slideshow 1 slideshow 2 slideshow 3 slideshow 3 slideshow 3 slideshow 3 slideshow 3 slideshow 3 slideshow 3 slideshow 3 slideshow 3

Ontmoeting

 

 

I won't shiver in the cold
I won't let the shadows take their toll
I won't cover my head in the dark
And I won't forget you when we part

' Collapse the light into Earth' - Porcupine Tree

Krekels. Het geknars van zand onder mijn schoenen. Fluitende vogels. Af en toe knakt er een twijgje terwijl ik het nu al zo vertrouwde bospad af loop. Ik ben diep in gedachten verzonken, de diepe rouw en verdoving van verdriet hebben in de afgelopen weken plaats gemaakt voor..tsja, voor wat eigenlijk? Hier zijn geen woorden voor. Die hoeven er ook niet te zijn. Het is wat het is. Ik sta stil en kijk naar lichte bolling in de bosgrond die de plek markeert waar ik samen met mijn familie- nu al weer enige weken geleden - mijn moeder ten ruste heb gelegd. Dit is niet alleen een plek van de dood, het is ook een plek waar het leven duidelijk aanwezig is.

In de verte hoor ik een kinderlach, een vogel land naast mij en kijkt mij onderzoekend aan voordat hij verderhupt. Ik kom hier graag, om na te denken en te voelen. Beide doe ik meer dan genoeg recentelijk, de gebeurtenissen van het afgelopen jaar hebben hun sporen in mijn ziel overduidelijk achtergelaten. Toch is er ook een innerlijke rust, een rust die ik bij mijn vader en zus om eerlijk te zijn niet terug zie. Het is volbracht. Uiteraard zijn er nog steeds de tranen op gezette tijden, soms geheel onverwacht. Er waren ook dromen, sommige ijzingwekkend realistisch en hartverscheurend pijnlijk. Er is ook nog steeds een glimlach van herinnering.  Ik hoor steeds vaker dat er iets in mij veranderd lijkt te zijn, hoewel niemand het er over eens kan worden wat dan precies. Zelf voel ik die verandering ook - maar ik voel niet meer de behoefte om die te verklaren. Hij is er, dat is genoeg.

Het hete zomerweer van de afgelopen tijd eist haar tol van de bosplantjes die we een plekje hebben gegeven in het rulle zand waar de stoffelijke resten van wat eens mijn moeder was rusten en ik besluit om even naar de nabijgelegen pomp te lopen zodat ik ze kan bewateren. Om mijn heen lijkt de natuur voor even haar adem in te houden, de hete zomeravond drukt zwaar op het boslandschap. Mijn ogen dwalen over de maaskeien met geëtste namen van de mensen die hier hun laatste rustplaats hebben gevonden. Achter iedere naam schuilt een verhaal van leven, van verloren en hervonden liefdes, van verdriet en geluk, van de dood.. Iedere naam vertegenwoordigt een micro-kosmos aan belevenissen en de natuurlijke cyclus die al wat leeft moet doormaken. Godverdomme, weer geen gieter bij de pomp.

Ik kijk om mij heen en mijn ogen ontmoeten die van een wat oudere vrouw, lijnen van verdriet in haar gezicht. Er is even een blik van een onuitgesproken wederzijdse verstandhouding, het gedeelde verdriet van een verlies. Ze draagt een gieter met zich mee die onder de pomp verdwijnt om gevuld te worden.

"Wat een fijne plek om te zijn, vind je niet?" Opent zij het gesprek. Ik knik. " Ja, ik kom hier graag. De natuurlijke cyclus is hier zo overduidelijk aanwezig, leven en dood ontmoeten elkaar hier. Ik had niet verwacht hier zoveel rust te vinden om eerlijk te zijn." In de verte ontwaar ik een meisje van een jaar of zestien dat enigszins ongemakkelijk staat te wachten op de oudere vrouw met wie ik in gesprek geraakt ben. Te jong om haar dochter te zijn, een kleindochter misschien? "Kom je hier al lang?" Ik schud mijn hoofd. "Mijn moeder is afgelopen Juli pas overleden, ik probeer iedere week even langs te gaan maar woon nogal ver weg. "  " Ach, je moeder? Gaat het een beetje?" Nu ik haar gezicht wat zorgvuldiger bestudeer realiseer ik mij dat deze vrouw ten hoogste een jaar of tien jonger is dan mijn moeder was toen zij overleed. "Ik weet het niet. Ik weet niet wat ik moet voelen. Het doet pijn, ik mis haar verschrikkelijk..maar ik ga door. Ik moet wel. De aarde is niet gestopt met draaien, en mijn verdriet hoort bij mij in het hier en nu. Mensen lijken stomverbaast dat ik niet een mentaal wrak geworden ben, maar..dat is gewoon niet zo. Ondanks het verschrikkelijke besef dat ik haar voor eeuwig zal moeten missen is er ook een gevoel van berusting. Misschien moet de echte klap nog komen, maar iets in mij zegt dat dat niet zo gaat zijn."

Een fletse glimlach trekt over haar gezicht. " Kwam je voor de gieter? Ik heb hem nog even nodig maar daarna is hij van jou als je wil.."

We lopen samen over het bospad richting wat het meisje dat ik al eerder zag staan, ik zie nu dat zij bij een redelijk nieuw graf staat. Prachtig verzorgt, de klimop heeft het al ruimschoots weten te overwoekeren. Ik lees de naam en de geboorte- en sterfdatum die in de maaskei geetst staan en schrik heel even. Hier ligt een man die nog geen 38 was toen hij overleed - te jong om haar partner te zijn. De vrouw vangt mijn blik op en even trekt er een  schaduw over haar gezicht . " Mijn zoon..37 jaar en op een ochtend niet meer wakker geworden. Gewoon, zomaar." 

Het gesprek gaat verder, over het leven en de dood. Over de plek die de dood inneemt in het leven van de mensen die achterblijven. Over de schuldgevoelens, de had ik maars en kon ik maars die iedereen die achterblijft kent. Het meisje loopt weg terwijl we doorpraten en de vrouw de beplanting van broodnodig levenswater voorziet. " Zij heeft het er nogal moeilijk mee, mijn zoon had geen kinderen maar hij was haar favoriete oom. Dit is de eerste keer in haar leven dat zij hiermee geconfronteerd wordt." Peinzend kijk ik haar na. Jong genoeg om mijn dochter te zijn..

We lopen gezamenlijk weer terug naar de pomp , de vrouw hervult de gieter voordat zij deze doorgeeft aan mij. "Dit gaat misschien vreemd klinken, maar mag ik je de hand schudden? Dat voelt goed. Het spijt mij als dit ongemakkelijk voelt.."  Als vanzelf zet ik de gieter neer en doe een stap naar voren. Voordat ik het weet vallen we in elkaars armen, schokkend van de tranen en het verdriet. En dan komt de realisatie : deze vrouw en ik : we zijn elkaars spiegelbeeld. Ik ben haar zoon, zij is mijn moeder. We vinden in elkaar wat we zo verschrikkelijk moeten missen. We klampen ons aan elkaar vast in onze gedeelde ervaring, ik heb geen idee hoe lang. Als we elkaar loslaten is het alsof er een last van mijn schouders valt. " Bedankt" fluistert ze. "Dit was voor mij net zo bijzonder als voor jou.." stamel ik.

Nog even kijken we elkaar aan , wisselen een ongemakkelijke afscheidsgroet uit en gaan beide onze eigen weg. Als ik nog even om kijk zie ik ook bij haar die net iets rechtere rug en stevigere stappen die ik bij mijzelf voel.

Requiem

Een requiem is een mis die in de katholieke eredienst wordt opgedragen voor de doden. Het is de mis die wordt opgedragen tijdens uitvaartdiensten, op het feest van Allerzielen (2 november), en als votiefmis voor de doden.

( bron )

Ik heb de ogen van mijn moeder, en niet alleen in de letterlijke betekenis. Mijn moeder heeft mij niet alleen het leven geschonken nu al weer 41 zomers geleden (het gerucht gaat dat ene <insert naam vader> daar ook iets mee te maken heeft gehad) , zij was het ook die vorm heeft weten te geven aan de manier waarop ik tot op de dag van vandaag naar de wereld kijk - met compassie en mededogen. Ik kijk dus zowel in letterlijke als overdrachtelijke zin door haar ogen naar de wereld om mij heen.

In de afgelopen dagen heb ik uit verschillende hoeken te horen gekregen hoe veel ik op mijn moeder lijk, iets dat ik mij om eerlijk te zijn nooit eerder gerealiseerd heb - behalve dan mijn ogen. Maar toen ik eenmaal begon met het doorbladeren van oude foto's zag ik het zelf ook opeens..

Ik heb niet alleen haar ogen, maar ook haar mond, haar glimlach en - tot voor kort toen de zwaartekracht en ongezonde lunches hun tol nog niet opgeeist hadden- haar gezicht.

Daarmee wil ik mijn vader overigens niets tekort doen, ook hij heeft een prominent zichtbare bijdrage aan mijn uiterlijke kenmerken weten te leveren : de wereldberoemde <insert achternaam> neus. Nog bedankt daarvoor Pa!

Ik sta hier vandaag niet voor jullie om te rouwen om mijn moeders dood, ik sta hier om haar leven te vieren. Aan mij nu de gevoelsmatig onmogelijke opgave om het leven van mijn moeder de laatste eer te bewijzen op een manier die recht doet aan de vrouw die zij was.

Mijn moeder was een veelzijdige vrouw. Creatief, warm, hartelijk en vol compassie en begrip. Voor de mensen die mij al wat langer kennen zal het niet echt een verrassing zijn dat ik vooral in mijn tienerjaren heel wat beslissingen genomen heb die voor mijn ouders veel zorgen en verdriet met zich meebrachten. Als ik dan weer eens vol schaamte en verdriet bij mijn ouders aanklopte was het altijd mijn moeder die zonder iets te zeggen een troostende arm om mij heen sloeg. Geen verwijten, geen 'zie je wel' ..gewoon een eenvoudige troostende arm.

Die verwijten volgden overigens vaak een dag later alsnog wel, als mijn moeder écht iets op haar lever had dan kreeg je dat uiteindelijk absoluut te horen in een niet mis te verstane preek. Haar woorden konden op die momenten meer pijn doen dan de tik die ik eigenlijk zwaar verdiend had. Een eigenschap die ik - zo heb ik mij laten vertellen - zelf ook heb.

Het leven van mijn moeder werd gekenmerkt door ups en downs, zoals ieder mensenleven die kent. Die downs waren vaak van fysieke aard, maar klagen deed mijn moeder daarover nooit. Nog sterker, zelfs vanuit haar ziektebed in het Laurentius ziekenhuis was haar invloed op het huishouden van de familie <insert achternaam>  - toen nog op de Pannenstaartweg in Maasbracht - altijd duidelijk voelbaar. Mijn moeder was ten alle tijde de drijvende kracht achter ons gezin en regeerde haar domein met liefdevolle maar ferme hand.

De ups lopen als een rode draad door mijn herinneringen heen, iets waar ik alleen maar dankbaarheid voor kan voelen. Mijn zus refereerde al eerder aan onze jaarlijkse zomervakanties op Mallorca, een plek waar ook voor mij talloze waardevolle herinneringen liggen. Onze wandelingen over de boulevard, de etentjes bij bar Lago en de uitstapjes naar bijvoorbeeld Porto Christo en Manacor staan voor eeuwig in mijn geheugen gegrift. De autoritjes waarin mijn moeder de eeuwige bemiddelaar speelde tussen de achterbank (mijn zus en ik) en mijn vader zal ik ook nooit vergeten, het zal bij lange na niet gemakkelijk zijn geweest om alle leden van de familie <insert achternaam> met de neus (daar issie weer!) dezelfde kant op te laten kijken. Mijn moeder kreeg dat probleemloos voor elkaar, keer op keer.

Toen ik aan het nadenken was over deze voordracht kwam er als vanzelf een moment van enige maanden geleden naar boven drijven, het was één of twee dagen na het bekend worden van die verschrikkelijke diagnose die als een sloopkogel door ons gezin heen ging. Ik kwam binnen in de woonkamer en gaf mijn moeder zoals een gewoonlijk een kus en een knuffel, waarbij ik haar net iets langer en steviger tegen mij aantrok dan gebruikelijk.

"Ach Maurice, dit is niet het einde van de wereld" fluisterde zij toen in mijn oor. Zelfs op dát moment was mijn moeder meer begaan met mijn verdriet dan met haar eigen verschrikkelijke lot. Een sprekender voorbeeld van de vrouw die zij tot aan het bittere einde is gebleven kan ik niet geven; Zichzelf wegcijferend om bij andere mensen het leed te kunnen verzachten , zo was mijn moeder op en top.

Als we vroeger in gelukkiger tijden kwamen te spreken over de dood was mijn moeder altijd heel stellig in haar uitspraken :

 

"Sjtaek mich mer in de hoaf" ( NL vertaling : gooi mij maar in een gat in de achtertuin)

Zei ze dan.

Mama, het spijt mij dat we dat niet voor je hebben kunnen doen. Ik denk dat deze plek in de vrije natuur en dichtbij één van je hartsvriendinnen waar je in het verleden al afscheid van hebt moeten nemen het dichtsbij komt van alle mogelijkheden die er waren.

Je laat ons in verslagenheid maar ook in dankbaarheid voor de tijd die we samen hebben mogen doorbrengen. Als ik aan je denk is dat met een traan én een glimlach, en ik zal de jaren die wij samen hebben gedeeld voor altijd blijven koesteren.

Dag lieve mama, ik mis je.

Confiteor : Mea maxima culpa

 

 

Mea Culpa is een Latijnse uitdrukking, letterlijk vertaald "mijn schuld", of "mijn eigen schuld". Om deze zin kracht bij te zetten kan het woord "maxima" worden toegevoegd, wat resulteert in "mea maxima culpa," vertaalbaar als "mijn grote schuld".

 

De uitdrukking komt van origine uit een traditioneel gebed van de Westerse Rooms-katholieke Kerk, genaamd 'Confiteor' ('Ik beken'), waarin iemand zijn fouten tegenover God bekent.

 ( bron )

Zwijgend staar ik naar het bed waar de schaduw van wat eens mijn ijzersterke moeder was ligt te woelen en te ijlen terwijl ik in mijn hoofd een coherente gedachte probeer te formuleren. Dit gesprek - dit is belangrijk. Ik krijg maar één kans om dit goed te doen, whatever 'goed' in deze kutsituatie ook moge zijn. Mijn ogen dwalen door de woonkamer en ontmoeten die van mijn vader. we vangen elkaars blik op terwijl we luisteren naar het verhaal van de huisarts. Ik zie de vermoeidheid en de pijn die schuil gaan achter de zo vertrouwde stoïcijnse blik op zijn gezicht terwijl we beide haar woorden in ons opnemen.

We zitten hier op mijn verzoek. Ik heb namelijk enkele dagen geleden een briefje achter gelaten in de zorgmap van mijn moeder gericht aan de hoofdverpleegkundige en huisarts. De inhoud loog er niet om, je zou kunnen zeggen dat het een persoonlijke smeekbede was. Even los van de verschrikkelijke ziekte die mijn moeder voor onze ogen heeft laten wegteren: het gaat niet goed in huize <insert achternaam here>. Mijn vader loopt echt op zijn laatste reserves en vertoont een fors aantal symptomen van een klassieke depressie. Hij heeft al een slechte rug en het continue helpen en tillen van zijn vrouw heeft die conditie verergerd, mijn zus schiet heen en weer tusen emotionele uitbarstingen en overrationaliseren maar is er wel voor mijn ouders en weet zich staande te houden. En ik? Ik heb geen fucking idee hoe ik er echt voorsta. Het gaat wel, denk ik. Hoop ik.

Het gesprek heeft als hoofdonderwerp 'hoe het met mijn moeder gaat' (goh) en meer in het specifiek de zorg die zich nodig heeft. Haar toestand is zorgwekkend, de ziekte heeft snel om zich heen gegrepen en dit heeft zowel mentaal als fysiek haar tol geëist. De tijd is gekomen om het over iets onuitspreekbaars te hebben : wat is voor mijn moeder de best mogelijke zorg die zij zou kunnen krijgen in haar laatste levensdagen? Mijn vader kan en wil niet praten over een eventuele permanente opname in een 24u zorgkliniek; niet omdat hij de realiteit niet onder ogen wil zien maar omdat hij mijn moeder een belofte heeft gedaan maanden geleden toen ze nog helder was : "Ik ga je niet in een instelling wegstoppen". En hij wil en gaat zich aan die belofte houden , zonder enig voorbehoud.

Pa en ik hebben het al eerder over die belofte gehad. Ik ken mijn vader en ik weet dat een belofte voor hem heilig is; daarom heb ik hem een uitweg geboden. Een uitweg die voor mij waarschijnlijk heel wat slapeloze nachten met zich mee gaat brengen. Ik heb mijn vader namelijk op mijn beurt ook een belofte gedaan : Als het moment gekomen is ben ik degene die de verantwoordelijkheid neemt zowel naar de zorg  als naar mijn moeder. Ik wil ook zelf degene zijn die het aan mijn moeder vertelt mocht het moment daar zijn. Als er in dit verhaal dan toch een schuldige moet of gaat zijn, dan ben ik dat.

Ja, het martelaarschap is mij nog altijd niet vreemd vrees ik :P

De huisarts rond haar verhaal af met omfloerste stem en de hoofdverpleegkundige knikt mij even toe. Ik schraap mijn keel. Daar gaan we dan.

"Pa, ik kan niet weten hoe dit voor je voelt. Ik weet dat jij je belofte aan Mama nooit zal verbreken, en dat ga ik ook niet van je vragen. De reden waarom wij hier nu met zijn vieren zitten is omdat ik mijn belofte aan jou - en indirect aan mijn moeder ook niet ga verbreken. Ik ga niet langer toekijken vanaf de zijlijn hoe jij hier kapot aan gaat en Mama had dit niet van ons gevraagd als zij dit had kunnen voorzien. Dit gaat om jou en om haar. Je weet dat er een wachtlijst is en we kunnen niet langer wachten. Ik ben hier om aan de huisarts te vragen om die spoedprocedure nu in gang te zetten, dan kan het nog dagen duren eer er een plaats vrij komt op een plek waar Mam de medische zorg kan krijgen die zij nodig heeft om op een waardevolle manier afscheid te kunnen nemen".

De fysieke reactie die mijn woorden teweeg brachten was hartverscheurend. Mijn vader is een forse man, maar even zat er een klein bang jongetje tegenover mij.

"Iedereen heeft het de hele tijd over mij maar ik wil wat het beste is voor mijn vrouw!"

"Dat wil ik ook Pap. En daarom zitten we nu hier om dit te bespreken. Vertrouw alsjeblieft op mijn beoordelingsvermogen en denk aan de belofte die ik je gedaan heb. Dit is mijn keuze, mijn verantwoordelijkheid. Je hebt mij die toestemming gegeven, ik sta ook op het zelfbeschikkingsformulier. Ik doe dit voor jullie beide, omdat het moet. Ik hoop dat je mij begrijpt en vertrouwt en dat we geen.."

"Ja".  Daar was het dan, dat ene woordje. Dat ene woordje waar ik mijzelf in de komende maanden aan ga kunnen troosten. Dit is mijn keuze, mijn verantwoordelijkheid.

Dat laatste zinnetje schiet ook door mijn hoofd als ik een half uur later naast het bed van mijn moeder sta. We zijn alleen, mijn vader heb ik naar de supermarkt kunnen sturen met een boodschappenlijstje en op dit tijdstip is er ook niemand van de zorg aanwezig. Mijn moeder glimlacht even naar mij als ik mij over haar heenbuig om haar een kus te geven en het neusprik ritueeltje uitvoer dat we al samen hebben sinds ik een jochie van een jaar of vijf was. De tranen schieten in mijn ogen als ik denk aan het gesprek dat we nu gaan hebben. "Mam.."

"Ik weet het al." "Dat begrijp ik mam, maar ik wil dat je één ding goed begrijpt. Dit komt van mij. Ik heb die keuze gemaakt, ik heb dit geregeld. Als je over een paar dagen opgenomen wordt dan is dat mijn schuld , Papa kan hier niets aan doen. Hij wil dit niet." De tranen lopen over mijn wangen maar ik blijf mijn moeder recht in haar ogen aankijken. Dit is mijn keuze, mijn verantwoordelijkheid - en die neem ik.

"Aan alles komt een eind."

Ik kan een waterige glimlach opbrengen bij het horen van die oude vertrouwde uitspraak en geef haar een kus. Even ligt haar voorhoofd rustig tegen mijn borstkast in een laatste, verstilt moment van pure liefde tussen Moeder en Zoon.

 

mea culpa,
mea culpa,
mea maxima culpa.

 

 

Puscifer - Man op de maan?

 

Day gives way to night
On the storefront mannequins
The audience with Mona Lisa grins
Moonlight builds emotion
As the players scuttle in
Pull the curtain back and let the show begin

'Tiny Monsters'  ,  Puscifer


Puscifer is het soloproject van Maynard Keenan, bekend als frontman van Tool en A perfect circle. Het is meer dan alleen een gefrustreerde rockzanger die zo nodig een soloalbum wil uitbrengen van nummers die zijn afgekeurd door zijn ' echte'  band - of misschien ook wel niet. Feit is dat geen enkel project of nummer waar hij ooit zijn stem aan heeft verbonden verder van eerder genoemde bands af staat dan Puscifer, en dan niet alleen omdat de scheurende gitaren nagenoeg compleet ontbreken. Interessant is dat juist het enige raakvlak tussen bijvoorbeeld Tool en Puscifer (te weten de theatrale liveshows) tevens laten zien hoe zeer ze van elkaar verschillen. Tool heeft een overdonderende lichtshow en psychedelische projecties die perfect aansluiten op de bij vlagen duistere klanken van de muziek, terwijl Puscifer .. (ik wil de verrassing nog niet bederven).

Puscifer staat is in ieder geval mijlenver verwijderd van alle projecten waar Maynard bij betrokken is geweest in de afgelopen 20 jaar. Er zijn zeker verwijzingen te vinden naar zijn andere projecten; zo is 'Horizons' tekstueel gezien een afsluiter van het eerdere drieluik 'Jimmy' (Tool) , 'Judith' ( A perfect circle) en 'Wings for Marie / 10.000 days' - (wederom Tool) waarin het verhaal over Judith Marie Keenan wordt afgesloten met een prachtige tekst die leest als een gedicht - zie bijvoorbeeld dit citaat :

Dust devil swept you away
Whirling playful dancing
About you
What's left of you is
Ash and urn and this
Silent
Horizon
Dust devil swept you away
It's still not real
Ash and urn and silence

'Horizon' - Puscifer

Aan de andere kant is Puscifer veel - bij gebrek aan een beter woord -  'speelser' dan APC en Tool ooit zouden  kunnen zijn. Zie bijvoorbeeld de melige promotiefilmpjes van Maynard als 'Major Douche' , de tekstuele lofzang op voluptueuze dames van 'Queen B' ("Booty better thick-a-licious / Shake it like she's fearless / This lovely lady got the thickness / Can I get a "Hell, yeah?") of de puberale albumtitels ( 'V is for Vagina, Moneyshot etc etc) ; het lijkt er bijna op alsof Maynard moeite heeft om zijn echte eigen 'ik' als artiest te laten zien en daarbij humor in de breedste betekenis van het woord als een soort van schild inzet. Het geeft Puscifer een bijna schizofreen karakter, iets waar zeker in de huidige liveshow ook duidelijke mee gespeeld wordt.

Vanaf het moment dat je de zaal binnenloopt vallen er twee zaken op : het drumstel dat prominent vooraan op het podium staat , en de grote boksring die bijna de gehele achterzijde van het podium vult. De gemiddelde bezoeker die - net zoals ik-  niets gelezen heeft over de stageshow denkt naar alle waarschijnlijkheid nog iets van 'goh , zoals gebruikelijk staat Maynard weer eens achteraan op het podium' . En : dat klopt. Maar .. er zit meer achter.

Op het aangekondigde tijdstip gaan de lichten uit en begint er een promofilm te draaien met Maynard in zijn rol als Major Douche waarin hij behalve een ontzettende hoeveelheid aan sarcastische bullshit ook nog even aan het publiek meld dat filmen , fotograferen en het maken van geluidsopnames wat hem betreft volstrekt 'verboten' zijn en dat overtreders afgevoerd zullen worden. Wat ik ook daadwerkelijk heb zien gebeuren overigens, waarvoor hulde. Persoonlijk ben ik het namelijk spuugzat om concerten alleen nog maar te kunnen volgen via het scherm van de mobiele telefoon in de handen van de persoon die toevalligerwijze voor mij staat. Opa golzuam weet namelijk nog hoe het was om concerten te bezoeken in het pre-mobieltjes tijdperk en verlangt daar bijna wanhopig naar terug :)

Vervolgens gaan de stagelights aan waarna het publiek getrakteerd wordt op 4 Amerikaanse show-wrestlers (M/V) in vol ornaat die  -met als achtergrond typische cartoongeluidjes!- een klein half uur lang bloedserieus met elkaar de strijd aangaan terwijl het publiek in algehele verbijstering toekijkt en zich steeds ongemakkelijker begint te voelen door het totale gebrek aan context. Na dat half uur verschijnt de band op het podium en begint te spelen alsof er niets aan de hand is, terwijl om hen heen de worstelaars afwisselend losgaan op elkaar of plaatsnemen aan de zijkant van het podium op de daarvoor aangelegde tribune. Het effect van een band die statisch en strak bloedserieuze, gevoelige nummers staat te spelen tegen de backdrop van schaars geklede worstelaars (m/v) die helemaal op elkaar losgaan is sterk vervreemdend, vooral omdat er geen enkele interactie zichtbaar is tussen band en eh laten we het maar 'performance artists' noemen - het is alsof ze zich niet bewust zijn van elkaars bestaan.

Dan heb ik het nog niet eens over het moment waarop alle muziek stopt, er een mini ring aan de voorkant van het podium wordt geplaatst waarin twee robothanen gezet worden die dan met elkaar gaan vechten terwijl de band  er naast zittend weddenschappen zit af te sluiten. Waarna er ook weer zonder enige context doorgespeeld wordt terwijl de roadies de ring en hanen weer verwijderen zodra het gevecht is afgelopen.. En zo zitten er meer surrealistische elementen door het hele optreden heen gevlochten, als Monty Python in hun beste dagen (live at the Hollywood Bowl ! )

Mischien ten overvloede maar ik wil het toch even gezegd hebben : muzikaal staat de show als een huis. Vooral de vocalen van Carinna Round zijn de moeite van het vermelden meer dan waard, haar stem vormt de onmisbare tegenhanger van Maynard's stem. Ik kan mij geen enkele andere zangeres voor ogen halen die qua stemgeluid zo goed bij zijn stem zou passen en ook qua on stage persona lijkt zij meer dan opgewassen tegen de presence van de kleine grote man.

Het optreden dat ik bijgewoond heb heeft mij ter dege aan het denken gezet, wat stiekem misschien ook wel gewoon de bedoeling is. Regulier gesproken bedient Maynard zich van een bijtende vorm van humor (de Tool interviews zijn legendarisch in dat opzicht) maar zijn hele Puscifer persona lijkt gebaseerd op het 'spelen' met verwachtingen en emoties in de breedste zin van het woord. In dat opzicht heeft het wel iets weg van de episches standup shows van een andere persoonlijke held van mij (en toen hij nog leefde een persoonlijke vriend van Maynard en de overige leden van Tool) : Bill Hicks. Het filmpje waar ik naar link geeft een vrij duidelijk beeld van de stijl die Hicks hanteerde, de parallellen naar de manier waarop Maynard zich profileert als de zanger van Tool zijn vrij eenvoudig te zien. Zowel Bill als Maynard hebben in interviews regelmatig laten vallen dat ze beide liefhebbers zijn van het werk van een andere grote (tegenwoordig bijna vergeten) Amerikaanse comedian/ performance artis : Andy Kaufman.

En hier is waar ik een soortement van Eureka moment beleefde in mijn bespiegelingen over de huidige liveshow van Puscifer (en waar ik de titel van deze post gedeeltelijk van gejat heb) : Er is een (geromantiseerde) film gemaakt over het leven van Andy Kaufman die in je jaren '90 een ware cultfilm bleek te zijn : Man on the Moon. Ik kan hier nog alineas wijden aan de specifieke stijl van 'comedy' die Kaufman hanteerde, maar ik verwijs liever door naar de film die echt fucking briljant is - één van mijn persoonlijke top 3 films. Vooral de performance van hoofrolspeler Jim Carrey is verbluffend goed, en er is ook nog de titelsong die  in de zomer van '92 een belangrijk deel van de soundtrack van dat jaar vormde.

Maar goed. Eén van de belangrijkste punten die aan bod komen in de film zijn de Show Wrestling praktijken van Andy Kaufman. Uit de Wikipedia link van eerder :

Kaufman decides to become a professional wrestler—but to emphasize the "villain" angle, he would wrestle only women (hired actresses) and then berate them after winning, declaring himself "Inter-Gender Wrestling Champion." He becomes smitten with one woman he wrestles, Lynne Margulies (Courtney Love), and they begin a romantic relationship.

Problems arise when an appearance on a live TV comedy show, ABC's Fridays, turns into a fiasco when Kaufman refuses to speak his lines. Also, the wrestling Kaufman enjoys getting a rise out of the crowds and feuds publicly with Jerry Lawler, a professional male wrestler, who challenges Kaufman to a "real" wrestling match, which Kaufman accepts. Lawler easily overpowers and seriously injures Kaufman, resulting in the comedian wearing a neck brace. Lawler and an injured Kaufman appear on NBC's Late Night with David Letterman, theoretically to call a truce, but Lawler insults Kaufman, who throws a drink at the wrestler and spews a vicious tirade of epithets. It is later revealed, however, that Kaufman and Lawler were in fact good friends, and staged the entire feud, but despite this, Andy pays a price when he is banned from Saturday Night Live by a vote of audience members, weary of his wrestling antics

Andy leefde zijn Kunst. Bovenstaand verhaal is een 'grap'die uitgesponnen werd over verschillende jaren  die tot bijna tien jaar na zijn dood geheim gebleven is, denk daar maar eens goed over na :) . Zelf zei hij daar ooit over (wederom uit het Wikipedia artikel, zie je wel dat het nut heeft om die linkjes daadwerkelijk te volgen beste lezer(es) ?) :  "I just want to play with their heads"

De hele liveshow van Puscifer lijkt rondom een zelfde concept ontstaan te zijn, en er is eigenlijk geen twijfel mogelijk over het feit dat de worstel-act rondom het optreden van de band een verwijzing naar het werk van Kaufman vormen. Tijdens het schrijven van deze post (ja, ik probeer mijn eigen vage gedachtenspinsels altijd te checken) kwam ik nog een interview tegen waarin Maynard zefs letterlijk zegt :

"Especially for Puscifer, they’re on for the ride. They get that there’s a very Andy Kaufman approach to what we’re doing, so they enjoy it."

Bovenstaande verhaal is dan weer in zijn geheel te linken aan iets waar ik al een jaar of twintig een bovenmatige interesse in toon : Chaos Magie. De beschrijving uit het voorgaande artikel dekt in mijn ogen niet in zijn geheel de lading aangezien het zich richt op 'echte magie' (als je daarin zou geloven), maar laten we het er op houden dat het hier niet om magie in de traditionele betekenis gaat. Geen toverspreuken of rituelen, alleen een filosofie. Chaos Magisters benaderen de realiteit als een kunstmatige constructie van ons bewustzijn - ze geloven dan ook dat je tot op zekere hoogte vorm kan geven aan de realiteit en dan meer specifiek in door middel van je houding en gedrag. Andy Kaufman, Timothy Leary en Aleister Crowley zijn wat bekende en goed gedocumenteerde voorbeelden van Chaos Magiërs - hoewel de eerste twee dat waarschijnlijk zouden ontkennen aangezien er aan het woord 'magie' meteen een fantasy of Wicca associatie vastzit. In deze context wordt het woord echter gebruikt is haar letterlijke betekenis : 'kunst van het manipuleren van de werkelijkheid' , iets waar dus in principe geen enkel spiritueel component mee verbonden hoeft te zijn. Zo kan bijvoorbeeld het nuttigen van alcohol (en andere drugs waarvan iedereen wel weet dat deze op zijn minst de perceptie van de werkelijkheid veranderen) een vorm van Magie zijn - ironisch genoeg zie je dit ook terugkomen binnen bijvoorbeeld de Katholieke Hoogmis waar het drinken van wijn eh ik bedoel het bloed van Jezus Christus een hoogtepunt vormt.  Dit sluit dan ook weer prima aan bij de teksten die Maynard voor Tool geschreven heeft, lees bijvoorbeeld de teksten van 'Third Eye' of 'Reflection' er maar eens op na - ze vormen een prachtige weergave van een artistieke geest op zoek naar zingeving. Daarmee zou Puscifer misschien wel het Magnus Opus   van Maynard kunnen vormen, zijn eigen Grote Werk als artiest. Let wel, dat hoeft niet persé zijn beste werk te zijn, maar het lijkt er in ieder geval op dat hij voor het eerst in zijn carriere alle verschillende invloeden en persoonlijke aspiraties heeft weten samen te smeden tot iets dat in ieder geval één geheel vormt en tot nadenken stemt.

Niet slecht voor een ouder wordende rockzanger wiens bekendste project al 10 jaar (!) geen nieuwe muziek meer uit heeft gebracht..

 

 

 

 

 

Boem is ho

 

 

Some days are dry, some days are leaky
Some days come clean, other days are sneaky
Some days take less, but most days take more
Some slip through your fingers and on to the floor
Some days you're quick, but most days you're speedy
Some days you use more force than is necessary
Some days just drop in on us
Some days are better than others
Some days it all adds up
And what you've got is enough
Some days are better than others.

~ Some days are better than others , U2

 

Iedere keer als ik denk dat ik het dieptepunt wel bereikt heb weet het leven mij weer te verrassen met een nieuwe curveball, alsof god toch bestaat opeens en ergens vanaf een wolkje omlaag kijkt en iets denkt van ' owwww dus jij dacht dat dit het dieptepunt was? GUESS AGAIN MOTHERFUCKER'  (ja, god klinkt als Samuel L Jackson in mijn hoofd) waarna er weer een nieuwe tegenslag als een duveltje uit een doosje tevoorschijn springt.

Ja, nog meer shit. Momenteel sta ik nog stijf van de adrenaline, en omdat plaatjes nu eenmaal vaak meer zeggen dan woorden (en zelfs mij ontschieten de woorden even die mij in staat zouden stellen om een coherent verhaal neer te pennen) presenteer ik bij deze bewijsstuk A :

 

Dit is wat er overgebleven is van mijn nieuwe auto. Koud twee maanden in mijn bezit, en nu niets meer dan een wrak. En hoewel ik momenteel financieel even geen enkele uitweg meer zie uit mijn huidige situatie is dat niet wat mij het meest dwars zit aan deze situatie. Dat dit ongeluk NIET mijn schuld was maar dat de bestuurder die mijn spin veroorzaakte gewoon is doorgereden : onwijs kut en de zoveelste slag in mijn gezicht, maar in het grotere geheel bekeken ookvolstrekt  niet relevant. Vanavond gingen er namelijk een gedachte door mijn hoofd die ZO donker en nihilistisch was dat ik hier iets mee moet, en wel NU.

Als je goed kijkt naar bovenstaande foto (gecropped om de anonimiteit van de medewerker van BergNed te waarborgen) zie je een deuk ter hoogte van de deurgreep. Die deuk is veroorzaakt door een paal die ik tijdens mijn spin geraakt heb, en die paal is tot op 10 centimeter van mijn hoofd gekomen. En toen mijn auto eindelijk stil stond schoot er maar één simpele gedachte door mijn hoofd :

Had die paal mij maar geraakt. Pats, boem, zwart, dood. Rust. Geen verdriet meer , geen pijn meer, geen nieuwe tegenslagen meer die mij omlaag trekken in die donkere draaikolk naar beneden. Gewoon , niets meer.

En ja, ik schrok mij wezeloos van die gedachte. Ik kan hem plaatsen en begrijpen maar alsnog siddert de schrik na tot in mijn poriën. Als ik uit AL deze shit van de afgelopen jaren een positieve boodschap, een eye-opener heb weten te extraheren dat is het wel dat je jezelf iedere dag moet realiseren hoe breekbaar, kwetsbaar en fragiel deze ene kans op LEVEN die we als mens krijgen (tenzij je in reincarnatie geloofd dus, maar ik geloof in ...niets...) is. Of in de woorden van Maynard van Tool in ' Parabol / Parabola'  :

Recognize this as a holy gift and celebrate this chance to be alive and breathing

Maar ik voel dat dus niet zo momenteel. En dat, dat maakt mij pas echt doodsbang. Daarom val ik nu terug op een oude en vertrouwde methodiek : ik schrijf het op, analyseer en deconstrueer het totdat ik het helemaal kan wegrationaliseren.

Want morgen, ondanks alle ellende die er in de komende maanden onvermijdelijk nog op mijn pad komt : morgen ga ik er weer en nog steeds zijn. Ik haal namelijk nog steeds adem, en dus ga ik Leven.

 

 

 

 

 

Bespiegelingen , realisaties en klaagzangen

 

 

Generally we are a lonely people
Generally we are alone
Generally we are alone in lonely worlds
Generally we are a lonely people
Generally we are alone, alone…
Generally we are alone in lonely worlds
Generally we are a lonely people
...Generally we are alone
Generally we are alone.


Peace to you

'Feather' , Devin Townsend

Terwijl de donder traag en dreigend over mij heen rolt  staar ik naar het wegdek dat helverlicht wordt door de koplampen. Als vanzelf controleer ik mijn spiegels en geef richting aan terwijl mijn gefragmenteerde gedachten  en emoties alle kanten opvliegen als de regendruppels die uiteenspatten op de voorruit. Dit...dit is slecht nieuws. Dit is HEEL slecht nieuws. En opeens is er die herinnering, levensecht voor mijn geestesoog. Ik ben nu de man in huis, nog niet de pater familias maar dan ook alleen maar in naam niet. De tijd is aangebroken om terug te geven wat mijn ouders tijdens mijn eerste levensjaren aan mij hebben geschonken, mijn onvoorwaardelijke steun en liefde.

Er zijn van die momenten waarvan iedereen weet waar hij of zij was toen het nieuws bekend werd. Ik heb al verschillende van dergelijke momenten meegemaakt tijdens mijn leven , van het ontploffen van de Challenger (ik was 11 en in de woonkamer van mijn ouderlijk huis, ik stond tussen de eetkamertafel en de bank in) via de val van de Berlijnse Muur (ik zat in een fauteuille voor de Tv in mijn ouderlijk huis) en de aanslagen in de VS in 2001 (ik zat in de smartshop waar ik toen werkte aan de balie achter mijn Pc) tot aan de moord op Pim Fortuyn (ik was aan het werk op de Amerpoort en was in de gedeelde woonkamer aan het opruimen). Er is nu dus nog een moment bijgekomen : het moment waarop ik hoorde dat mijn moeder zal gaan sterven. Ik zat op de bank, in mijn eigen woonkamer in mijn eigen huurwoning. Het is bijna grappig hoe al die momenten zo achter elkaar gezet niet alleen het verhaal van mijn generatie vertellen, maar ook mijn eigen verhaal.

De emoties en beelden blijven door mijn hoofd tollen terwijl ik de vertrouwde A2 richting Utrecht  afzoef. Het beeld van mijn moeder in het ziekenhuisbed, fragiel en murw van de mentale shock. Mijn vader, die ik nog nooit eerder zo hulpeloos en wanhopig gezien heb. En beide kijken ze naar mij voor hulp, voor troost, voor leiderschap. Ik kan dit. Ik moet dit kunnen.  Het is tijd om een Man te worden en te zijn,tijd om niet alleen mijn eigen leven op orde te brengen en te houden - maar ook om mijn ouders te steunen en te begeleiden tijdens deze donkere reis die maar één mogelijke bestemming heeft, geen restitutie mogelijk.

En hoewel ik mij voor het eerst in mijn leven misschien zelfs wel echt eenzaam voel (niet te verwarren met alleen zijn, daar heb ik nooit problemen mee gehad) voel ik tegelijkertijd een innerlijke veerkracht opborrelen die ik in tijden niet door mijn aderen heb voelen vloeien. Het moment is daar, de puber is eindelijk dood - hier is de Man.

 

 

Blokkade (reprise)

 

 

Ticking away the moments that make up a dull day
You fritter and waste the hours in an offhand way.
Kicking around on a piece of ground in your home town
Waiting for someone or something to show you the way.
Tired of lying in the sunshine staying home to watch the rain.
You are young and life is long and there is time to kill today.

And then one day you find ten years have got behind you.
No one told you when to run, you missed the starting gun.

So you run and you run to catch up with the sun but it's sinking
Racing around to come up behind you again.
The sun is the same in a relative way but you're older,
Shorter of breath and one day closer to death.
Every year is getting shorter never seem to find the time.
Plans that either come to naught or half a page of scribbled lines
Hanging on in quiet desperation is the English way


The time is gone,
the song is over,


Thought I'd something more to say.

~Time , Pink Floyd ( Dark side of the Moon )

 

Ooit, inmiddels 8 jaar geleden ben ik dit blog begonnen als een experiment. Schrijven doe ik al mijn hele leven, en ik wilde graag een soortement van online verzameling aanleggen van mijn schrijfsels. De toon werd eigenlijk al vanaf de allereerste post gezet, dit blog bleek de perfecte plaats om het gevecht met mijn innerlijke demonen en plein public uit te vechten. Veruit de meeste van die gevechten heb ik denk ik uiteindelijk wel gewonnen, sommige waren een gelijkspel en een enkel gevecht heb ik verloren - en dat is geen schande.
 
Toch, enige tijd geleden - om precies te zijn rondom mijn eerste Thailand blogs - begon ik een innerlijke weerstand te voelen die ik nog nooit eerder bij mijzelf bemerkt had. Ik weet nog goed dat ik jaaaaaaaaaaren geleden met mijn toenmalige beste vriendin een ontzettend diep en intens gesprek voerde over het schrijven, en over mijn probleem dat ik alleen echt goed schrijf als ik emotioneel volledig kapot ben. Er was een specifieke serie postings die ik aan het schrijven was op dat moment waarbij de laatste post maar niet kwam, iedere keer als ik begon ... kwam er niets. In dat gesprek kwam ik tot het verhelderende inzicht dat mijn hele ' gekwelde kunstenaarsact' meer tegen mij werkte dan dat er iets moois uit leek te ontstaan. Ginnegappend noemde ik dat indertijd het Kurt Cobain syndroom, met de kanttekening dat ik daadwerkelijk ' don' t have a gun '. Ik realiseerde mij plots dat het voor mij als mens en schrijver echt totaal contraproductief is om mijzelf naar een donkere emotionele plek te moeten brengen om te kunnen schrijven. Het levert alleen maar een enorme berg en zwaar emotionele bagger op - en ik ga eerlijk zijn : een deel van die bagger is echt fucking goed geworden! - en heeft er voor gezorgd dat ik een innerlijke weerstand ben gaan opbouwen tegen het schrijven an sich.
 
Los daarvan : je bent een schrijver van niks als je alleen kan schrijven als je er helemaal doorheen zit.
 
Zoals hieronder te lezen valt heb ik helaas nooit een weg hier omheen gevonden. Mijn reisverhalen vormen achteraf bezien een kroniek van mijn pogingen om een echt, oprecht verdriet te vertalen in een serie verhalen die misschien dan wel treurig van aard zijn  maar alsnog gericht zijn op de toekomst, het licht aan het einde van de tunnel, de opkomende zon na een lange winternacht. Met wisselend succes.
 
En nu? Nu heb ik de langste writersblock ooit. Genoeg ellende in de afgelopen jaren (zie mijn laatste twee postings :P ) maar .. er komt niets.
Maar nu is opeens alles anders. Ik sta aan de vooravond van een reis die iedere volwassene in zijn of haar leven een of twee keer zal moeten doormaken. Ik ben kapot, kapot van verdriet , kapot van de lange weg die ik voor mij zie. Kapot van het naderende afscheid dat met de snelheid van het licht op mij afkomt. Radeloos, wanhopig, stuurloos.
 
En plots is zij daar weer : mijn Muze, de helleveeg die aan haar ketenen rammelt in een poging om los te breken. En ik denk dat ik haar laat gaan, ik wil haar grenzeloze inspiratie weer door mijn aderen voelen razen, ik wil weer met mijn ogen wijd opengesperd over de donkere rand van de afgrond heen springen in het onbekende en kijken wat het oplevert. Zien dat de woorden weer rechtstreeks op mijn scherm terechtkomen zonder dat " ik "  daar ogenschijnlijk ook maar enige invloed op kan uitoefenen.
 
Het is nooit mijn bedoeling geweest om van dit blog een klaagbaak te maken, en ik hoop dat het dat in de ogen van een toevallige lezer ook niet is. Het is eerder een weergave van mijn innerlijke Odyssey en Ilias, maar wees gewaarschuwd :
 
Ik vrees dat ik nu pas echt de inktzwarte nacht induikel. En ik kan alleen maar hopen dat ik mijn innerlijke dramaqueen ver genoeg heb weten te temmen zodat zij mij niet meer dwars gaat zitten.
 
To be continued...
 
 
 

Vonnis

There should be a word for that brief period just after waking when the mind is full of warm pink nothing. You lie there entirely empty of thought, except for a growing suspicion that heading towards you, like a sockful of damp sand in a nocturnal alleyway, are all the recollections you'd really rather do without, and which amount to the fact that the only mitigating factor in your horrible future is the certainty that it will be quite short.
~ Terry Pratchett, Mort

Toen ik naar aanleiding van de eerste serie onderzoeken voor de 2e keer binnen een week mijzelf terugvond in de behandelkamer van "mijn" oogarts was mijn gemoedstoestand op zijn zachtst gezegd enigszins bedrukt. In principe had ik de uitslag niet nodig om mij te vertellen wat ik al lang wist : op drie dagen tijd was ik zo goed als het complete zicht in mijn rechteroog kwijt geraakt. Voor goed.

Ik bestudeerde het gezicht van de (bovengemiddeld aantrekkelijke, dat dan weer wel) vrouw tegenover mij zorgvuldig terwijl ze zich hakkelend door haar analyse heen werkte, duidelijk niet op haar gemak vanwege de slechte boodschap die ze te brengen had. En ik? Ik wachte rustig op de woorden die ik in mijn hart allang kende maar die mijn verstand niet wilde horen : Slechte prognose. Geen behandeling mogelijk. Naar alle waarschijnlijkheid functioneel blind. Drie zinnen die tesamen het vonnis vormden die vanaf nu een vaststaand feit zijn geworden.

Artsen (en ik heb er inmiddels al wat leren kennen in de afgelopen jaren) hebben ieder zo hun eigen stijl, en deze vrouw had iets zachts en breekbaars in haar fermheid - wat ik erg kon waarderen (en dan niet alleen vanwege de 'chickie' factor). In sommige opzichten leek het gesprek voor haar zwaarder te vallen dan voor mij, achteraf bedacht ik mij dat het uiteraard ook niet vaak zal voorkomen dat ze een relatief jong iemand  dergelijk slecht nieuws moet overbrengen. Mijn case zal wel besproken worden op een congres van oogspecialisten vanwege de zeldzaamheid van de aandoening - andere mensen winnen de loterij, dit is wat het leven mij toe werpt. En dat kan ik zonder enige vorm van cynisme schrijven merk ik met enige verbazing.

Ik ben een beetje moe van alle gesprekken die ik hierover met alles en iedereen schijn te moeten voeren. Ja, ik kan er vooralsnog redelijk mee omgaan. Maar het continu hervertellen van hetzelfde verhaal, de continue stroom van sympathie en medelijden - het is vermoeiend. De complimenten over hoe ik hier mee om weet te gaan vallen - hoe goed bedoeld en gemeend dan ook- mij inmiddels ook wel zwaar.

Ik ben geen fucking heilige alleen maar omdat dit hele gedoe mij niet gereduceerd heeft tot een armlastig hoopje ellende dat jankend in bed blijft liggen de hele dag. Nee. soms merk je helemaal niets aan mij, maar ja ik heb mijn donkere momenten en gedachtes écht wel. Maar dat zijn de dingen die mensen helemaal niet willen horen omdat het ze compleet uit hun comfort zone zou halen en ze niet meer zouden weten wat te zeggen of te doen. Soms voel ik de neiging om eens écht te zeggen wat ik denk en voel, over dat specifieke moment dat ik mij realiseerde dat na 13 jaar mijn oog de strijd opgegeven had en ik bijna mijn zelfbeheersing verloor in een vlaag van ongerichte woede op alles en niets. Of over de ochtenden dat ik mijn ogen niet open wil doen en wel kan janken omdat ik weet dat het eerste wat ik zie het gigantische verschil in zicht tussen mijn twee ogen zal zijn. Of over die keren dat ik opsta uit bed en prompt mijn evenwicht verlies omdat mijn hersenen de input nog niet kunnen verwerken. Of misschien wel die ene zwartgallige avond met iets teveel alcohol in mijn systeem waarop ik diegene die mij dit in eerste instantie heeft aangedaan vervloekt heb tot in de binnenste cirkel van de hel aan toe - terwijl ik niet eens gelovig ben.

Dat is allemaal eigenlijk ook niet relevant. Ik heb inmiddels al geleerd dat het niet uit maakt wát je in je leven allemaal tegen komt, het is hoe je er mee omgaat. Dat is een levensles die ik al gehad had, en het zijn momenten als deze die de lakmoes proef zijn voor je levenshouding en idealen. Misschien is dit wel de volgende les die ik te leren heb : het is verdomde moeilijk om je niet in een slachtofferrol te wentelen als je daadwerkelijk een soort van slachtoffer bent. Ik geef niet toe, wat er verder ook nog op mijn pad komt. Mijn schaduwkant en ik, wij zijn door de jaren heen dikke matties geworden en komen hier samen wel uit. Wat het voor de toekomst inhoud behalve nog een shitload aan ziekenhuis bezoekjes? Geen idee. Het enige dat ik zeker weet is dat ook dit mij niet zal breken, ik ga door.

Zoals altijd.

 

 

 

In het land der blinden..

 

 

Dit is 'm dan, mijn rechteroog. Onderwerp van een inmiddels al jarenlange durende haat/liefde verhouding. Liefde, omdat hij mij trouw heeft gediend als de helft van mijn persoonlijke venster op de wereld. Haat, omdat hij -buiten zijn schuld om- mij heeft verraden. Hij is namelijk stuk gegaan, terwijl we een stilzwijgende afspraak hadden om dat niet te laten gebeuren. Hij heeft het toch gedaan.

Dus gaan mijn oog en ik sinds deze week weer de hele medische mallemolen in. Dokter, specialist, misschien zelfs wel een chirurg. Het is best interessant allemaal hoor, die foto's maken met contrastvloeistof (er waren tijden dat ik mij ernstig moest bezondigen aan niet nader te noemen geestverruimende substanties om de hallucinaties op te wekken die een dergelijke behandeling met zich mee kan brengen), misschien  wel weer een MRI er achteraan (ook een erg interessante ervaring kan ik je verzekeren) ..maar ja. Gaat het er echt iets aan veranderen? Of is dit nu gewoon maar weer wat het is?

En dus zijn de eerste secondes van iedere nieuwe dag nu volledig gewijd aan de haat/liefde verhouding met mijn rechteroog. Liefde, omdat ik er nog steeds 'iets' mee kan zien door het gemankeerde deel van mijn venster op de wereld. Haat, omdat na 12 jaar de blinde vlek 'ineens'  groter geworden is en dreigend in mijn blikveld hangt als een permanente herinnering aan die ene -bijna fatale- ochtend in de lente die nu al weer zo lang geleden lijkt.

 

edit : voor de mensen die nieuwsgierig zijn naar de aanleiding van bovenstaand verhaal een handig linkje  :Klik (voorwaarschuwing : lang emo verhaal)

 

 

 

Dagboek van een Reiziger : Epiloog

"These memories of who I was and where I lived are important to me. They make up a large part of who I’m going to be when my journey winds down. I need the memory of magic if I am ever going to conjure magic again. I need to know and remember, and I want to tell you.”
Robert McCammon, Boy's Life

 

Tsja. Er rest mij nog één verhaal dat ik wil vertellen met betrekking tot mijn Thailand avonturen, maar waar ik tot nu toe niet de moed voor heb weten te vinden. En toch, toch moet en hoort het hier te staan. Het is het noodzakelijke einde.

De laatste week van mijn trektocht door Thailand brachten we met zijn drieën door op het prachtige Ko Payam, zoals ik al eerder schreef. Foto's doen de prachtige natuur, de azuurblauwe zee en de perfecte stranden geen recht, het is misschien wel één van de mooiste plekken op aarde. Toch is het nog een relatief rustig eiland, de meeste toeristen kiezen voor de wat bekendere feesteilanden waardoor de sfeer op Ko Payam veel gemoedelijker en rustiger is. 's Avonds gaan de generatoren gewoon uit (geen stroom meer!) waarna het zingen van de krekels het enige geluid is dat je hoort terwijl je lui achterover in je hangmat nog even een boek leest. Douchen doe je onder de sterrenhemel met regenwater dat de hele dag in de tropische zon heeft kunnen opwarmen en met betrekking tot vervoer heb je twee opties : lopen of een scooter zien te huren in het enige echte 'dorpje' dat het eiland rijk is. Toch merkte ik na een dag of twee op dat er een donker rouwrandje kleefde aan dit aardse paradijs, duidelijk zichtbaar als je maar weet waar je moet kijken.

Misschien herinner je je de beelden van de verwoestende tsunami tijdens de tweede kerstdag 2004 nog van tv, het was namelijk nogal een big deal indertijd. Een ramp waarbij 230.000 mensen zijn omgekomen, de het grootste deel hiervan in Indonesië en Thailand. Ko Payam ligt aan de westkust van Thailand en lag dus midden in het spoor van vernieling dat deze natuurramp achter  zich liet. En inderdaad, in de junglebegroeïng die alles heeft weten te overwoekeren in de tussenliggende jaren zie je overal de littekens. Boomstompen, resten van de vroegere bebouwing, en -het blijft Thailand- voorouderaltaars waar een zeegodin de centrale rol speelt. De paar locals met wie ik sprak hadden allemaal mensen verloren die Kerst. Het bleek dat het meerendeel van de huidige bewoners - een stuk of 200 - allemaal familieleden waren van de oorspronkelijke bewoners van het eiland. Van de mensen die in 2004 op Ko Payam woonden was namelijk helemaal niemand meer in leven, behalve een aantal geluksvogels die niet daadwerkelijk op het eiland verbleven toen het noodlot toesloeg. De mensen die nu de lokale bevolking vormden waren vaak neven of kinderen van de oorspronkelijke bewoners die naar het eiland gekomen waren om daar een nieuw bestaan op te bouwen in de voetstappen van hun voorgangers.

Ik merkte tijdens deze laatste ogenschijnlijk ontspannen week dat ik door mijn eerste rouwfase heen leek te zijn, de initieële shock die de dood van mijn trouwste vriend had veroorzaakt had plaats gemaakt voor een intens verdriet en het rationele besef dat het tijd werd om de draad -voorzichtig-  weer op te pakken. Terwijl de dagen voorbij vlogen in een aangename afwisseling van snorkelen, wandelen, luieren en drinken met Anne en Patrick begon ik ook al voorzichtig vooruit te kijken naar mijn terugkeer naar Nederland. Terug naar mijn vrienden, Selene, en dat huis waar al die herinneringen op mij lagen te wachten. Ik begon ook wat slechter te slapen en lag uren lang naast Anne in bed (handjes boven de dekens) naar het bamboo plafond van onze bungalow te staren terwijl de gedachten door mijn hoofd vlogen. Pepper. Werk. Alleen zijn. Geen richting, geen focus. Tijdens mijn op één na laatste nacht op het eiland (Anne en Patrick zouden nog een paar dagen langer blijven) was ik het piekeren zat en besloot om voor een nachtelijke wandeling op het strand te gaan om op die manier mijn hoofd wat leger te maken zodat ik nog wat slaap zou kunnen meepakken voordat de zon opkwam. Mijmerend en genietend van de prachtige sterrenhemel kwam ik als vanzelf op het strand terecht, waar ik het mijzelf gemakkelijk maakte om wat water te drinken en te roken terwijl de volle maan recht  boven mij majestues de oceaan in een sprookjesachtig licht zette.

Ik dacht aan Pepper en ik begon als vanzelf te huilen. Nooit meer zou ik hem kunnen aaien, knuffelen of mijn gezicht diep in zijn vacht begraven en aan hem ruiken. Nooit meer die kwispelende staart als ik thuis kwam van mijn werk. Nooit meer zijn warme lijf tegen mij aan in bed. Nooit meer die koude neus tegen mijn hand. Nooit meer, nooit meer, nooit meer.. En toen was er opeens achter mij een zacht gekraak aan de rand van de jungle. Ik keek om en zag door mijn tranen heen een zwerfhond met twee puppies er achteraan tussen de bomen en struiken door mijn kant op komen. Moeder stopte even, keek mij scherp aan met haar neus omhoog om even te ruiken wie ik was en liep vervolgens in een rechte lijn naar mij toe met de pups er vlak achter. Toen ze voor mij stonden gebeurde er opeens iets dat ik nooit, maar dan ook nooit meer zal vergeten. Mama pakte één voor één de pups voorzichtig bij het nekvel om deze vervolgens op mijn schoot te laten vallen, waarna ze er met haar neus nog even voor zorgde dat ze goed lagen. Als vanzelf begon ik die krioelende  levende hoopjes op mijn schoot te aaien terwijl de tranen nog harder over mij wangen begonnen te rollen. Dit - dit was teveel. Dit was te perfect.

Ik heb er geen idee van hoe lang ik die nacht nog op het strand heb gezeten met de pups op mijn schoot. Het moet uren geweest zijn, achter mij zag ik de nachthemel al langzaam verbleken tot wat binnen een uurtje het ochtendgloren zou zijn. Mijn tranen waren op dat punt allang opgedroogd, alles was er - letterlijk - uit. En nog steeds waren er die twee vertederende puppies die op mijn schoot in slaap gevallen waren terwijl mama voor mij tegen mijn voeten aan lag te slapen.

Weet je , ik geloof niet in god. Nooit gedaan ook. Mijn dagen als psychonaut hebben mij wel een hang naar het spirituele en magisch filosofische meegegeven, hoewel ik in principe een volstrekte atheist ben. Ik zie mijzelf als open minded. Toch heb ik er moeite mee om de gebeurtenissen van die nacht een plekje te geven en ze te kunnen duiden, het is namelijk iets dat je in een roman leest en waarbij je je ogen even naarboven rolt terwijl je 'yeah..right' mompelt. Maar ik zweer het op alles wat mij lief is : dit was echt. Dit was het moment waarop er iets in mij heelde.

 

Dit was het begin van de lange weg terug naar huis.

 

 

Pages

Powered by Drupal

Theme by Danetsoft and Danang Probo Sayekti inspired by Maksimer