok in mijn keel en brand zich via mijn slokdarm langzaam een verhitte weg omlaag richting mijn maag - en plots is daar dat bekende 'ploink' geluid. Dat geluid waar ik zo van ben gaan houden omdat ik het met jou associeer. Ik weet meteen dat jij het moet zijn, en grijp mijn telefoon.

"Kan ik je bellen?"

Meteen schiet mijn hart in mijn keel. De korte zin duidt op weinig goeds, aan de andere kant ben je nooit een vrouw van veel woorden geweest.."Ik ben er" stuur ik terug, leun achterover en wacht. Er verstrijken niet meer dan een paar secondes voordat ik alsnog van schrik stijf overeind schiet als mijn scherm oplicht en de telefoon begint te loeien. Het blijft raar hoe erg je kan schrikken van iets waarvan je weet dat het er aan zit te komen, waar je voorbereid op bent en met je volle concentratie op zit te wachten..
Ik neem op. "hey.." fluister ik. "hey" hoor ik terug. Je klinkt zacht, ver weg bijna - een ononverbrugbare afstand, als het ijskoude vacuum tussen een maan die rondjes draait rond  haar moederplaneet. God, wat een slechte doch niet geheel onjuiste allorgie bedenk ik mij terwijl het besef van onze huidige omstandigheden als een koude steen op mijn maag gaat liggen.  Er begint ook iets van irritatie diep in mij te borrelen maar die druk ik met een beslist gevoel weg naar de achtergrond waar zij hoort. Het is fijn om je stem weer te horen, om weer contact te hebben - ook al is het op deze manier. Ook al is het op afstand, onpersoonlijk, misschien zelfs wel mosterd na de maaltijd - het is tenminste contact.
"We moeten praten..ik moet iets kwijt." Weer die stilte waar ik zo'n hekel aan ben gaan krijgen. Die stilte die ik gebruik om mijn allerdonkerste gedachtes naar de oppervlakte te laten komen totdat zij mij verlammen en mijn empathie vergiftigen. De stilte die normaal gesproken zo natuurlijk en ongedwongen aanvoelde tussen ons hangt als een stille muur tussen ons in. Nee. ik ga niets zeggen. Ik ben altijd degene die als eerste iets moet zeggen, jij kan prima een half uur liggen te woelen en voor je uit liggen te staren - ik wil dat niet. Ik kan het, ow godverdomme en of ik dat kan. Dit is precies zoals het vroeger bij ons thuis ging, lekker je emoties onbesproken laten en je hullen in een arrogante stilte. Een stilte die voelt als een strijd waarbij de zwakste altijd als eerste ingeeft en de overwinnaar zich kan wentelen in de superieure glorie van een minzame glimlach en de luxe van het Antwoord. Niet de eerste stap, het Antwoord..

Nee, niet deze keer. Ik voel een ijzige woede in mij opvlammen als ik aan alle eerdere momenten denk dat we zo tegenover elkaar stonden, naast elkaar lagen of zaten. Het was ik, altijd ik die als eerste de stap zette. Net zoals ik tijdens ons hele samenzijn de kartrekker moest zijn, om de simpele reden dat jij het naliet. De moeite niet nam, wat er tussen ons was misschien zelfs wel de moeite niet waard vond terwijl wil ik keer op keer...nee. Niet nu. Adem in, adem uit. Rust. Zelfbeheersing. Mijn oog valt op de drankfles op mijn tafel en terwijl ik luister naar de oordovende stilte in mijn linkeroor schenk ik mijzelf nog een glas drank in een neem een slok.

 

"Why, I do believe we've been under this tree the whole time! Everything's just as it was!"
"Of course it is," said the Queen, "what would you have it?"
"Well, in our country," said Alice, still panting a little, "you'd generally get to somewhere else—if you ran very fast for a long time, as we've been doing."
"A slow sort of country!" said the Queen, "Now, here, you see, it takes all the running you can do, to keep in the same place. If you want to get somewhere else, you must run at least twice as fast as that!"

Through the looking glass and what Alice found there - Lewis Carroll

Ik spits mijn oren en hoor je zachtjes ademen. Hoe lang duurt deze stilte nu al..een minuut? Twee? Vijf? Weer begint het diep in mijn maag te borrelen, de adrenaline begint zich door mijn lijf te verspreiden..of is het de drank? Langzaam maar zeker voel ik mijn ergernis en frustratie omslaan in woede. Jij miserabel. arrogant en egocentrisch kutwijf. Hoe heb ik zo blind kunnen zijn? Hoe heb ik ooit ook maar kunnen denken dat wij diep van binnen twee helften van dezelfde ziel zijn? Even hoor ik je adem stokken en ik merk plost hoe zwaar mijn eigen ademhaling opeens verloopt. Ik kan mij niet langer inhouden..

"JIJ wilde bellen, naar ik aanneem niet om minuten lang naar elkaars ademhaling te luisteren. Ga je nog wat zeggen vanavond of zal ik maar gewoon ophangen? Ik ben dit gedoe van je spuugzat en om heel erg eerlijk te zijn was ik niet echt van plan om hier nog veel langer mee te dealen dus je kan kiezen of delen wat mij betreft : blijf lekker zwijgen en ik hang weer op - of praat en ik luister." Ik hoor je ademhaling verzwaren maar het blijft verder stil. Gefrustreeerd haal ik de telefoon bij mijn oor weg en ontgrendel het scherm, klaar om het gesprek te verbreken en je voorgoed te blokkeren. Ik ben dit zo ontzettend zat..

"Wacht!" hoor ik dan, en als vanzelf plaats ik het apparaat weer tegen mijn oor. "Ik luister."
Weer een stilte. Je gezicht verschijnt als vanzelf voor mijn geestesoog, ik kan je zien zitten met die inmiddels voor mij overbekende gekwelde gezichtsuitdrukking die als een schaduwmasker over je gezicht hangt. Je innerlijke strijd is bijna voelbaar..
"Het ligt niet aan jou, het ligt aan mij. Dat wilde ik even kwijt." Het voelt alsof een vuist zich op volle kracht in mijn maag boort en ik voel mij fysiek onpasselijk worden terwijl ik naar adem hap.Stil blijven. Houd je mond sukkel, het orakel praat eindelijk na zich dagen in ijzige stilte gehuld te hebben. De stilte valt als de midwinternacht over een landschap en ik laat haar met pijn en moeite zijn terwijl de gedachtes en ergernis in mijn hoofd om mijn aandacht vechten. "Het is gewoon..ik blijf maar twijfelen. Twijfelen aan mij. Of ik je niet gebruik. Manipuleer. Je weet dat ik niet verliefd ben, en dat gevoel gaat maar niet weg. Ik blijf alleen maar obstakels zien. Ik..denk gewoon niet dat wij gelukkig kunnen zijn samen. Er zijn genoeg momenten dat ik mij fijn voel bij je, dat alles goed gaat. Maar dan opeens begin ik weer te denken en dan valt alles gewoon in elkaar. Ik kan het gewoonweg niet meer opbrengen."
Ik zuig een ademteug tussen mijn tanden door naar binnen. Weer die vuist in mijn maag. En nog één. En nog één. Er schieten verschillende scene's uit de afgelopen weken door mij heen en vermoeid schud ik mijn hoofd. Ik.kan.dit.niet.meer. Steeds diezelfde plaat. En dan..dan voel ik de dam breken.

"You know," he added very gravely,
"it's one of the most serious things that can possibly happen to one in a battle —
to get one's head cut off."

Through the looking glass and what Alice found there - Lewis Carroll

"Je doet dit niet voor mij, je doet dit voor jezelf. Je bent een zelfgenoegzaam manipulerend kreng weet je dat? Hoe durf je, HOE DURF JE om mij nu op te bellen en dit bij mij neer te leggen? Je verwacht serieus nu dat ik je closure ga geven? Dat ik je ga vertellen dat het niet erg is, dat het ok is? Val godverdomme gewoon hartstikke dood neer kutwijf. Ik ben je zat, is dat genoeg? Kan je nu verder? Hoef je je nu niet meer schuldig te voelen? Flikker gewoon een kuteind op, het is niet alsof onze tijd samen zo geweldig was je bent een fucking onmogelijk mens om veel tijd mee te moeten doorbrengen met al je achterlijke kutmaniertjes, je hypochonder gedrag en je achterlijke moodswings. Je bent gewoon een fucking autist!" Ik schrik van het gif in mijn stem. Dit is geen gewone boosheid meer, ik lijk er op uit om haar te breken.."Ik heb je dagboek gelezen weet je nog? Hier heb je nog wat ongevraagd advies waar je TOCH nooit wat mee zal gaan doen omdat je behalve een complete narcist OOK nog eens een totale lafaard bent : lees het nog eens door. Kijk eens naar alles wat je over je ex geschreven hebt, en houd het eens naast de gedragscode die je er voor jezelf op nahoudt. Wil je gelukkig worden? Ga dan terug naar hem, jullie verdienen elkaar godverdomme! Beide totaal gefocussed op zichzelf, beide zonder enig empatisch gevoel naar andere mensen om over een moreel kompas nog maar te zwijgen. Ik dacht dat wij hetzelfde waren maar in werkelijkheid hadden wij niet meer van elkaar kunnen verschillen dan we doen IK BEN NAMELIJK WEL EEN FATSOENLIJK MENS DIE DE LUCHT IN ZIJN LONGEN WAARD IS STOMME KUTHOER. Het enige dat jou -of die kansloze ex van je- interesseert aan andere mensen is wat ze voor jou kunnen betekenen.. Ik walg van je uit de bodem van mijn hart. Mijn leven zou zo oneindig veel mooier zijn geweest zonder jou dan het in het afgelopen jaar met jou gewesst is dat het godverdomme hilarisch geweest zou zijn ALS HET NIET ZO GODVERDOMDE SNEU GEWEEST ZOU ZIJN"

Uitgeput van de rant laat ik mij achterover vallen en sluit mijn ogen. Het pure vergif van woede en haar dat door mijn aderen lijkt te stromen brengt een gevoel van misselijkheid met zich maar dat ik niet van mij af kan zetten.

Aan de andere kant hoor ik gesnik, verder blijft het stil. Een stilte die -zo dringt het plots met een ijzingwekkende zekerheid tot mij door- nu niet meer verbroken zal worden. Zeker, iedere andere vrouw zou nu de onbedwingbare behoefte gevoeld hebben om mij tegen te spreken, al dan niet vergezeld van dezelfde krachttermen die ik zonet naar je hoofd slingerde. Maar jij, jij bent anders. Plots zie ik ze voor mij. alle vrouwen van de afgelopen jaren. Alle mislukte pogingen. Alle vrouwen die voor mij waren wat ik blijkbaar voor jou was ondanks.. Ugh. De vraag blijft, wie heb je voor de gek gehouden in de afgelopen tijd, jezelf of mij? Los van mijn uitbarsting van zojuist waarmee ik niet alleen alle hoop op een herstel van ..wat er ook nog over gebleven is van onze band definitief naar het rijk der fabelen verwezen heb - die vraag zal mij waarschijnlijk nog maanden zoniet jaren blijven kwellen : wie van ons twee je hebt voorgelogen. Er schieten verschillende scénes uit de afgelopen tijd door mijn hoofd, scenes waarin ik geloofde. Situaties waarin jij leek te geloven. Was dat dan allemaal illusie of toneelspel? Ik weiger om dat te geloven. En toch, als ik het relateer aan mijzelf..een diepe zucht. Nee, dat was toch duidelijk anders. Ik wist, iedere seconde along the way, dat ik toneel speelde. Ik denk dat ik bij jou wel degelijk een verschil merkte, voelde zelfs.

Doelbewust verbreek ik de verbinding, blokkeer je nummer en verwijder al je contactgegegevens van mijn toestel.

Omdat ik ook twijfel. Niet aan jou. Niet aan dat onuitspreekbare ding tussen ons. Niet aan het potentieel. Aan mijzelf. En aan mijn vermogen om alles te verneuken en iedereen om wie ik geef te kwetsen of kwijt te raken.

So for a while
Everything seemed new
Did we connect?
Or was it all just biding time for you?

 

Golzuam's picture

Bitterzoet

 

Love me tender,
Love me sweet,
Never let me go
You have made my life complete,
And I love you so

'Love me Tender', Elvis Presley

Vandaag markeert wat het 53e jubileum van het huwelijk van mijn ouders geweest zou zijn, een jubileum dat ze helaas niet meer hebben mogen delen samen. Bij de gedachte aan deze dag ondervind ik wat ik na enig diepgaand zelfonderzoek alleen maar kan omschrijven als 'gemengde gevoelens' zoals dat dan zo mooi heet. Er is verdriet omdat mijn moeder er niet meer is om deze dag met mijn vader, mijn zus en mij te vieren - maar er is ook vreugde om de tijd die wij samen hebben mogen delen. Mijn dromen zijn sinds kort weer terug, heviger dan ooit tevoren en als ze mij iets duidelijk hebben weten te maken dan is dat de prachtige wijsheid die verborgen zit achter deze eenvoudige woorden : iemand is pas echt overleden als er niemand meer aan hem of haar denkt. En wie is er beter geschikt om verhalen te vertellen dan een -wannabe- schrijver? Juist.

Niemand.

Met een beetje (of juist erg veel) fantasie zou je in deze post een vervolg op de vorige kunnen lezen, maar ze gaat niet over mij. De mensen die mij kennen weten immers allemaal wel dat het tussen de liefde en mij nooit echt geboterd heeft, en ik voorzie daar in de nabije toekomst ook niet echt een verandering in - dus laat ik het dan maar of andermans liefde hebben, bijvoorbeeld die tussen de twee mensen die er in vrij letterlijke zin voor gezorgd hebben dat ik besta (hoewel ik zoals mijn vader mij tot op de dag van vandaag zo graag onder mijn neus blijft wrijven ook voor mijn geboorte al een dwarsligger was en een jaar of zes langer op mij heb laten wachten dan geplanned). De liefde tussen mijn ouders was, hoe zal ik het zeggen..complex (nee, ik heb het niet van vreemden zo blijkt). Ik twijfel er niet aan dat ze echt van elkaar hielden, en ik ben op mijn leeftijd inmiddels gepokt en gemazeld genoeg om te weten dat het ideaalbeeld van de liefde zoals ik dat zolang voor mij heb gezien ook niet meer is (en gaat zijn) dan dat: een ideaalbeeld. De liefde is -denk ik, maar wat weet ik er nu verder ook helemaal van- een emotie zoals alle andere: een dubbel snijdend zwaard. Maar zoals gezegd, deze post gaat niet over mij. Ze is een eerbetoog aan de liefde tussen mijn ouders, en alles wat daarbij kwam kijken.

Love me tender,
Love me true,
All my dreams fulfilled
For my darlin I love you,
And I always will

Dit is voor mij een erg bijzondere foto, en niet alleen omdat het een foto van mijn ouders is in de kracht van hun leven. Ze zijn hier -hoe vreemd en angstaanjagend de gedachte voor mij ook is- jonger dan ik nu ben, namelijk vroege twintigers. Deze foto is zo bijzonder omdat deze genomen is tijdens wat -ook al heette dat in de vroege jaren '60 niet zo- hun eerste 'date' was. Alles wat er sindsdien heeft plaatsgevonden, het huwelijk, de verhuizing naar Maasbracht, de geboorte van mijn zus en mij, de vakanties, de mooie momenten samen, de ruzies, de eindeloze avonden voor de tv of aan de eettafel..ze zijn begonnen tijdens de avond die hierboven in beeld gevangen is. Ik vind het een prachtige foto om naar te kijken en bij weg te mijmeren, te zien wie mijn ouders waren voordat..nou ja voordat ze veranderden. Voordat ze mijn ouders werden. Ik zie in de ogen van mijn vader een lichte arrogantie spiegelen die ik niet van hem ken, een arrogantie die wel past bij iemand die net klaar is met zijn tijd als beroepsmilitair bij het korps mariniers. Strak afgetrained, haren in een (toen nog) modieuze kuif en zijn hand losjes om het middel van wat ongetwijfeld één van de knapste vrouwen uit het boerengat waar ze die avond Carnaval (jaja, Carnaval) vierden is, en wel op een manier die mij ietwat irriteert en diezelfde arm wil doen wegslaan terwijl ik hem toebijt dat het toevallig wél mijn moeder is waar hij met zijn tengels aanzit - hoe contraproductief dat ook zou zijn geweest.

Mijn moeder kijkt - overduidelijk aangeschoten - met mijn ogen naar de camere, overduidelijk behoorlijk in haar sas met die afgetrainde bink die heel wat van de wereld gezien heeft aan haar zijde. God, wat moet hij voor haar indertijd een bevrijding geweest zijn uit het benauwde leventje dat ze tot op dat punt leefde. Haar eigen moeder (mijn oma) was -zoals dat dan indertijd in de volksmond genoemd werd- 'niet helemaal goed' waardoor een groot deel van het huishouden en de zorg voor haar veel jongere broertjes bijna volledig op haar schouders terechtkwam terwijl zij door het vroege wegvallen van mijn opa ook nog verantwoordelijk was voor een fors deel van het inkomen door middel van huishoudelijk werk voor de notabelen uit het boerengat waar zij opgroeide. Later wist zij hieraan te ontsnappen door 'in de leer te gaan' bij de zusters (nonnen) in het lokale klooster, waar ze zo goed en kwaad als dat in je jaren '50 van de vorige eeuw ging werd opgeleid tot wat we nu verzorgenden in de zorg voor mensen met een ernstige verstandelijke beperking noemen - waar een interessante link zit naar mijn eigen beroepskeuze van bijna 50 jaar later.
Maar toen was daar dus opeens die stoere vent die al heel wat van de wereld gezien had, een man die haar tenminste -zoals zij mij later onder vier ogen bekende-  aan het lachen wist te krijgen en haar het gevoel gaf serieus genomen te worden, iets wat tot op dat punt geen enkele andere man in haar leven voor elkaar gekregen had. Zijn totale gebrek aan romantiek nam ze maar voor lief (niemand is perfect, mijn vader al helemaal niet..).

Love me tender,
Love me long,
Take me to your heart
For it's there that I belong,
And well never part

Eén van de dingen die mooi zijn aan het ouder worden is dat je ouders je gaan behandelen als een volwassen iemand, en de aard van de gesprekken die je met elkaar voert dus ook veranderd. Mijn moeder bekende ooit eens in een melancholische bui dat mijn vader welliswaar een goede man is maar dat romantiek -echte romantiek- niet aan hem besteed is en dat voor haar dat gebrek wel het grootste gemis geweest was tijdens hun huwelijk, iets dat mij om de één of andere reden erg raakte. Ik heb toen besloten om haar voortaan iedere keer als ik op bezoek kwam (wat indertijd tot mijn grote schande echt maar een aantal keren per jaar was) bloemen of een plantje mee te nemen, wat onderwerp werd van een vast ritueel tussen haar en mij. "Dat had je niet moeten doen" "Jawel mam, je verdient het dat een man bloemen voor je meeneemt". Het is overigens een gewoonte die ik in licht gewijzigde vorm tot op de dag van vandaag weet vol te houden, nog iedere keer als ik haar graf bezoek plant ik een plantje terwijl ik zachtjes "en nu niet meer zeggen dat er nooit eens iemand een bloemetje voor je meeneemt mam" fluister. Fuck nu gaat het dus alsnog over mij maar goed; wie probeerde ik ook voor de gek te houden: alles wat ik schrijf gaat over mij -direct of indirect.
Wat mijn moeder wél mocht ontvangen van mijn vader was zijn onvoorwaardelijkheid : er bestonden geen andere vrouwen meer voor hem. Hij had immers gekozen voor mijn moeder, zo eenvoudig was dat. Daarnaast was mijn vader iemand die nooit weg liep voor zijn verantwoordelijkheden en die altijd zijn gezin op de eerste plek zette - zelfs ten koste van zijn eigen dromen. In ruil daarvoor schikte mijn moeder zich in haar rol als huisvrouw, hoezeer ze dat verder ook verfoeide. De harde waarheid was dat mijn vader -zeker toen mijn zus en ik nog jong waren- met hard werken en lange dagen maken meer geld naar huis kon brengen dan zij en dat ons gezin iedere cent hard nodig had. Ik kom namelijk zoals dat dan heet uit een eenvoudig arbeidersgezin waarin we het niet bepaald breed hadden vroeger en het was mijn vader die met hard werken en zoveel bijstuderen als hij maar kon ons gezin in financieel opzicht boven water heeft weten te houden, iets wat ik pas (veel) later heb kunnen begrijpen en waarderen. Daar stond tegenover dat het mijn moeder was die haar leven dienstbaar maakte, die haar dromen opofferde om te zorgen voor ons gezin. Het was die twee-eenheid, die onuitgesproken hechte samenwerking die er voor gezorgd heeft dat ik en mijn zus 'goed terecht zijn gekomen' - iets waar enige dankbaarheid wel voor op zijn plek is.

Love me tender
Love me dear
Tell me you are mine
Ill be yours through all the years,
Till the end of time

Mijn ouders hebben samen meer dan 50 jaar mogen doorbrengen, een getal dat bij mij verwondering en ontzag weet op te roepen. Een halve eeuw samen, 50 jaren die lang niet altijd makkelijk geweest zijn. De generatie van mijn ouders (net wel/ net niet baby-boomers) is de eerste generatie waarvoor een echtscheiding tot de mogelijkheden behoorde, maar zij kozen er bewust voor om bij elkaar te blijven; misschien juist wel op de momenten dat het tegen zat. Ons gezin is door zwaar weer heen gegaan (hoewel ik dat indertijd echt niet zag) toen mijn vader plots werkeloos werd en teveel begon te drinken en - zoals Spinvis het zo mooi weet te verwoorden - "alcohol vrolijk de mannen veranderd". De ruzies die dat opleverde zette wel druk op de band tussen mijn ouders maar er bleef altijd die blik , een blik die ik later zelf heb leren kennen. Een blik die zegt "het interesseert mij niet wat je doet of zegt, ik weet wie je bent". Ik denk wel eens dat het die blik geweest is die mijn ouders bij elkaar gehouden heeft terwijl er genoeg huwelijken om hen heen kapot gingen. God, wat heb ik veel mooie herinneringen aan hun tijd samen. De vakanties waar ook mijn moeder traditioneel nog wel eens een wijntje of een tia-maria teveel dronk en dan (naar mijn smaak net iets té) openhartig ging vertellen wat ze nu écht over mij, mijn domme beslissingen en mijn achterlijke pubergedrag dacht. De manier waarop zij als ik weer eens in conflict raakte met wat dan misschien wel mijn vader maar voornamelijk toch ook gewoon haar man was volstrekt stoicijns bemiddelde zonder enige voorkeur te laten blijken.

De korte aanrakingen die mijn ouders met elkaar deelden, waar voor hun meer genegenheid uit leek te spreken dan de overmatige behoefte aan fysiek contact waar de jongere generaties aan lijken te lijden. Mijn ouders hoorden gewoon bij elkaar, dat wisten ze zelf misschien nog wel beter dan de mensen om hun heen - waaronder mijn zus en ik.


Love me tender
Love me true
All my dreams fulfilled
For my darling I love you
And I always will

Eerder heb ik op dit blog geschreven over hoe het gebrek aan zichtbare intimiteit en genegenheid tussen mijn ouders mij als kind en puber enorm dwars gezeten hebben. Dat bedoelde ik niet negatief of veroordelend - het was slechts een poging tot een objectieve weergave van de feiten zoals ik ze zag. Toch wil ik daar graag nog iets aan toevoegen, en wel het volgende :

In de nadagen van mijn moeders slopende ziektebed heb ik meer genegenheid, intimiteit en blijken van liefde tussen mijn ouders mogen zien dan ik zelf ooit heb ervaren. De tederheid, de gesprekken, de opoffering van zowel mijn vader als mijn moeder terwijl het naderende afscheid als een dreigende guillotine boven hen hing waren veelzeggend. De uren dat mijn vader naast het bed van mijn moeder zat met haar frele handen in zijn grove kolenschoppen. De momenten dat zij met haar hoofd tegen zijn schouder in slaap viel. Mijn vader die op zijn beurt voorovergebogen over haar bed in slaap viel. De momenten dat mijn moeder - toen de mentale achteruitgang een feit was en alle remmingen verdwenen waren- uit het niets bij mijn verbouwereerde vader om de nek vloog, hem een klapzoen gaf en trots aan de wereld verkondigde : "Doe bis van mich!" ('jij bent van mij') alsof hij niet die bejaarde suikerpatient met een ruime veertig kilo aan overgewicht was maar nog steeds die arrogante jonge god van die foto hierboven.. Dat is liefde. Dat is liefde in haar meest pure en rauwe vorm.

Een liefde die bijna 52 jaren heeft mogen duren.

Godverdomme, ik hou van ze.
En ik ben stikjaloers.

Love me tender
Love me dear
Tell me you are mine
I'll be yours through all the years
Till the end of time

Golzuam's picture

De liefde, of het gebrek er aan

 

 

Stood here
At the edge of the world, dear
Three wishes for you as the tide turns
Salt water
Meets with the skies, dear
Meets with your eyes my dear as the day dies
I’ve seen this trick before
Watch the waves write your name
On the shore

American Spirit, Tom McRae

Plons. De steen zakt met een bevredigend geluid weg onder de golven, ik pak een volgende en smijt deze wederom naar de golven om vervolgens in stilte toe te kijken hoe hij met een diepe plons wegzinkt. In de verte verlicht het weerlicht de horizon terwijl de donder langzaam wegebt, de fel opstekende wind laat mij rillen in mijn windjack. Water, het is altijd water waar ik terecht kom als ik worstel met mijzelf. En een worsteling is het.
Het is op een bepaald nivo lachwekkend hoezeer ik blijf worstelen met mijn eigen integriteit, in alles wat ik doe. Me and my big mouth..again.

Plons. Weer een steen de oceaan in.

De storm wakkert aan maar ik voel hem bijna niet meer. Als vanzelf glijd ik terug in mijn oude vertrouwde toeschouwersmodus. De rest van de wereld is buiten, ik zit opgesloten in mijzelf. Keer op keer speel ik de scene na in mijn hoofd. Verbeeld mij dat het anders ging, beter ging. Puurder. Empatischer. Maar dat is een volstrekt zinloze exercitie, het moment is voorbij en voor de zoveelste keer in mijn leven heb ik met mijn fucking grote bek zonder enig aansziens des persoons iemand gekwetst. Waarom vind ik het nodig om te pas en te onpas alles te becommentariëren? Wie denk ik wel niet te zijn? Ik ben niets meer dan een klein miezerig mannetje met een veel te groot ego..

Plons.

Alsof deze hele situatie al niet fucked up genoeg is zonder mijn gezeik..Maar goed, dat was een keuze en daar sta ik nog steeds achter. Ik heb mijzelf willens en wetens in deze extreem kwetsbare situatie geplaatst, niet omdat ik de pijn (en om eerlijk te zijn had ik van te voren geen idee hoe dit zou gaan uitpakken..) zo lekker vind maar omdat ik je een mooi mens vind. Omdat ik delen van mijzelf in jou herken. We zijn hetzelfde, maar toch verschillend. Ik wilde je graag in mijn leven, ook al zou de prijs hoog zijn. En dat is hij, zo heb ik ontdekt. Alsnog, het was mijn keuze en ik sta er nog steeds achter. En nu heb ik je diep geraakt en zitten we beide opgesloten in onze eigen wanhopige patronen op zoek naar een uitweg. Het zou mij totaal niet verbazen als je nu ook hier ergens op ditzelfde rotsstrand rondloopt. Gekwetst, verdrietig misschien zelfs wel. In ieder geval niet boos want die emotie lijk je niet te kennen, en als je haar kent uit het zich alleen in een puur verdrietige -misschien zelfs wel machteloze- respons. Mijn openhartige bekentenis van eerder vandaag heeft de zaken er vast niet makkelijker op gemaakt, maar ook dat is nu water onder de brug.

Plons.

Ik heb geen idee wat je in mij oproept. Als een geboren introvert ben ik bekend met het eindeloos analyseren van mijn eigen emoties en reacties, en die van de mensen om mij heen. Ik ben niet verlieft, ook niet geweest - dat weet ik zeker. Maar toch, het is alsof ik die soms wat puberale emotie compleet overgeslagen heb en nu.. nu hou ik van je. Daar, ik heb het al gezegd maar pas nu ik het in deze aankomende storm voor mijzelf in alle rust onder woorden breng is het waar. En door die waarheid zie ik opeens in een heldere flits een mogelijke toekomst voor mij. Awkward gedoe. Pijnlijke net-niet gesprekken. Vast willen houden aan iets dat was maar nooit meer zal zijn. En dat allemaal omdat ik..

Plons.

Zucht. Twee keer binnen één dag mijn grote mond niet kan houden. Dit is mijn schuld. Eén van mijn meest betekenisvolle vriendschappen, connecties, hoe je het ook wil noemen : er is een grote kans dat ik vandaag het giftige zaadje heb geplant dat zal leiden tot het onvermijdelijke afscheid. De liefde die niet kan zijn, een prachtig thema om over te lezen maar niet om te doorleven. Weer vliegt een steen door de lucht richting de golven. Ow man, volwassen zijn zuigt.
Maar is dat nu niet net het probleem? Ben ik niet gewoon emotioneel onvolwassen? Ik neem de tijd om deze gedachte even te laten rijpen in mijn hoofd. Nee, dat is het niet. Nog sterker, diep van binnen voel ik dat ik er goed aan gedaan heb om te bekennen wat ik voor je voel. Een oprechte vriendschap begint bij gelijkwaardigheid en openheid, ook al is dat dan niet persé op het ietwat naieve nivo waar ik naar streef. Het is niet meer dan eerlijk dat jij weet dat één van ons beiden meer voelt dan de ander. Maar vanavond..vanavond ging ik veel te ver. Als een arrogante prediker meende ik wel even het recht te hebben om je te wijzen op je tegenstrijdige gedrag als het om je zoektocht naar liefde en geborgenheid gaat, een recht dat ik niet had. Een recht dat niemand heeft. Ieder mens heeft recht op zijn eigen zwakheden en onvolkomenheden, en die van jou zijn..prachtig, op een ontroerende wijze. Net zoals jij dat bent.

And I know what you won’t say
For all this stolen time
Someone pays
Hold your breath
There’s still time left
Come on hold your breath
Swim with me further from the shore
Swim with me ‘til I can swim no more

American Spirit, Tom McRae

Even schiet je opmerking van die ochtend weer door mijn hoofd 'ik breng je in een onmogelijke positie' ..en ik schud met een meewarrige glimlach mijn hoofd. Nee, dat doe je niet. IK heb mijzelf in een onmogelijke positie gebracht, een keuze die ik met mijn volle verstand (en of dat toereikend is mogen anderen voor mij beoordelen) gemaakt heb en om eerlijk te zijn heb ik er nog geen seconde spijt van gehad. Tot aan dit punt aan toe hebben we zelf geen idee 'what the fuck' dit.. dit DING tussen ons nu precies is. Of hoe ver het zou kunnen gaan. Ik voel ook nergens de behoefte om er een etiketje op te plakken. Wat tussen ons is - dat is van ons. Wij definieren het. De rest kan mij gestolen worden.
Ergens voel ik een steek van bezorgdheid. Dit kan niet eeuwig duren. Of jij, of ik gaat iemand tegenkomen met wie er wél een relatie ontstaat. Nee, ik koester geen hoop dat wij nog ooit eens samen zullen zijn. Als ik die hoop al ooit gekoesterd heb in het afgelopen jaar - dan is die nu wel veilig begraven op het kerkhof naast had ik maar, zou ik maar of kon ik maar. Het besef dat er nooit iets zal zijn op dat nivo doet pijn, maar niet vanwege de afwijzing an sich. Je wordt geen 42 zonder om te leren gaan met afwijzingen. Het doet pijn omdat..omdat het ergens aan raakt waar jij geen weet van hebt. Of misschien weet je het wel maar negeren we het gewoon beide.

Plons.

Die afwijzing op zich is dus het probleem niet. Wat wel een probleem vormt is de achterliggende reden. Die zorgt namelijk dat ik terugglijd in heel oude denkpatronen, patronen die ik inmiddels wel de baas ben of dacht te zijn - maar het het kost veel veerkracht en discipline om er niet aan toe te geven. De waarheid is namelijk dat je afwijzing mij lelijk doet voelen. En dan niet alleen qua uiterlijk - innerlijk misschien nog wel meer. Ik ben niet goed genoeg, ik ben te lelijk. Dat zie ik regelmatig zelf ook als ik in de spiegel kijk of een foto van mijzelf zie. Dat iseen wond die ik al als klein jongetje heb opgelopen en die nog altijd aanwezig is als het littekentje op je been dat ik zo goed ken. Ik ben allang niet meer dat kleine jongetje maar dat litteken laat nog regelmatig merken dat het er is, en het brand van zelfhaat. De haat van iemand die zich er niet bij kan neerleggen dat hij nooit zal voldoen aan zijn eigen standaard. De haat die alles zinloos, betekenisloos en kansloos maakt. De haat die zegt dat ik mijzelf ook te lelijk en beneden mijn stand zou vinden als de rollen omgekeerd zouden zijn geweest. Dat het uitgerekend tussen jou en mij daarop moest uitdraaien - dat steekt. Je bent alles wat ik zou kunnen verlangen van een partner, een maatje, een geliefde - en zoveel meer. En uitgerekend jij - uitgerekend JIJ - wil mij niet.
Die strijd tegen de patronen die mijn pubertijd en tienerjaren overheersten steekt daardoor af en toe weer de kop op, en dat is dus de prijs die ik betaal om van je te houden. Maar het is ook een prijs die ik met volle overtuiging betaal omdat ik onze band, dit onnoembare DING tussen ons zo hoog heb zitten dat het alle negativiteit wegblaast. Ik ben namelijk het probleem - niet jij. Jij kan er niets aan doen wat mij vroeger allemaal overkomen is en ik reken je het dus ook oprecht niet aan. Dit is van mij en hoort ook alleen bij mij. Alles wat ik zeg, alles wat ik doe..doe ik vanuit mij. Niet om een gunst, genegenheid of whatever te 'kopen' - ik doe ze omdat onze band mij stimuleert om een beter mens te zijn. Jij kent een versie van mij die maar weinig mensen kennen, jij ziet de ik zoals ik ben. En ja, dat die versie van mij niet mooi genoeg is om van te houden - dat doet pijn. Maar ik kies hier met hart en ziel voor, niet omdat ik van je hou maar omdat ik je bewonder als mens. Omdat mijn leven mét jou mooier is dan een leven zonder jou..Ironisch genoeg is het juist mijn liefde die mij aanspoorde tot mijn egocentrische way-out-of-line-monoloog van vanavond besef ik mij dan opeens. Juist omdat ik van je hou wil ik je zo graag gelukkig zien - en als dat niet met mij kan en gaat zijn : dan met een ander.

Dát is de les die ik van dat gedoe met Rianne geleerd heb. Echte liefde kent geen eisen, verwachtingen of regels. Een waarachtige liefde is niet claimend maar onvoorwaardelijk. En ja, die liefde kan ook tijdelijk zijn.

Dat was ze namelijk al eerder.

Plons.

Terwijl de zwartgalligheid langzaam maar zeker wegebt hoor ik voetstappen. "Hey.." klinkt het zacht naast mij. Ik kijk omhoog, en natuurlijk ben jij het. Prachtig en ongenaakbaar in je kwetsbaarheid, een klassieke schoonheid met verwaaide haren door de nog steeds aanwakkerende wind. "Eén ding weten we nu zeker : uiteindelijk vinden we elkaar altijd weer terug" fluister ik zacht.

 

 
 
Golzuam's picture

Een jaar in beelden

Shapes fall into place
For once in your life you make
A clean breakaway

Music for a nurse - Oceansize

1/. Afscheid

Ik neem de in stemmig zwart geklede menigte in mij op. Meer dan vijftig paar ogen staren mij vol verwachting aan, De speech van mijn zus was intiem en persoonlijk en niemand van de aanwezigen kent mijn huidige ik goed genoeg om te kunnen weten wat er nu gaat komen, en daar sta ik dan : voormalig zwarte schaap van de familie - klaar voor zijn rede. Ik leg mijn spiekbriefje neer, schraap mijn keel en begin te spreken. Mijn woorden zijn warm en spreken van en over de liefde van een zoon voor zijn moeder. Mijn intonatie en spraak zijn kalm maar van binnen voel ik mij net zo dood als het stoffelijk overschot van mijn lieve moeder die in haar kist op een paar meter voor mij ligt. Toch is dit mijn moment, ik voel dat de aanwezigen aan mijn lippen hangen terwijl ik ze meeneem op een reis door mijn jeugd en onder woorden breng wie mijn moeder was - niet alleen voor mij maar iedereen.

Terwijl de in een alcoholroes geschreven woorden als vanzelf van mijn tong rollen scannen mijn ogen het gezelschap voor mij. Het is vreemd om mensen die ik meer dan 25 jaar niet gezien heb opeens te herkennen door de sluier van de verstreken jaren heen. Buren, kennissen, familieleden..het is een gemeleerd gezelschap - en ze eten allemaal uit mijn hand. Hier staat niet langer die wereldvreemde puber die alleen maar kon schoppen. Hier staat dan eindelijk De Man die ik geworden ben, in de kracht van zijn leven en volledig beheerst. Na het uitspreken van de laatste woorden van mijn afscheid valt er een gepaste stilte die pas na een paar minuten onderbroken wordt door 'In the ghetto' van Elvis Presley, één van de lievelingsliedjes van mijn lieve moeder. Pas dan breek ik even terwijl ik als vanzelf zachtjes meezing met het liedje dat mijn moeder vroeger altijd voor mij zong.

 

2/. Drankgelag

"Uhm jullie drinken toch niet..vind je het goed als ik deze lege fles even omruil voor de volle van jullie tafel?" Lang heb ik getwijfeld of ik wel zou meegaan met dit weekendje in de Efteling van mijn werk. Ik ben één van de weinige vrijgezellen en het idee van een weekend lang tussen mijn collega's plus gezinnetjes doorbrengen sprak mij niet heel erg aan maar ik ben toch gezwicht voor de smeekbedes van de twee andere vrijgezellen binnen ons bedrijf - tevens mijn game-matties. Hoewel ik zelden tot nooit alcohol nuttig vloeit de wijn tijdens het gezamenlijke diner ruimhartig. Terwijl om ons heen de gezinnetjes gezamenlijk van hun eten genieten in deze ietwat aparte setting gaan wij met ons drieen helemaal los en met wat handige omruilacties zitten er voor het dessert toch al drie flessen wijn in. De stemming is uitstekend, ik heb mij dit hele jaar lang nog niet zo bevrijd kunnen voelen. Alle zorgen. de stress, het verdriet..alles is van mij afgegleden met dank aan koning alcohol. Voor het eerst in maanden kan ik ongeneerd lachen en lol hebben met mijn vrienden zonder de zwarte sluier van de rouw die om mij heen blijft hangen tijdens het verwerken van mijn verlies en het voelt als een verdiende vakantie. Later die avond -eigenlijk in de vroege nacht- wankel ik arm in arm samen met mijn drinkebroers door een donkere Efteling naar ons hotel, zingend en lachend.

Voor even ben ik vrij.

 

3/. Duinen

We liggen op onze rug in een duinpan te praten - over alles en niets. Een verre ster knipoogt af en toe door een gat in de wolken, ik kijk in het donker even stiekem naar je en verwonder mijzelf wederom over onze connectie. Het is zeldzaam dat ik iemand tegenkom met wie het zo goed klikt, met wie de gesprekken vanaf seconde één als eb en vloed op en neer gaan. Je geeft mij het gevoel mij te kennen en te doorgronden zonder mij te veroordelen - iets wat ik gruwelijk gemist heb in de afgelopen jaren. Toch is er ook een lichte onrust diep in mij..Er ontbreekt iets..maar wat? Er hangt wel degelijk een lichte spanning tussen ons in, de spanning die er nu eenmaal bij schijnt te horen als je aan het daten bent - maar ik kan de spanning niet plaatsen. Het is niet de allesoverheersende en prikkelende spanning die bij een wederzijdse fysieke aantrekkingskracht hoort, maar alsnog genoeg om mij van mijn stuk te brengen. Dit is niet helemaal zoals het hoort te zijn, zoals het zou moeten zijn als twee gelijksoortige geesten elkaar dan eindelijk treffen.

Op dat moment maak ik een bewuste beslissing. Het maakt niet uit wat dit wel of niet is - het Is. Ik bewonder je, ik geniet van iedere seconde die we in elkaars gezelschap doorbrengen. De connectie is écht, en dat is wat telt. Vriendschap, geliefden of whatever..het zal genoeg zijn - maar verwarrend is het wel.

Misschien zelfs wel niet eerlijk.

 

4/.  Muziek

De verwachtingsvolle energie die in de grote zaal van Paradiso hangt is overweldigend. Hoewel het publiek vanavond anders is dan bij mijn gemiddelde concertbezoek (overwegend vrouwelijk, rond mijn leeftijd) merk ik meteen ook één groot voordeel : bijna niemand staat naar zijn telefoon te staren. Ik neem een biertje van mijn mattie aan en we toasten op het leven en deze heerlijke avond in Amsterdam. Terwijl de band het podium betreed en de eerste zachte klanken door de zaal drijven leun ik achterover en laat mij mee voeren door de muziek. De beelden die Spinvis door middel van zijn muziek en teksten schetst zijn prachtig melancholisch en kleurrijk terwijl de band haar publiek meeneemt op een reist door het Spinvis universum en ik besef mij hoe erg ik dit gemist heb. Regulier gesproken bezoek ik om de paar maanden wel een concert maar dit is de eerste keer in een jaar tijd dat ik mijzelf laat onderdompelen in de magische klanken van één van mijn favoriete artiesten en het is het type ervaring dat zich alleen laat vergelijken met een verre reis of psychedelische trip.

Als de band afscheid neemt na de laatste toegift kijk ik mijn maatje even breeduit grijnzend aan - dit was de ultieme bekroning van een heerlijke avond uit in Amsterdam.

 

5/. Zon

Ik zweet als een otter tijdens de klim van de laatste rots. De zon brand in mijn nek als ik mijzelf omhoogtrek en neerplof om uit te hijgen. Fuck, ik ben duidelijk geen 18 meer inderdaad. Vroeger beklom ik deze rots lachend, nu kost het mij zo ongeveer een hartaanval..maar het uitzicht is nog altijd even betoverend. Als vanzelf duikelen de momenten dat ik hier eerder gestaan heb door mijn gedachten. Een klein bang jongetje van een jaar of zes, samen met zijn grote stoere papa. Een onzekere bijna puber, na zijn eerste zelfstandige klim. Een opstandige en boze puber, razend van woede om iets dat ik mij niet eens meer kan herinneren omdat het uiteraard volstrekt nietszeggend en onbelangrijk was. Een jonge dertiger, net in de kracht van zijn leven maar emotioneel volledig kapot van een slopende relatie..ze hebben hier allemaal gestaan en bijgedragen aan de man van middelbare leeftijd die hier nu staat.

Langzaam draai ik een rondje om mijn as terwijl ik de omgeving in mij opneem. De baai, de zee, de palmbomen, de hotels..en achter mij de oude wachttoren met middeleeuws geschut, geflankeerd door een bos. God wat is het hier toch prachtig.. In de verte zie ik een zeilboot wit afsteken tegen de diepblauwe zee en lucht en ik leun even tegen een uitstekende rots aan om wat schaduw mee te pakken. Het is fijn om hier weer terug te zijn, ik houd van deze plek. Kilometers verderop zit mijn vader rustig te lezen, eindelijk weer eens weg uit dat huis met al die herinneringen. De afgelopen dagen waren heerlijk, een geschenk. We hebben samen het hele eiland rondgereden om alle plekjes waar we in het verleden als eens eerder waren opnieuw te bezoeken en ik vind het fijn om te merken dat ik ze nu wél op waarde kan schatten - één van de zegeningen van het ouder worden.

En dan zinkt plots het besef in : ik ben weer heel.

 

 

Golzuam's picture

Niet iedereen die ronddwaalt is de weg kwijt

 

Everything I can remember
as fucked up as it all may seem to be

- I know it's me -

I cannot blame this on my father
He did the best he could for me

It's been awhile since I could hold my head up high
And it's been awhile since I said

"I'm sorry"

"It's been a while" - Staind

 

Godverdomme!

Ik schop gefrustreerd tegen een steen die het lef vertoont om voor mijn voeten te liggen en zie hoe deze op een totaal niet bevredigende wijze én afstand tegen een typisch Mallorcaans muurtje tot stilstand komt. Blegh, ook uit die hoek geen genoegdoening of bevrediging te verwachten dus.. Ik schuif mijn zonnebril terug op mijn neus, verhang mijn rugzak een beetje en grijp mijn waterfles. Bijna leeg, nog 6 kilometer te gaan in de felle zon. Good fucking job Mauzer, echt klasse weer. Terwijl ik in een fors tempo de lange en verlaten weg richting S'illot af begin te lopen maken  woede en ergernis langzaam maar zeker plaats voor introspectie. Wat er vanmorgen gebeurde was..typisch iets voor mijn vader en mij. De scene in de auto, het geschreeuw, de zinloze verwijten..ik kende ze allemaal. En toch was er iets anders, subtiel maar alsnog overduidelijk. Maar wat? Het was niet alleen het gemis aan de heerlijk nuchtere recht-toe-recht-aan opmerkingen van mijn moeder hoewel ook zij een Grote Afwezige vormde tijdens deze vakantie. Hoe kon het ook anders zijn na al die zomers die ik hier vroeger doorgebracht had? Deze trip was immers eigenlijk niet voor mij maar voor..

Godverdomme!
Weer een schop tegen een steen.

Er is iets in mij dat mijn vader maar dan ook echt alleen mijn vader weet te triggeren. Ik weet niet wat het is, waar het vandaan komt of zelfs maar of het ooit anders was (volgens mijn moeder overigens wel, Pa was beretrots toen hij na al die lange jaren van tevergeefse pogingen eindelijk een Zoon in zijn armen kon sluiten) maar dit is iets waar ik maar mee blijf worstelen ook al ben ik inmiddels ook al weer een volwassen man van bijna 42. Als vanzelf glijden we terug in onze oude, vertrouwde patronen van vroeger - en misschien is dat ook wel logisch mijmer ik terwijl ik rechtsaf sla op mijn zandpad. Het is nogal wat om na ruim 20 jaar opeens een kleine twee weken lang 24/7 samen te zijn, ik heb dusdanig veel 'ik' tijd en ruimte nodig dat ik mij binnen regulier sociaal contact soms al als een dier in zijn kooi begin te voelen, laat staan in een situatie als deze. Wat op zich ook weer gewoon geschift is voor iemand die binnen zijn werk sterk afhankelijk is van zijn sociale skills en daar prima mee weg komt - maar ik schijn nu eenmaal een wandelende contradictie te zijn. Ik haal nog eens diep adem en begin een wond te voelen waar de leren band van mijn hippe birckenstocks de huid van mijn voet open heeft weten te schuren. De cynische gedachte dat het ook echt weer iets voor mij is om met alles nét iets te lang door te blijven gaan dringt zich op. Niet alleen in mijn hele fucking leven, zelfs die klote hipster sandalen kan ik niet op tijd wegflikkeren.. Meteen is er een bevrijdende grinnik, in deze gemoedstoestand kan ik beter op hoge hakken gaan lopen aangezien dat veel beter past bij een Drama Queen. En blijkbaar roept de ruzie met mijn vader de dramaqueen weer op? Is dit een realisatie? Praat ik nu echt al de hele tijd tegen mijzelf en is het geestelijk nog wel gezond om zoveel vragen te blijven stellen?

Ik stop, maak een foto van mijn door de brandende zon scherp afgetekende schaduw  en kruip in hurkzit tegen wederom zo´n typisch Mallorcaans muurtje aan om water te drinken. Muziek zou wel zo fijn zijn en ik blader even door de muziek op mijn telefoon. Hm, Lateralus van Tool, dat is al weer even geleden..Als vanzelf vind mijn duim de play knop en ik sluit mijn ogen terwijl de eerste klanken van 'the Grudge' mijn oren beginnen te vullen. "Wear the grudge like a crown of negativity - Calculate what we will or will not tolerate" zingt Maynard en ik verlies mijzelf voor even in de polyritmes waardoor mijn innerlijke stem eindelijk voor even stil is. Rust. Het oog in de storm. Introspectie.. Als vanzelf sta ik op en begin weer te lopen. Waarom WAAROM ben ik niet in staat om een gewone, gezonde verstandhouding met mijn bloedeigen vader te hebben, zelfs na alles wat we samen hebben doorgemaakt in de afgelopen jaren? Het is niet alsof ik niet zielsveel van hem hou, en ik twijfel er ook niet aan dat hij van mij houdt hoewel.. Oei. Realisatie.

Hoewel hij nooit zal zeggen dat hij van mij houdt.

Die realisatie brengt een keten van gedachtes op gang. In gedachten speel ik de scene terug die zich vanmorgen had afgespeeld. De details waren niet van belang, de patronen wel. Het ging zoals altijd, of eigenlijk meer iets als 'de geschiedenis herhaalt zich nooit, maar rijmt altijd een keer' zoals Spinvis het zo mooi kan zeggen. Maar er was alsnog dat subtiele verschil..
De rollen!
De rollen waren omgekeerd.

Godverdomme!

Deze keer niet eens een fucking steen om tegen te schoppen..Maar ik zag het. Opeens was ik de bovenliggende partij geworden. En dus..dus had ik precies gereageerd zoals mijn vader dat vroeger deed. Het is het enige gedrag dat ik ken als het om ruziemaken gaat (ik ben echt HEEL erg slecht in ruzie maken) en dus.. Dus was het als ik mijn eigen maatstaven wilde hanteren ook mijn fucking schuld. Op dit punt schoten krachttermen tekort, en ik wist dat het aan mij zou zijn om het gesprek te openen en mijn excuses aan te bieden. Alleen op die manier zou ik zelf de man zijn die ik wil zijn, de man die ik moet zijn. De man die - hoe hard,arrogant en zelfingenomen dit ook moge klinken - : beter is dan zijn vader was of kon zijn. De man die nooit zover had kunnen komen zonder diezelfde vader..
Emoties waren namelijk nogal een ding vroeger binnen ons gezin. Ze waren er wel, maar je sprak er niet over. In principe nooit. Als er eens ruzie was - en die was er niet minder of meer dan in andere gezinssituaties - dan werd die niet uitgesproken. Er werd gezwegen.
Daarnaast waren er meer van die dingen, op zich niet bijzonder maar voor een (over)gevoelig jongetje dat om te beginnen al een groot probleem heeft met het begrijpen van de wereld om hem heen wel heftig. Ik kan mij niet herinneren dat mijn vader ooit eens 'ik hou van je' tegen mij gezegd heeft. Ik twijfel er niet aan én hij laat het op andere manieren merken zoals 'men' dat zo mooi kan zeggen, maar alsnog. Eén van de mooiste, meest emotionele en rake woorden in de Nederlandse taal : 'ik hou van je'..nooit. Omdat ik nogal taalgericht ben én misschien eenvoudigweg ook wel iets gevoeliger dan gemiddeld heeft het gemis van een duidelijk raamwerk om te leren omgaan met mijn emoties op een bepaalde manier wel doorgewerkt in mijn latere Ik. Ik kan bij sommige mensen extreem open zijn als de wederzijdse connectie en het onderlinge begrip er naar zijn, maar verder is mijn sociale gedrag vaak een projectie. Stiekem ben ik alleen maar goed in sociale interacties omdat ik het 'trucje' door heb. Ja, ik heb door de jaren wel degelijk betekenisvolle vriendschappen en relaties gehad maar er zijn daar buiten maar weinig mensen die mij écht kennen - en dat lijkt gebaseerd op een hang naar veiligheid. Tot op zekere hoogte misschien zelfs wel erkenning..

Lopen. Ik moet lopen.

Ik sta op en loop richting ons appartement terwijl bovenstaand verhaal door mijn hoofd blijft tollen. Waarom zie ik dit nu pas? Hoe kan ik zo zijn? Is dit al mijn hele leven zo? Terwijl ik de trap omhoog neem maan ik mijn gedachten tot rust. Stilte. Het is tijd om te denken met mijn hoofd, maar te praten vanuit mijn hart. Ik open de deur en loop naar binnen, mijn vader zit voorovergebogen op zijn bed. Schouders omlaag, starend naar zijn telefoon. Ik neem nogmaals de bewuste beslissing om de eeuwige cyclus te doorbreken en schraap mijn keel.. "Pa, het spijt mij. Ik hou van je en had mij niet zo mogen laten gaan, je bent mijn boven alles mijn vader - wat je ook zegt of doet."

Langzaam komt zijn hoofd omhoog totdat onze ogen elkaar vinden.


Golzuam's picture

Einde

 

I was lost,
now I'm found
I believe in you,
I've got no bounds
I'm moving on up now,
getting out of the darkness
My light shines on,
My light shines on
My light shines on.

"Movin' on up", Primal Scream

Iets meer dan een jaar geleden kreeg ik het telefoontje waarvan ik wist dat het ging komen. Na weken van aandringen, nee smeken was mijn moeder eindelijk naar de dokter gegaan - en de diagnose bleek een doodvonnis.2016 was voor mij een jaar dat getekend werd door verdriet, rouw, realisaties en uiteindelijk : berusting. Het is makkelijk om jezelf over te geven aan je verdriet totdat je uiteindelijk verdrinkt in je eigen tranen. Ja, 2016 was een ontzettend naar jaar waarin het verlies van mijn moeder centraal stond. En toch, toch was er zoveel meer. Dingen om dankbaar voor te zijn, momenten van liefde en genot. Lang heb ik getwijfeld of ik deze post wel zou schrijven, ik was bang voor wéér een klaagzang - en dat is niet wie ik ben. Niet meer in ieder geval. Los van alle pijn en de diepe rouw die onlosmakelijk verbonden is met het verlies van een ouder was er zoveel meer, en zelfs tijdens de momenten van mijn diepste verdriet was er altijd ergens wel een glimps van schoonheid te vinden. 

Dit was zo ongeveer wel mijn initiele reactie op het slechte nieuws met betrekking tot mijn moeder. Ik was niet boos, ik was RAZEND. Na 'dat geintje met mijn oog' in 2015 waar ik - al zeg ik het zelf - met een bijna verbazingwekkende eenvoud overheen had weten te komen was DIT de volgende curvebal die het leven mij toesmeet? De woede maakte echter al snel plaats voor het besef dat er geen tijd meer was voor destructieve emoties. Terwijl mijn ouders en zus nog bezig waren met het zich vastklampen aan iedere strohalm die maar binnen handbereik kwam was bij mij het besef al ingedaald : dit was een weg van éénrichtingsverkeer. Ik ben blij dat ik opgestaan ben, blij dat ik voor mijn beide ouders én zus een rots in de branding heb kunnen zijn tijdens alles wat er in die eerste, heftige maanden van dit jaar op ons afkwam. Ik ben dankbaar voor alle gesprekken die ik gevoerd heb met mijn moeder, en trots als een pauw dat IK en niemand anders het was die het gezin door de roerige wateren heeft weten te sturen. Ja, dat klinkt wat arrogant - en misschien is het ook wat ongepast. Daar staat tegenover dat helemaal niemand van iedereen die dit leest weet hoe onzeker, kleinzerig en bang ik bijna mijn hele leven geweest ben. Bang om alleen te blijven, bang om niet te voldoen aan mijn eigen innerlijke standaard, onzeker over mijn uiterlijk, en de eeuwig knagende onzekerheid over het pad dat ik voor mijzelf gebaand heb door het oerwoud van mijn leven. 2016 was voor mij het jaar waarin de puzzelstukjes op haar plek vielen, waarin ik alle invloeden die ik in de afgelopen 41 jaar heb opgezocht in een smeltkroes tot een nieuw geheel heb weten te brouwen. Ik heb vrede met mijn zelfgekozen eenzaamheid, omdat het mij tevens de onthechting geeft die ik nodig heb om te zijn wie ik ben.  Het is de dood die uiteindelijk betekenis geeft aan de zin van het leven, en ik kies voor een uitroepteken in plaats van een simpele punt of een vraagteken. Er zijn nog steeds waardevolle en intense connecties met andere mensen, en het is prima dat die van tijdelijke aard zijn. Er is geen schuld , verwachtingspatroon of geijkt pad meer - er is alleen nog maar Zijn.

En gelukkig is er nog altijd sarcasme en een gezonde dosis zelfspot om mij met beide voetjes op de grond te zetten als ik weer eens hoogdravend begin te ratelen zoals hierboven :) Ook dat heb ik dit jaar mogen herontdekken, en het is fijn om te merken dat ik een stuk milder ben voor mijzelf dan ik in het verleden geweest ben - ik kan er kracht en veerkracht uit putten.

Na de eerste, heftige periode waarin het steeds duidelijker werd dat mijn moeder de winter niet zou gaan halen leek alles tijdelijk een beetje af te vlakken. Mijn weken smolten aaneen met werken en op en neer pendelen naar mijn ouders - dit alles in betrekkelijke rust. Het was hartverwarmend om familieleden die ik soms decennia niet gezien had plots weer tegen te komen (laten we het er op houden dat ik een 'aparte' familie heb) , en ook in mijn persoonlijke leven heb ik links en rechts wat verwaterde banden weer weten te herstellen. Andere heb ik gelaten voor wat ze waren, niet omdat die niet waardevol zouden zijn maar omdat ik ook respect heb voor de keuzes die andere mensen maken in hun leven - en wie ben ik om daar aan te tornen? Je zou kunnen zeggen dat zaken - gezien de omstandigheden - eigenlijk redelijk voor de wind gingen , maar toen kwam curveball twee : met een dikke 100KM p/u vloog ik van de A1 af.

Ik heb nog veel nagedacht over wat er nou precies heeft plaatsgevonden op die warme Lenteavond in Mei, maar eigenlijk is het niet relevant. Misschien was ik wel niet 100% geconcentreerd aan het rijden, misschien was het gewoon stomme pech en misschien was het ook wel gewoon die ontzettende boere(n)lul in zijn zwarte Fiat Panda die zonder richting aan te geven zijn auto de linkerbaan opsmeet voor mijn neus. In het grote geheel der dingen totaal niet relevant. Wat mij altijd zal bijblijven is de klap van het verkeersbord dat zich op een centimeter of 20 naast mijn hoofd in de auto boorde, en de daarop volgende stilte. Het gefluit van een vogel. En een donkere doodswens die als uit het niets de kop opstak. Ik kwam er recentelijk achter dat uitgerekend dát het meest donkere moment van 2016 was voor mij, puur en alleen omdat ik daar - in dat weiland bij Naarden - voor even het zicht op het licht aan het einde van de donkere tunnel kwijt was. 

Over wat er daarna nog allemaal gebeurde dit jaar heb ik al genoeg geschreven in de postings hieronder, en er nog dieper op ingaan zou denk ik afbreuk doen aan de oprechtheid van mijn verdriet. Er is echter in Augustus nog iets gebeurd waar ik nog niet over geschreven heb, en wat temidden van mijn rouwe verwerkingsproces opeens een vleugje mildheid en schoonheid als tegengif wist te dienen. Op verzoek van mijn vader haalde ik de persoonlijke eigendommen van mijn moeder uit haar portemonnee, en zodra ik deze openmaak word ik geconfronteerd met dit beeld :

Buiten mijn weten om had mijn moeder deze foto al meer dan 35 jaar in haar portemonnee zitten. Ik ga niet eens de moeite doen om te proberen te omschrijven wat dit voor mij - als zelfverklaard mama's kindje - betekende. Alle vragen waar ik nog mee zat na het wrede afscheid waren in één klap beantwoord en dit beeld heeft in mij een gevoel van berusting weten los te maken waarvan ik niet wist dat ik het in mij zou kunnen hebben. Het is goed zo.

Ik ben dankbaar voor de mensen die na wat soms een lange periode van afwezigheid was weer mijn leven zijn komen binnendruppelen. Dankbaar voor het bezoekje aan Puscifer met een vergeten liefde. Dankbaar voor een spontane knuffel op een moment van eenzaamheid. Dankbaar voor het vertrouwen van mijn vader en moeder in hun tijd van zwakte. Dankbaar voor een heerlijke strandwandeling op de valreep van dit jaar. Dankbaar voor intense, oprechte contacten.

Maar vanavond ben ik - zoals eigenlijk altijd - het liefste alleen. Alleen, maar niet eenzaam.

2017 : Berg je maar alvast, want jij gaat het jaar zijn waarin ik ga grijpen wat mij toekomt :)

Golzuam's picture

Brief

 

 

I never wanted to write these words down for you
with the pages of phrases of all the things we'll never do
So I blow out the candle
and I put you to bed
Since you can't say to me now
how the dogs broke your bone
there's just one thing left to be said

So say hello to heaven, heaven, heaven...

'Say hello to heaven' , Temple of the Dog

hoi Mam,

Met mij, je lievelingszoon. Ja ik weet het, je hebt er maar één op de wereld mogen zetten - daarom eigen ik mij graag die titel toe. Ik schrijf je omdat ik je mis tijdens deze dagen rondom kerst terwijl de westerse wereld en masse gezellig rondom de familietafel kruipt. De verhoudingen zijn bij ons thuis nogal door elkaar geschud sinds ons afscheid, maar dat had je waarschijnlijk al door.

Ik denk nog vaak terug aan ons gesprek bij de haven, weet je nog? Jij had een chocolade milkshake en ik mijn standaard aardbei-smaakje, en je wilde persé ook die van mij. De kanker had zich al vergrepen aan je hersenen op dat punt en je remmingen waren grotendeels verdwenen waardoor je wel héél directe opmerkingen maakte af en toe. Daardoor voelde ik mij ook een stuk vrijer om mijn hart ongezouten te luchten bij je en we hebben zelden zo hard gelachen samen. Het is een fijne herinnering, zoals ik er zoveel koester uit de 41 jaren waarin we onze tijd op Aarde samen hebben kunnen delen. Een deel van mij vind nog altijd dat ik je verraden heb, en ik haat mijzelf om het gevoel van opluchting dat het niet zo ver heeft hoeven te komen dat je je laatste uren in een verzorgingstehuis hebt hoeven door te brengen tegen je wil - omdat ik wel degelijk voelde dat je plotselingen overlijden na ons gesprek een bewuste keuze was. Je hebt het opgegeven, zelf je lot in eigen handen genomen en daardoor in een laatste moment van zelfbeschikking ons verlaten op je eigen voorwaarden.

Dat had je niet hoeven doen, ik zou je namelijk nooit in de steek hebben gelaten. Ik zou bij je gebleven zijn mam, tot aan je laatste snik die ik nu heb moeten missen. Dat doet nog steeds pijn, hoewel ik troost vind in de gedachte dat Pa er al die tijd voor je was. Weet je nog dat je je  in dat gesprek waar ik net aan refereerde hardop afvroeg 'waarom je eigenlijk uitgerekend aan hem was blijven plakken'? Ik weet het antwoord. Niet alleen omdat Pa diep in zijn hart, onder het onvermogen om op een warme manier uiting te geven aan zijn emoties, onder de verdedigingslinie van zijn verbittering en teleurstelling wél gewoon een goed mens is. Toen ik oude foto's aan het doorbladeren was in Maasbracht kwam ik een vergeelde zwart/wit foto tegen van jullie, Pa in een zwart pak met vlinderdasje en jij in een kort rokje, hoofdoekje en een mandje aan een arm. Kan jij je die nog herinneren? Het is een foto van jullie allereerste afspraakje, tijdens Carnaval. Jullie zijn beide nog erg jonge twintigers, de levenslust en verliefdheid spatten er vanaf. Dát is waarom je 'aan hem bent blijven plakken' , ondanks de vervelende dingen die er later nog allemaal gebeurd zijn. Dingen die ieder koppel uiteindelijk moeten doormaken denk ik, maar zoals je weet zijn mijn eigen relaties over het algemeen niet een erg lang leven beschoren en eigenlijk zou ik er daarom verder maar gewoon niets over moeten zeggen.

Ik heb wel een groot deel van mijn respect en bewondering voor Pa hervonden tijdens de laatste maanden van je ziekte. Naast al het melodrama heb ik vooral een liefhebbende echtgenoot gezien die ondanks het feit dat hij zelf kapot was van verdriet zijn uiterste best deed om je te steunen en te verzorgen. Het was af en toe misschien wat onbeholpen maar dat doet op geen enkele manier afbreuk aan wat hij  voor je over had. Ik heb ook voor het eerst gevoeld dat hij ook respect heeft voor de man die ik nu uiteindelijk blijk te zijn en die hij al die jaren niet heeft kunnen zien. Als ik ergens écht spijt van heb zijn het al die hoogoplopende felle en zinloze discussies over politiek, idealen en principes die je in de afgelopen jaren hebt moeten aanhoren. Ik had beter moeten weten en vaker mijn mond dicht moeten houden maar zoals je wel weet is dat niet één van mijn sterktste karaktereigenschappen als mijn hart en overtuigingen in het spel zijn. Het spijt mij van al die verspilde minuten en uren, van iedere seconde die ik met je had kunnen doorbrengen maar het niet gedaan heb. Ik hoop dat je trots op mij hebt kunnen zijn Mam, al is het maar omdat ik mijn idealen en principes nooit verkwanseld heb en nog altijd leef op basis van mijn eigen innerlijke kompas.

Wel worstel ik nog altijd met mijn zus. Ik weet om eerlijk te zijn niet precies wat ik met haar aan moet, en of het wel aan mij is om haar aan te spreken op het feit dat haar woorden en gedrag lijnrecht tegenover elkaar staan. Heb jij eigenlijk geweten dat ik haar vlak na je verjaardag dit jaar volledig de wind van voren gegeven heb over het feit dat ze wekenlang niet op bezoek kwam? Ik was zo ontzettend boos en verdrietig..Het enige dat zij kon uitbrengen was een warrig verhaal over 'behoefte hebben aan een diagnose en tijdsbestek' en dat zij 'het zo ontzettend druk heeft' . Tot mijn schande moet ik bekennen dat ik misschien wel iets te grof geweest ben tegen haar - maar het effect was meteen waarneembaar. Waar ik nu zo erg mee worstel is dat ik nu weer precies hetzelfde zie gebeuren. Ik ga nog iedere week een volle dag langs bij Pa, om bij hem te zijn en van die achterlijke Vader-Zoon dingen te doen waar ik vaak een schurfthekel aan heb maar waarvan ik weet dat hij er plezier aan beleeft. Vaak kom ik er na zo'n dag achter dat het voor mij stiekem ook wel weer een fijne dag ,was, hoe vermoeiend dan ook verder. Maar vorige week heb ik dus een keer een Zondag overgeslagen, mijn werk is deze weken erg zwaar en ik was gewoon kapot. Zus had al gemeld dat het geen probleem was omdat zij en haar man toch al op bezoek zouden gaan bij Pa, en Pa zelf..nou ja die is vooral bezig met niemand tot last willen zijn. Ik werd echter goed pissig toen ik merkte dat zij, je gelooft t niet, toch zeker 20 minuten van haar drukke tijd heeft weten vrij te maken voor Pa. 20 MINUTEN! Godver ik word alweer boos als ik er aan denk. Als ik dat geweten zou hebben had ik gewoon de auto gepakt en was ik naar Maasbracht gereden. Ik merk dat ik maar weinig begrip kan opbrengen voor haar, en ik weet dat het eigenlijk niet eerlijk is om haar te beoordelen naar mijn eigen standaard. Maar toch..dit vreet aan mij.

Het gaat niet echt goed met Pa, hij is depressief, slaapt slecht en drinkt teveel. Ik vrees dat het niet heel erg lang gaat duren voordat ik weer een begrafenis mag gaan doorstaan en ik zeg je hier en nu: als mevrouw dan ook maar één krokodillentraan laat ben ik bang dat ik haar volledig tot aan de grond ga afbranden voor haar - in mijn ogen - hypocriete gedrag. Maar wie ben ik om mij dat te veroorloven? Wie ben ik om haar te vertellen hoe zij met haar verdriet moet omgaan, haar vrije tijdsbesteding invult en dat zij misschien wel te weinig tijd doorbrengt met Pa? Als ik met deze vragen in mijn hoofd zit mis ik je pas echt Mam. In gedachten zie ik levensecht voor mij hoe je mij aankijkt en alleen maar 'ach Maurice' zucht terwijl de lichtjes in je ogen opblinken. Ik mis die gedachtenwisselingen zonder woorden misschien nog wel het meest van alles.

Er is één ding, één beeld dat ik nog graag met je wil delen voordat ik jou weer even laten rusten - waar je ook bent - en mijzelf weer voor even over geef aan mijn verdriet. Je overlijden heeft namelijk een jeugdherinnering naar boven gehaald die ik nu keer op keer herleef, en waarin ik mij weer heel even dat kleine jongetje 6 toen kan voelen die zich kan koesteren aan de warme huiselijkheid en moederliefde die ik nu moet missen. Het was in de tijd dat we nog geen centrale verwarming hadden in huis, ik denk dat ik in groep 6 zat. Als ik 's winters na drie keer roepen dat ik moest opstaan voor school dan éindelijk uit mijn bed kwam (sommige dingen veranderen nooit, ik heb tot op de dag van vandaag hetzelfde met mijn werk) , mij aangekleed had en beneden de keuken instapte dan had je altijd al de gaspitten van het fornuis voluit branden, de kachel aan en zat je in je lichtblauwe ochtendjas aan tafel op mij te wachten met het ontbijt. Het is dat beeld dat keer op  keer voor mijn geestesoog verschijnt als ik aan je denk, als ik je mis zoals nu. Ik kan de geuren nog ruiken, je ochtendjas en warme gloed nog voelen. En het maakt niet uit dat mijn ogen nog altijd vochtig worden als ik dat moment herleef, het maakt het misschien wel nog mooier dat ik verdrietig en blij tegelijkertijd kan zijn om die momenten die we samen hebben mogen delen.

Ik mis je nog altijd mam, het lijkt alleen maar erger te worden. Er rest mij niets anders te doen dan de herinneringen te koesteren,  en af en toe tegen je te praten zoals nu. Ik hou van je.

Liefs,

M.

 

Golzuam's picture

Ontmoeting

 

 

I won't shiver in the cold
I won't let the shadows take their toll
I won't cover my head in the dark
And I won't forget you when we part

' Collapse the light into Earth' - Porcupine Tree

Krekels. Het geknars van zand onder mijn schoenen. Fluitende vogels. Af en toe knakt er een twijgje terwijl ik het nu al zo vertrouwde bospad af loop. Ik ben diep in gedachten verzonken, de diepe rouw en verdoving van verdriet hebben in de afgelopen weken plaats gemaakt voor..tsja, voor wat eigenlijk? Hier zijn geen woorden voor. Die hoeven er ook niet te zijn. Het is wat het is. Ik sta stil en kijk naar lichte bolling in de bosgrond die de plek markeert waar ik samen met mijn familie- nu al weer enige weken geleden - mijn moeder ten ruste heb gelegd. Dit is niet alleen een plek van de dood, het is ook een plek waar het leven duidelijk aanwezig is.

In de verte hoor ik een kinderlach, een vogel land naast mij en kijkt mij onderzoekend aan voordat hij verderhupt. Ik kom hier graag, om na te denken en te voelen. Beide doe ik meer dan genoeg recentelijk, de gebeurtenissen van het afgelopen jaar hebben hun sporen in mijn ziel overduidelijk achtergelaten. Toch is er ook een innerlijke rust, een rust die ik bij mijn vader en zus om eerlijk te zijn niet terug zie. Het is volbracht. Uiteraard zijn er nog steeds de tranen op gezette tijden, soms geheel onverwacht. Er waren ook dromen, sommige ijzingwekkend realistisch en hartverscheurend pijnlijk. Er is ook nog steeds een glimlach van herinnering.  Ik hoor steeds vaker dat er iets in mij veranderd lijkt te zijn, hoewel niemand het er over eens kan worden wat dan precies. Zelf voel ik die verandering ook - maar ik voel niet meer de behoefte om die te verklaren. Hij is er, dat is genoeg.

Het hete zomerweer van de afgelopen tijd eist haar tol van de bosplantjes die we een plekje hebben gegeven in het rulle zand waar de stoffelijke resten van wat eens mijn moeder was rusten en ik besluit om even naar de nabijgelegen pomp te lopen zodat ik ze kan bewateren. Om mijn heen lijkt de natuur voor even haar adem in te houden, de hete zomeravond drukt zwaar op het boslandschap. Mijn ogen dwalen over de maaskeien met geëtste namen van de mensen die hier hun laatste rustplaats hebben gevonden. Achter iedere naam schuilt een verhaal van leven, van verloren en hervonden liefdes, van verdriet en geluk, van de dood.. Iedere naam vertegenwoordigt een micro-kosmos aan belevenissen en de natuurlijke cyclus die al wat leeft moet doormaken. Godverdomme, weer geen gieter bij de pomp.

Ik kijk om mij heen en mijn ogen ontmoeten die van een wat oudere vrouw, lijnen van verdriet in haar gezicht. Er is even een blik van een onuitgesproken wederzijdse verstandhouding, het gedeelde verdriet van een verlies. Ze draagt een gieter met zich mee die onder de pomp verdwijnt om gevuld te worden.

"Wat een fijne plek om te zijn, vind je niet?" Opent zij het gesprek. Ik knik. " Ja, ik kom hier graag. De natuurlijke cyclus is hier zo overduidelijk aanwezig, leven en dood ontmoeten elkaar hier. Ik had niet verwacht hier zoveel rust te vinden om eerlijk te zijn." In de verte ontwaar ik een meisje van een jaar of zestien dat enigszins ongemakkelijk staat te wachten op de oudere vrouw met wie ik in gesprek geraakt ben. Te jong om haar dochter te zijn, een kleindochter misschien? "Kom je hier al lang?" Ik schud mijn hoofd. "Mijn moeder is afgelopen Juli pas overleden, ik probeer iedere week even langs te gaan maar woon nogal ver weg. "  " Ach, je moeder? Gaat het een beetje?" Nu ik haar gezicht wat zorgvuldiger bestudeer realiseer ik mij dat deze vrouw ten hoogste een jaar of tien jonger is dan mijn moeder was toen zij overleed. "Ik weet het niet. Ik weet niet wat ik moet voelen. Het doet pijn, ik mis haar verschrikkelijk..maar ik ga door. Ik moet wel. De aarde is niet gestopt met draaien, en mijn verdriet hoort bij mij in het hier en nu. Mensen lijken stomverbaast dat ik niet een mentaal wrak geworden ben, maar..dat is gewoon niet zo. Ondanks het verschrikkelijke besef dat ik haar voor eeuwig zal moeten missen is er ook een gevoel van berusting. Misschien moet de echte klap nog komen, maar iets in mij zegt dat dat niet zo gaat zijn."

Een fletse glimlach trekt over haar gezicht. " Kwam je voor de gieter? Ik heb hem nog even nodig maar daarna is hij van jou als je wil.."

We lopen samen over het bospad richting wat het meisje dat ik al eerder zag staan, ik zie nu dat zij bij een redelijk nieuw graf staat. Prachtig verzorgt, de klimop heeft het al ruimschoots weten te overwoekeren. Ik lees de naam en de geboorte- en sterfdatum die in de maaskei geetst staan en schrik heel even. Hier ligt een man die nog geen 38 was toen hij overleed - te jong om haar partner te zijn. De vrouw vangt mijn blik op en even trekt er een  schaduw over haar gezicht . " Mijn zoon..37 jaar en op een ochtend niet meer wakker geworden. Gewoon, zomaar." 

Het gesprek gaat verder, over het leven en de dood. Over de plek die de dood inneemt in het leven van de mensen die achterblijven. Over de schuldgevoelens, de had ik maars en kon ik maars die iedereen die achterblijft kent. Het meisje loopt weg terwijl we doorpraten en de vrouw de beplanting van broodnodig levenswater voorziet. " Zij heeft het er nogal moeilijk mee, mijn zoon had geen kinderen maar hij was haar favoriete oom. Dit is de eerste keer in haar leven dat zij hiermee geconfronteerd wordt." Peinzend kijk ik haar na. Jong genoeg om mijn dochter te zijn..

We lopen gezamenlijk weer terug naar de pomp , de vrouw hervult de gieter voordat zij deze doorgeeft aan mij. "Dit gaat misschien vreemd klinken, maar mag ik je de hand schudden? Dat voelt goed. Het spijt mij als dit ongemakkelijk voelt.."  Als vanzelf zet ik de gieter neer en doe een stap naar voren. Voordat ik het weet vallen we in elkaars armen, schokkend van de tranen en het verdriet. En dan komt de realisatie : deze vrouw en ik : we zijn elkaars spiegelbeeld. Ik ben haar zoon, zij is mijn moeder. We vinden in elkaar wat we zo verschrikkelijk moeten missen. We klampen ons aan elkaar vast in onze gedeelde ervaring, ik heb geen idee hoe lang. Als we elkaar loslaten is het alsof er een last van mijn schouders valt. " Bedankt" fluistert ze. "Dit was voor mij net zo bijzonder als voor jou.." stamel ik.

Nog even kijken we elkaar aan , wisselen een ongemakkelijke afscheidsgroet uit en gaan beide onze eigen weg. Als ik nog even om kijk zie ik ook bij haar die net iets rechtere rug en stevigere stappen die ik bij mijzelf voel.

Golzuam's picture

Requiem

Een requiem is een mis die in de katholieke eredienst wordt opgedragen voor de doden. Het is de mis die wordt opgedragen tijdens uitvaartdiensten, op het feest van Allerzielen (2 november), en als votiefmis voor de doden.

( bron )

Ik heb de ogen van mijn moeder, en niet alleen in de letterlijke betekenis. Mijn moeder heeft mij niet alleen het leven geschonken nu al weer 41 zomers geleden (het gerucht gaat dat ene <insert naam vader> daar ook iets mee te maken heeft gehad) , zij was het ook die vorm heeft weten te geven aan de manier waarop ik tot op de dag van vandaag naar de wereld kijk - met compassie en mededogen. Ik kijk dus zowel in letterlijke als overdrachtelijke zin door haar ogen naar de wereld om mij heen.

In de afgelopen dagen heb ik uit verschillende hoeken te horen gekregen hoe veel ik op mijn moeder lijk, iets dat ik mij om eerlijk te zijn nooit eerder gerealiseerd heb - behalve dan mijn ogen. Maar toen ik eenmaal begon met het doorbladeren van oude foto's zag ik het zelf ook opeens..

Ik heb niet alleen haar ogen, maar ook haar mond, haar glimlach en - tot voor kort toen de zwaartekracht en ongezonde lunches hun tol nog niet opgeeist hadden- haar gezicht.

Daarmee wil ik mijn vader overigens niets tekort doen, ook hij heeft een prominent zichtbare bijdrage aan mijn uiterlijke kenmerken weten te leveren : de wereldberoemde <insert achternaam> neus. Nog bedankt daarvoor Pa!

Ik sta hier vandaag niet voor jullie om te rouwen om mijn moeders dood, ik sta hier om haar leven te vieren. Aan mij nu de gevoelsmatig onmogelijke opgave om het leven van mijn moeder de laatste eer te bewijzen op een manier die recht doet aan de vrouw die zij was.

Mijn moeder was een veelzijdige vrouw. Creatief, warm, hartelijk en vol compassie en begrip. Voor de mensen die mij al wat langer kennen zal het niet echt een verrassing zijn dat ik vooral in mijn tienerjaren heel wat beslissingen genomen heb die voor mijn ouders veel zorgen en verdriet met zich meebrachten. Als ik dan weer eens vol schaamte en verdriet bij mijn ouders aanklopte was het altijd mijn moeder die zonder iets te zeggen een troostende arm om mij heen sloeg. Geen verwijten, geen 'zie je wel' ..gewoon een eenvoudige troostende arm.

Die verwijten volgden overigens vaak een dag later alsnog wel, als mijn moeder écht iets op haar lever had dan kreeg je dat uiteindelijk absoluut te horen in een niet mis te verstane preek. Haar woorden konden op die momenten meer pijn doen dan de tik die ik eigenlijk zwaar verdiend had. Een eigenschap die ik - zo heb ik mij laten vertellen - zelf ook heb.

Het leven van mijn moeder werd gekenmerkt door ups en downs, zoals ieder mensenleven die kent. Die downs waren vaak van fysieke aard, maar klagen deed mijn moeder daarover nooit. Nog sterker, zelfs vanuit haar ziektebed in het Laurentius ziekenhuis was haar invloed op het huishouden van de familie <insert achternaam>  - toen nog op de Pannenstaartweg in Maasbracht - altijd duidelijk voelbaar. Mijn moeder was ten alle tijde de drijvende kracht achter ons gezin en regeerde haar domein met liefdevolle maar ferme hand.

De ups lopen als een rode draad door mijn herinneringen heen, iets waar ik alleen maar dankbaarheid voor kan voelen. Mijn zus refereerde al eerder aan onze jaarlijkse zomervakanties op Mallorca, een plek waar ook voor mij talloze waardevolle herinneringen liggen. Onze wandelingen over de boulevard, de etentjes bij bar Lago en de uitstapjes naar bijvoorbeeld Porto Christo en Manacor staan voor eeuwig in mijn geheugen gegrift. De autoritjes waarin mijn moeder de eeuwige bemiddelaar speelde tussen de achterbank (mijn zus en ik) en mijn vader zal ik ook nooit vergeten, het zal bij lange na niet gemakkelijk zijn geweest om alle leden van de familie <insert achternaam> met de neus (daar issie weer!) dezelfde kant op te laten kijken. Mijn moeder kreeg dat probleemloos voor elkaar, keer op keer.

Toen ik aan het nadenken was over deze voordracht kwam er als vanzelf een moment van enige maanden geleden naar boven drijven, het was één of twee dagen na het bekend worden van die verschrikkelijke diagnose die als een sloopkogel door ons gezin heen ging. Ik kwam binnen in de woonkamer en gaf mijn moeder zoals een gewoonlijk een kus en een knuffel, waarbij ik haar net iets langer en steviger tegen mij aantrok dan gebruikelijk.

"Ach Maurice, dit is niet het einde van de wereld" fluisterde zij toen in mijn oor. Zelfs op dát moment was mijn moeder meer begaan met mijn verdriet dan met haar eigen verschrikkelijke lot. Een sprekender voorbeeld van de vrouw die zij tot aan het bittere einde is gebleven kan ik niet geven; Zichzelf wegcijferend om bij andere mensen het leed te kunnen verzachten , zo was mijn moeder op en top.

Als we vroeger in gelukkiger tijden kwamen te spreken over de dood was mijn moeder altijd heel stellig in haar uitspraken :

 

"Sjtaek mich mer in de hoaf" ( NL vertaling : gooi mij maar in een gat in de achtertuin)

Zei ze dan.

Mama, het spijt mij dat we dat niet voor je hebben kunnen doen. Ik denk dat deze plek in de vrije natuur en dichtbij één van je hartsvriendinnen waar je in het verleden al afscheid van hebt moeten nemen het dichtsbij komt van alle mogelijkheden die er waren.

Je laat ons in verslagenheid maar ook in dankbaarheid voor de tijd die we samen hebben mogen doorbrengen. Als ik aan je denk is dat met een traan én een glimlach, en ik zal de jaren die wij samen hebben gedeeld voor altijd blijven koesteren.

Dag lieve mama, ik mis je.

Pages

Subscribe to Golzuam RSS